Geen tijd om aardig te zijn

Oud worden in een Nederlands verpleeghuis is tegenwoordig een zeer geschikt onderwerp voor een KRO-programma als Ongelooflijke verhalen. Vroeger moesten we zulke verhalen uit Roemenië en Albanië importeren, maar inmiddels lijkt Nederland aardig bezig de achterstand in te halen. Ook wij hebben nu oudjes die we schoppen, slaan, aan bed vastbinden en in hun uitwerpselen laten verkommeren.

Overdreven? Dat staat te bezien. De KRO heeft in korte tijd twee afleveringen van Ongelooflijke verhalen met zulke horror-story's kunnen vullen. Bejaarden vertelden hevig geëmotioneerd hoe ze hun partner soms hadden aangetroffen in het verpleeghuis. Vermagerd, uitgedroogd en onder de brandplekken van de hete thee. Een vrouw had haar man maar weer mee naar huis genomen, nadat ze hem vastgebonden in een douchecel had gevonden.

Een man vertelde een verhaal dat juist door zijn gematigdheid indruk maakte. De patiënten, onder wie zijn demente vrouw, werden in het tehuis wel goed verzorgd, maar er was geen tijd om iets met hen te ondernemen. Ze hingen de hele dag aan tafel te suffen. “Ik noem dat de dodenkring”, zei hij. Hij nam zijn vrouw driemaal per week mee naar huis om samen met haar bijvoorbeeld naar kinderprogramma's op de tv te kijken.

Mevrouw S. Buis, een verpleegkundige, heeft er een boek over geschreven onder de titel: 'Geen tijd om aardig te zijn'. “Je deed alsof je vragen niet hoorde”, vertelde ze. “Je wordt door de werkdruk ongeduldig. Ik heb wel eens een tik gegeven, sommige collega's gaven een klap in het gezicht.”

Rogier van Boxtel, vice-fractievoorzitter van D66, haastte zich om olie op de golven te gooien. “Die dingen gebeuren soms”, zei hij, “maar ik ben in veel tehuizen geweest waar de mensen goed behandeld werden.” Toch gaf hij toe dat er de afgelopen jaren 'te weinig geld naar de ouderenzorg is gegaan'.

Maar is het wel een geldkwestie? Dat bleef onduidelijk. Televisie is altijd beter in het benoemen van een probleem dan in het analyseren ervan. Zo'n op zichzelf interessante uitzending eindigt zeer onbevredigend in een baaierd van tegenstrijdige meningen. Paul Rosenmöller vond dat er geld bij moest, maar trok tegelijkertijd de efficiency in de zorgsector in twijfel. Een mevrouw citeerde uit een brief van staatssecretaris Terpstra die erop wees dat de tehuizen veel geld in hun reserves oppotten. “Ze hebben al fors extra geld gekregen”, bevestigde Van Boxtel, “maar het geld moet daarheen waar de problemen het grootst zijn, en dat is moeilijk.”

Kortom, we kwamen er niet uit, en daarom wilde ik nog even wachten met het aanschuiven in de dodenkring. Liever word ik lid van het IOC: daar moet je ook bejaard voor zijn en er wordt buitengewoon goed voor je verzorgd. De kwestie van RTL 5 zond de omstreden CBS-documentaire uit over deze, in de woorden van Anton Geesink 'ontzettend fijne organisatie'.

We kregen te horen hoe de 118 IOC-leden, inclusief een oud-minister van Defensie onder Idi Amin, bedolven worden onder cadeaus van kandidaat-steden voor de organisatie van de Spelen. “Een passieve vorm van omkoping”, zei een ingewijde. “De winnende stad verdient er ook veel aan”, reageerde Samaranch.

Presentator Pauw vertelde dat, afgezien van de onvermijdelijke Rosenmöller, geen enkele politicus (“zelfs niet van de VVD”) commentaar had willen leveren op de kwestie van het IOC en Willem-Alexanders lidmaatschap. Hoefde ook niet. Dat commentaar kennen we toch wel. Ik verwacht dat we over vijftig jaar in het dagboek van Rita Kok kunnen lezen: “Wim zuchtte onder het eten: ik wou dat we er nooit aan waren begonnen.”

Viel er, alle treurnis ten spijt, ook nog wat te lachen? Jazeker. De VPRO wijdde een aflevering van Wat is nou....? aan orale seks. Daarin vertelde het echtpaar Herman (de schrijver) en Tanja Brusselmans zo openhartig en geestdriftig over orale seks dat het me niets verbaasd had als ze er een demonstratie bij cadeau hadden gedaan.

Herman bekende dat hij met impotentieverschijnselen kampt. “Maar ik panikeer er niet over. Met de mond, de borsten en de oksels kun je een enorm scala van seksuele activiteiten ontplooien. De tong is oppermachtig aan de penis.”

Die troost konden vooral de ouderen onder ons gisteravond wel gebruiken.