De dokter

NAAM: Douwe de Vries

BEROEP: huisarts Oud-West, Amsterdam

LEEFTIJD: 47 jaar

“Een fiets, dat is gewoon het ideale vervoermiddel. Een fantastisch ding. Ik rij zo'n twintig kilometer per dag. In de binnenstad van Amsterdam ben je met de fiets gewoon altijd het snelst. Ik heb het uitgetest. Binnen een kwartier ben ik bij de mensen. Alleen voor de buitenwijken pak ik de auto. En als ik vrij ver moet en het regent. Een dokter die helemaal verzopen bij zijn patiënten aankomt, dat is ook zo shabby. “Gek genoeg wordt er van een auto veel meer vertraging geaccepteerd dan van een fiets. Komt door zijn trage imago. Als ik in spoedgevallen eerst mijn fiets ga vastzetten, zie je de mensen raar kijken. Terwijl het vinden van een parkeerplaats veel meer tijd kost. Bij echte spoed sleur ik mijn fiets desnoods de gang mee in. Ik wil hem niet kwijt. “Deze transportfiets is uniek. En heel handig. Mijn tas kan op de PTT-drager, zo wordt dat ding genoemd. Eigenlijk is mijn fietsje te goed, daarom gaat het ook altijd op slot. Aan vorige fietsen, meestal oude damesmodellen, was ik veel minder gehecht. Een stuk of zes zijn er de afgelopen twintig jaar gejat. Maar ach, fietsen blijft relatief heel goedkoop. “Fietsen in de stad is een enorm gevaarlijke onderneming. Amsterdam is gewoon niet gebouwd voor auto's. Je wordt regelmatig bijna geplet tussen paaltjes en vrachtwagens. Daarom kies ik vaak voor de stoep. Als ik echt haast heb, rij ik wel eens door rood. Een bekeuring heb ik nog nooit gehad. Voor zulke dingen hebben de politiemannen in Amsterdam helemaal geen tijd. Een blauw zwaailicht op mijn fiets? Nee joh, dat is helemaal niet nodig. Op de fiets kun je altijd wel ergens tussendoor.”