Chinese zaken

DE ZAKEN WAREN belangrijk genoeg om een echte minister te sturen. De staatssecretaris van Handel (minister vanaf het passeren van de landsgrens) mocht thuis blijven. China heeft zich weten te beschutten tegen de Aziatische crisis en ontpopt zich in versneld tempo als het land van de ongekende mogelijkheden.

Een missie-Wijers werd vorig jaar getorpedeerd als gevolg van pogingen van het Nederlandse voorzitterschap om de Europese Unie te verenigen op een veroordeling van het mensenrechtenbeleid van de Chinezen. Frankrijk en Duitsland weigerden steun en Nederland bleef met de brokstukken zitten. De scherven zijn inmiddels weer gelijmd met een redelijk succesvol bezoek van minister Wijers en vertegenwoordigers van het grote bedrijfsleven als resultaat.

Wijers heeft voor een bescheiden opstelling gekozen. De tijd van de klaroenstoten over de Chinese markt is alweer aan het verlopen. De obstakels zijn groot, de toekomst is onzeker. Een toezegging, zelfs een getekend papier is geen garantie dat beloftes ook spoedig zullen worden ingelost. ING-bank moet haar verzekeringspoot nog even laten bungelen, maar in wezen geldt dat voor ondernemers met min of meer afgesloten transacties evenzeer. De tegenvoeter is een logge bureaucratie die weliswaar veel markt in zijn retoriek doet, maar voor wie anderszins openheid en rendement nog onwennige begrippen zijn.

KPN HEEFT UIT zakelijke overwegingen er verstandig aan gedaan rechtstreeks contact te zoeken met een bureaucratie die meer dan andere autonoom is: het Chinese Volksleger. Dat is met het oog op de publieke opinie (referentie: het bloedbad op het Plein van de Hemelse Vrede in 1989) een gevoelige kwestie - zoals eerste man Wim Dik aangeeft te onderkennen. Zijn kwalificatie dat het leger slechts een uitvoerder van beleid is en dat als je praat met de leiding er geen reden is om met de neus dicht aan de uitvoerder voorbij te gaan, is geen teken van diepgaand inzicht in de Chinese verhoudingen. Maar voor het sussen van een Hollands kwaad geweten lijkt zij ruim voldoende.

Afgelopen weekeinde hebben de ministers van Buitenlandse Zaken van de Europese Unie besloten het jaarlijkse ritueel van een veroordeling van China achterwege te laten. Na de breuk van vorig jaar was dat de enige uitweg om de notie van eensgezindheid overeind te houden, maar er is meer. De gebeurtenissen van 1989 zijn geschiedenis, er zijn voldoende aanwijzingen van verbeterd Chinees gedrag om als alibi voor toenadering tot Peking te dienen. Ten slotte is de geloofwaardigheid van sancties en kritische dialogen, niet alleen die ten aanzien van China, sterk verminderd. De ommezwaai van het Europese bewindsliedencollectief - ook demonstrant Denemarken liet zich niet meer horen - kwam op tijd om de missie-Wijers en KPN's Dik voldoende rugdekking te geven na terugkeer in Nederland.