Bovenmeester Jeltsin overhoort falende regering

MOSKOU, 26 FEBR. De zitting hield het midden tussen een ouderwetse Sovjet-partijbijeenkomst en een showproces, al wacht de zondebokken geen strafkamp. Maar ritmisch geklap, adhesiebetuigingen uit de provincie en ellenlange redevoeringen deden vanmorgen in Moskou oude tijden herleven.

Als een norse bovenmeester overhoorde president Boris Jeltsin vandaag voor de televisiecamera's zijn regeringsploeg over de tegenvallende economische prestaties. Met notitieboekjes op schoot, pen in de aanslag, maakten ministers en belastinginspecteurs, maar ook de directeur van de Centrale Bank en het hoofd van de nieuwe KGB zich op voor het cruciale examen. “Vandaag zullen we de schuldigen bij naam noemen. Aan het eind van deze sessie telt de regering drie leden minder”, sprak Jeltsin dreigend. En hij zei: “Kom met zelfkritiek!”, wat klonk als een verre echo van Stalin, die zijn slachtoffers de meest bizarre schuldbekentenissen liet afleggen.

Maar toch is de breuk met het verleden van ongekende proporties: spreker na spreker riep zichzelf uit tot kampioen van het kapitalisme. Wie heeft het meeste staatsbezit geprivatiseerd? Wie legt de vrije ondernemers het minste in de weg? De staat moeten minder uitgeven en meer belasting innen!

Het drietal dat een onvoldoende te wachten stond, en dus ontslag, zal zonder veel moeite een veilig heenkomen vinden in de zakenwereld. Zo heeft de vorig jaar ontslagen minister van Privatisering, Maksim Boiko, nu een beter betaalde baan als directeur van een reclamebureau. In januari dreigde Anatoli Tsjoebais, de hoofdarchitect van de overgang naar het kapitalisme, zijn vice-premierschap in te ruilen voor een dure baan in het bedrijfsleven als hij nog langer als kop van jut moest dienen voor het bestuurlijke onvermogen.

Premier Viktor Tsjernomyrdin - niet in de gevarenzone - legde rekenschap af, doorspekt met mea culpa's en uitroepen in de trant van “zo kan het niet langer”. Rusland is namelijk amper bestuurbaar, een feit waarvoor Jeltsin zijn kabinet verantwoordelijk houdt. Het kabinet schuift de schuld af naar de Doema, waarin oud-, ex- en neocommunisten en nationalisten, de economische wetgeving weten te dwarsbomen.

Obstructie van de Doema en de financiële crisis in Azië hebben ertoe geleid dat Jeltsins al zijn oude doelen voor 1997 dit jaar heeft moeten herhalen: 1998 wordt het jaar van de economische groei, van de belastinghervorming, enz, enz. “We moeten breken met ons surreële belastingsysteem”, maande Tsjernomyrdin. Zijn regering wandelt in “een financiële mist”.

Dat “onze mislukkingen groter zijn dan onze successen” ligt aan minister van Economische Zaken Oerinson, zijn collega Fradkov van Buitenlandse Handel, en vice-premier Serov. Maar of ze moeten worden geofferd is vooralsnog onduidelijk, want Jeltsin liep vanochtend onaangekondigd en plotseling weg vóór het uitspreken van een slottoespraak die door Tsjernomyrdin was aangekondigd. Een regiefout, volgens de een. Volgens anderen was hij brommerig en ontevreden omdat hij zich had laten ompraten de falende ministers toch maar aan te laten blijven. Volgens het Kremlin zelf moest de Moskouse bovenmeester collega Koetsjma uit de Oekraïne ontvangen en een radiorede opnemen. Alle mindere goden zijn nog even aangebleven.

Bureau van de Ceremoniemeester Cobeenrdineert de voorbereiding van alle inkomende evenementen en de evenementen buiten Nederland. Ceremoniemeester: H.G. Beentjes.