Het Akkoord; Bagdad, 23 februari 1998

1. De regering van Irak herbevestigt dat zij alle relevante resoluties van de Veiligheidsraad aanvaardt, daarbij inbegrepen de resoluties 687 (1991) en 715 (1991). De regering van Irak herhaalt verder haar toezegging dat zij volledig zal samenwerken met de Speciale Commissie van de Verenigde Naties (UNSCOM) en het Internationale Agentschap voor Atoomenergie (IAEA).

2. De VN herhalen dat alle lidstaten zich verplichten de soevereiniteit en territoriale integriteit van Irak te eerbiedigen.

3. De regering van Irak zegt toe UNSCOM en IAEA onmiddellijke, onvoorwaardelijke en onbeperkte toegang te verlenen overeenkomstig de resoluties genoemd in paragraaf 1. Bij de uitoefening van haar mandaat krachtens de resoluties van de Veiligheidsraad, zegt UNSCOM toe de legitieme zorgen van Irak met betrekking tot zijn nationale veiligheid, soevereiniteit en waardigheid te eerbiedigen.

4. De VN en de regering van Irak komen overeen dat de volgende bijzondere procedures van toepassing zullen zijn op de eerste en volgende visitaties (...) van de acht Presidentiële Plaatsen in Irak (...): a. Voor dit doel zal een Speciale Groep in het leven worden geroepen door de secretaris-generaal in overleg met de uitvoerend voorzitter van UNSCOM en de directeur-generaal van IAEA. Aan het hoofd van de groep zal een commissaris staan die wordt benoemd door de secretaris-generaal. b. Bij de uitvoering van haar werkzaamheden zal de Speciale Groep te werk gaan volgens de gangbare procedures van UNSCOM en IAEA en speciale, gedetailleerde procedures die nog zullen worden vastgesteld gezien het bijzondere karakter van de Presidentiële Plaatsen, in overeenstemming met de relevante resoluties van de Veiligheidsraad. c. Het verslag van de Speciale Groep over haar activiteiten en bevindingen zal door de uitvoerend voorzitter van UNSCOM worden voorgelegd aan de Veiligheidsraad via de secretaris-generaal.

5. De VN en de regering van Irak komen verder overeen dat alle andere gebieden, faciliteiten, apparatuur, documenten en vervoermiddelen onderworpen zijn aan de tot dusverre vastgestelde procedures.

6. Gezien de vooruitgang die UNSCOM heeft geboekt op uiteenlopende terreinen van ontwapening, en de noodzaak om de inspanningen te intensiveren ten einde haar mandaat te volvoeren, komen de VN en de regering van Irak overeen om de samenwerking, doelmatigheid, effectiviteit en doorzichtigheid van de werkzaamheden te verbeteren, om UNSCOM in staat te stellen met spoed verslag te doen aan de Raad. (...)

7. Opheffing van de sancties is duidelijk van het grootste belang voor het volk en de regering van Irak en de secretaris-generaal heeft toegezegd deze kwestie onder de volle aandacht te brengen van de leden van de Raad.