Schaatsers wacht ontnuchtering na olympische roes

Bondscoach Gemser vraagt zich wanhopig af hoe hij zijn pupillen bij de les houdt na de meest succesvolle Spelen aller tijden. Maar na alle huldigingen zullen de schaatsers ontdekken dat de flirt met de commercie zijn beperkingen kent.

NAGANO, 23 FEBR. Met gemengde gevoelens kijkt Henk Gemser naar het feestgedruis dat de Nederlandse schaatsploeg na aankomst op Schiphol te wachten staat. Dagenlang zullen veel van de zestien schaatsers in beslag worden genomen door rituele dansen na de triomfen die ze de afgelopen twee weken in Nagano vierden. Vooral de medaillewinnaars Gianni Romme, Ids Postma, Bob de Jong, Jan Bos, Marianne Timmer en Rintje Ritsma zullen van de ene huldiging naar de andere worden gesleept en van het ene televisieprogramma naar het andere hollen.

En dat gaat allemaal ten koste van de training, want het seizoen zit er nog lang niet op, onderstreept Gemser. “Hoe houd ik ze vanaf nu bij de les”, vraagt de bondscoach van de mannen allround zich af. “Hoe houd ik ze op de rails. Ik hoef ze de komende dagen niet steeds te controleren, maar we worden er wel weer op afgerekend als we over een paar weken geen prijzen halen. Een jongen als Gianni heeft in de aanloop naar wedstrijden rust nodig, maar als je ziet wat hij de komende dagen allemaal moet doen. Hij moet geen gezeur aan z'n kop hebben en het is allemaal gezeur.”

Romme zal daarom ontbreken op de Nederlandse kampioenschappen allround, aanstaand weekeinde in Deventer, waardoor hij zich ook niet kan plaatsen voor de WK allround half maart in Heerenveen. Ritsma en Postma zijn al aangewezen voor de WK allround. Gemser: “Er was niks mooiers geweest dan die drie in Heerenveen te laten rijden. Dan had je een nieuw stadion kunnen bouwen.”

De Olympische Spelen vormen het hoogtepunt van het schaatsseizoen en voor Nederland zal Nagano 1998 als de meest succesvolle Winterspelen in de herinnering blijven, maar dat neemt niet weg dat er nog een paar belangrijke toernooien voor de deur staan. Gemser: “Ik heb de jongens vooraf duidelijk gemaakt dat dit seizoen drie hoogtepunten kent: de Winterspelen, de WK allround in Heerenveen en de WK afstanden in Calgary. We hebben er daar nog maar één van gehad, we zijn dus nog niet eens op de helft.”

Gemser hoopt dat hij zijn ploeg (Romme, Postma, De Jong, Hersman) volgend seizoen bij elkaar kan houden. Geruchten over schaatsers die privé-ploegen zouden willen beginnen, waren in Nagano niet van de lucht. Desondanks heeft Gemser geen enkele aanwijzing dat een van zijn jongens de allroundploeg zal verlaten. “Ik ben beschikbaar voor dit werk”, zei hij over verlenging van zijn contract, “als de ploeg intact blijft. En die kans is redelijk groot”.

Gemser is bang dat sommige schaatsers zich een beetje gek hebben laten maken door de zoete geur van het succes en de commercie die daar als een vlieg op een pot stroop op afkomt. “Natuurlijk worden ze ook een beetje geïnfecteerd door al het oranje in De Telegraaf”, zegt de bondscoach met verwijzing naar de pagina's van 's lands grootste krant die dagelijks vers in het Holland House werden opgeprikt. “Ze denken dat het over twee maanden nog zo is, maar dan is alles weer door elkaar geschud. Om hun sportieve kwaliteiten worden ze dan nog wel gewaardeerd, maar dan zijn we weer met andere dingen bezig.”

Financiële eisen aan het adres van de schaatsbond (KNSB) die sommige medaillewinnaars al direct bij persconferenties na afloop van de wedstrijden in de M-Wave op tafel legden, kunnen niet worden losgezien van de grotere mogelijkheden die er zijn om eigen ploegen op te zetten. Rintje Ritsma en Bart Veldkamp waren de pioniers. Chef de mission van de olympische ploeg Ard Schenk sprak zaterdag over een toenemende privatisering van de topsport. “Daar moeten we ons niet tegen verzetten.” Voor sommige atleten kan het volgens Schenk dé manier zijn om zich zo optimaal mogelijk voor te bereiden op evenementen als de Olympische Spelen. “Het zou me een lief ding waard zijn als niemand naar een privé-team zou gaan, maar het is een ontwikkeling die we niet kunnen tegenhouden.”

Gemser heeft met zijn mannen nog niet over commerciële avonturen gesproken. “Ids is wel bewust van zijn marktwaarde, maar gaat niet op jacht naar een fractie meer. Hij is een echte liefhebber.” Romme zit anders in elkaar. Hij wees erop dat de salarissen van schaatsers schril afsteken bij die van voetballers en tennissers. “Dat is een volstrekt krankzinnige vergelijking”, zei KNSB-voorzitter Wim Schenk. “Het schaatsen is vier of vijf keer per jaar met grote wedstrijden in beeld. Dat kun je niet vergelijken met voetbal en tennis.”

Als Romme met Gemser wil spreken over een commercieel avontuur, zal Gemser hem met genoegen “het landschap beschrijven”. “Ik ben niet zo commercieel ingesteld, maar ik kan wel een goede analyse maken.” Gemser wijst op de “moeizame route” van Bart Veldkamp, die sponsors zocht als een naald in een hooiberg, en op het privé-teamavontuur van Falko Zandstra, “waar ook geen voorbeeldfunctie van uitgaat”. Rintje Ritsma heeft het volgens de bondscoach goed voor elkaar. “Maar zoals hij zich weet te handhaven, met alle druk in het sportieve circuit en de commerciële belangen daarbij, dat is maar weinigen gegeven. Als je een privé-ploeg begint, mag je geen compromissen sluiten. Je moet op alle fronten kwaliteit aanbieden en dat is niet gering. Het begeleidingsteam - met een mentale trainer, een diëtist, een fysiotherapeut, een dokter en logistieke ondersteuning - moet perfect zijn.

Rintje Ritsma en zijn coach Wopke de Vegt weten daar alles van. “Ik weet wat het kost om met één schaatser op pad te gaan. Als je zoiets als ploeg wil doen, heb je het over miljoenen guldens”. Geld mag volgens De Vegt nooit de aanleiding zijn om een commercieel avontuur aan te gaan. Bij Ritsma en Veldkamp was dat niet het geval. Ritsma vertrok bij de KNSB omdat hij zich zo optimaal mogelijk op grote toernooien wilde voorbereiden, op zijn manier. Danzij Sanex en een aantal kleinere sponsoren werd hij daartoe in de gelegenheid gesteld, tegen een riante vergoeding. Veldkamp was de moordende selectiepraktijken in Nederland beu en rijdt nu, in een privé-team, voor België. De Vegt: “Als je een prive-team begint, moet geld ondergeschikt zijn. Geld alleen houdt een ploeg ook niet overeind.”