Ondanks voorziening Azië-crisis; Forse winstgroei NIB

ROTTERDAM, 23 FEBR. De Nationale Investeringsbank (NIB) legt 77 miljoen gulden opzij, met name om de gevolgen van de crisis in Azië het hoofd te bieden. In 1996 was slechts een algemene voorziening van 50 miljoen noodzakelijk. Een andere, incidentele kostenpost voor de NIB is de betrokkenheid bij de beursfraude, die de bank 8 miljoen gulden aan reorganisatiekosten heeft gekost.

Ondanks deze tegenvallers liet de NIB over 1997 een flinke winstgroei zien. De bank boekte een nettoresultaat van 222 miljoen gulden, tegen 156 miljoen een jaar eerder. De NIB noemt het afgelopen jaar 'uiterst succesvol' en voor 1998 verwacht de bank een verdere winstgroei. Terwijl de nettowinst met 42 procent toenam, steeg het balanstotaal met 16 procent tot 23 miljard gulden.

Het geschonden vertrouwen als gevolg van de beursfraude is volgens de NIB 'in belangrijke mate' hersteld. De Nationale Investeringsbank werd via dochter NIB Securities betrokken in het justitiële onderzoek. Dit onderzoek had betrekking op de periode voor 1993, toen de effectendochter onder de naam NIB Strating in handen was van een van de hoofdverdachten in de fraudezaak. Ondanks de betrokkenheid verdubbelden de effectenactiviteiten, die inmiddels van NIB Securities naar de NIB zelf zijn overgeheveld, tot 84 miljoen gulden.

Het bankbedrijf zorgde met 310 miljoen gulden (plus 19 procent) voor het merendeel van de baten. Het participatiebedrijf (van de bank Parnib Holding) zag de baten van 58 miljoen tot 120 miljoen gulden oplopen. De portefeuille deelnemingen steeg met 15 procent tot 940 miljoen.

De baten als gevolg van de activiteiten van de adviestak van NIB steeg met bijna 10 procent tot 25 miljoen gulden.

Vorige maand liet NIB nog weten geen plannen te hebben om voorzieningen te treffen voor de Aziatische crisis. De bank stelt nu dat de bestaande kredieten in de probleemlanden (zoals Indonesië en Maleisië) minder dan 5 procent van de kredietportefeuille (totaal 16,8 miljard) omvat. Volgens een zegsman is 'een substantieel deel' van de voorziening van 77 miljoen gulden bestemd om de financiële crisis in Azië op te vangen. De bank stelt dat de getroffen voorzieningen “naar het zich thans laat aanzien ruimschoots voldoende” zijn. De uitstaande leningen vormen circa eenderde van het garantiekapitaal van de bank.

De bank liet vanochtend verder weten dat het aandeel in vijf delen gesplitst zal worden. Sinds 1993 is de koers ruim verdrievoudigd en het aandeel sloot afgelopen vrijdag op 235 gulden. Met de splitsing wil de NIB niet alleen de verhandelbaarheid vergroten, maar het is ook een eerste stap om de nominale waarde van het aandeel in de toekomst 1 euro te laten bedragen. Na de splitsing op 30 juni bedraagt de nominale waarde, die in de praktijk van gering belang is, 2 gulden. De aanpassing aan de waarde van de euro zal later gebeuren. Over 1997 wordt een dividend van 7,80 per gewoon aandeel betaald.