Tweede gen gevonden dat een rol speelt bij geslachtsbepaling

Al sinds jaar en dag is men geobsedeerd op zoek naar de genen die ervoor zorgen dat iemand een man of vrouw wordt, de genen dus die de geslachtelijke differentiatie bepalen. In 1990 leek die queeste voorbij toen men ontdekte dat een gen op de korte arm van het Y-chromosoom bepaalt of de ontwikkeling van het embryo al dan niet in de mannelijke richting wordt gestuurd. Dit gen werd de 'Sexe determinating Region Y' genoemd, het SRY-gen.

Later bleek echter dat er individuen zijn die zich, ondanks een intact SRY-gen, ontwikkelen tot een vrouw. Er moest dus nog een ander gen zijn dat de mannelijke differentiatie kan keren. Een paar jaar geleden bleek dat een verdubbeling van bepaalde genen op de korte arm van het X-chromosoom hierbij een rol speelt. In dat gebied, de 'Dosage Sensitive Sex reversal-region' of DSS-regio, moesten zich dus een of meer genen bevinden die het geslacht kunnen omkeren.

Op de betrokken plek van het X-chromosoom bevinden zich meer genen, maar het daar gelegen DAX1-gen leek steeds de beste kandidaat. Dat komt doordat een beschadiging in dit gen een aangeboren bijnierschorsuitval veroorzaakt, waardoor onder andere de uitscheiding van mannelijke geslachtshormonen vermindert. DAX1 leek dus een interessante kandidaat voor een geslachtsomkering.

Medewerkers van het Britse National Institute for Medical Research hebben nu transgene muizen gecreëerd met een extra kopie van het DAX1-gen. Zo wilden zij bewijzen dat een dubbele dosis DAX1-genen een vrouwelijke ontwikkeling op gang zet (Nature, 19 februari). Het bleek dat de testisontwikkeling bij deze transgene muizen inderdaad vertraagd verliep, al was er niet direct iets merkbaar van een geslachtelijke omkering. Toen echter tegelijk de activiteit van het SRY-gen iets werd gedempt, keerde de geslachtelijke ontwikkeling wel degelijk om. De onderzoekers concluderen dat het DAX1-gen dus inderdaad grotendeels, zo niet geheel, verantwoordelijk is voor de dosisgevoelige sekse-omkering bij zoogdieren en ook bij de mens.

De Britten denken overigens dat DAX1 niet zozeer moet worden beschouwd als een vrouwelijkheidsgen, maar eerder als een soort anti-testisgen. Zij opperen dat SRY en DAX1 een onderliggend sekse-determinerend mechanisme sturen dat bij alle gewervelde dieren aanwezig is. Bij reptielen bijvoorbeeld zou dat mechanisme zelfs door omgevingsfactoren bepaald worden. Zo ontstaan bij de alligator op koelere plaatsen onderin de moerasnesten allemaal vrouwtjes en in de warmere bovenste helft juist alleen mannetjes.

Afhankelijk van het overheersen van het mannelijke SRY-gen of het anti-mannelijke DAX1-gen zou het sekse-determinerende mechanisme de rudimentaire ongedifferentieerde geslachtsorganen van een foetus dus sturen in de richting van testikels of ovaria. De invloeden van de genen bepalen of de balans zal doorslaan naar een jongetje, een meisje of wellicht zelfs naar iets daartussen in.