Moreel kapitalisme

In zijn column 'Het revolutionaire kapitalisme' (10 februari) stelt de heer Heldring dat kapitalisme geen waarden en normen kent, en dat het een amorele kracht is.

Afgezien van het feit dat het kapitalisme niet over het vermogen van kennis van goed en kwaad beschikt en geen kracht is maar een politieke economische filosofie, net als socialisme of liberalisme, ben ik van mening dat kapitalisme juist de enige morele politieke economische filosofie is. De essentie van het kapitalisme is geen hebzucht maar juist het recht dat ieder mens heeft op het resultaat van zijn eigen inspanning: de productiemiddelen behoren aan het individu. Er is dan een absoluut recht op eigendom. Dit recht is afgeleid van het recht op leven.

Als een mens gedwongen wordt inspanningen te leveren die niet hemzelf maar een ander ten goede komen heeft hij geen recht op leven, dan is er sprake van slavernij. Dit is niet alleen het geval bij socialisme, maar ook in onze huidige welvaartsstaat. Bij het kapitalisme kunnen zaken alleen van eigenaar wisselen op vrijwillige basis. In een samenleving waar de mensen het recht op leven hebben, dus kapitalistisch, kan de een de ander, of die nu sterk of zwak is, niet opvreten.

Het is pas mogelijk iets moreel (juist) te noemen als het geheel en al verenigbaar is met het recht op leven. Kapitalisme is het enige politiek economische systeem waarvoor dit geldt. Het is dus het enige morele systeem, en dat is het geheim van het succes van het kapitalisme. Als het ten onder gaat, ziet het er slecht uit voor de mensheid.