Diva zoekt kritischer formule

Hanneke Groenteman vraagt zich wel eens af of ze tot in lengte van dagen door moet gaan met haar kunstmagazine De Plantage. Eigenlijk wil ze een pittiger formule. Zoals Zomergasten.

Ze weet het, vier uur achter elkaar met je hoofd op tv is genadeloos. Toch is ze komende zomer juist dát van plan bij de VPRO. Na Peter van Ingen, Freek de Jonge en Wim T. Schippers, gaat Hanneke Groenteman VPRO's Zomergasten presenteren. Dit jaar aan haar de taak min of meer bekende Nederlanders hun favoriete televisie-avond te laten toelichten.

“Ik denk wel dat ik het kan”, zegt Hanneke Groenteman. “Maar of ik het ook goed zal doen, is nog maar de vraag. Het is een prestige programma geworden, zowel voor de presentator als voor de gasten. Iedereen staat klaar om te kijken hoe je het niet goed doet.”

Het kunnen leuke uitzendingen worden als Groenteman de toon vindt die de kijker van haar gewend is in nieuwsprogramma's als Met het Oog op Morgen en MiddagEditie. Daarin dienen haar gesprekspartners op hun hoede te zijn; plaagstootjes en het rakere priemwerk zijn haar handelsmerk. En ook al gaat het niet altijd om zaken van wereldformaat, met de haar kenmerkende mengeling van - al dan niet gespeelde - vermoorde onschuld en vileine koketterie, zorgt ze geregeld voor spannende radio en televisie.

Bij haar wekelijkse kunstprogramma op de zondagmiddag is dat anders. De Plantage is voor haar gasten een comfortabele ligstoel onder een zonnige, wolkenloze hemel. De enige reden waarom er bij Groentemans gesprekspartners nog wel eens wat zweetdruppeltjes opparelen, is door de overweldigende warmte die de gastvrouw uitstraalt. Het programma is een oase van vertrouwelijkheid en vertedering. De sfeer is ons kent ons.

Ischa heeft er geen achternaam nodig. “De nieuwe roman van Connie Palmen, I.M, verscheen op de dag dat Ischa stierf”, was Groentemans inleiding van vorige week op een gesprek met schrijfster Connie Palmen. Dat hier journalist, presentor, schrijver en columnist Ischa Meijer bedoeld werd, sprak vanzelf. En dat Palmen drie jaar lang een relatie met hem had, tot aan de dag dat hij overleed in 1995, mag in De Plantage ook als bekend verondersteld worden. Evenals het feit dat I.M hun liefde beschrijft.

In die sfeer, past geen kritiek. Dat Palmens roman niet overal met open armen is ontvangen, heeft de kijker in De Plantage bijvoorbeeld niet te horen gekregen. In plaats daarvan zegt Groenteman tegen 'Connie': “Bedankt dat je het geschreven hebt.”

Ondanks dat deze aanpak De Plantage een van de best bekeken VPRO-programma's van de zondag maakt - de uitzending met Connie Palmen trok 270 duizend kijkers - begint juist die gemoedelijkheid Groenteman een beetje te benauwen, zo zegt ze.

“Ik kan daar niet te lang mee doorgaan, ik voel bij mezelf de slijtage. Ik wil het vijfde jaar niet in met weer een boek, weer een toneelstuk, weer een film en 'wat vind ik het allemaal mooi'. Ik heb reuze zin in een kritischer programma.”

Hoe dat programma eruit zal zien, weet ze nog niet. Misschien wel geen kunstprogramma meer. “Een kruisverhoor met Huibregtsen vind ik erg leuk, maar een schrijver kritisch ondervragen over zijn eigen boek kan ik niet. Daar gaat het niet om politieke afwegingen, berekeningen, of besluiten die al dan niet vervelend hebben uitgepakt - maar om afsplitsingen van iemands persoonlijkheid. Ik vergelijk het altijd met iemand die zijn kind laat zien. Daar kun je ook niet tegen zeggen, ik vind er niks aan. Dan krenk je iemand.” Om die kwetsende taferelen te voorkomen, nodigen Groenteman en haar eindredacteur Cornald Maas alleen kunstenaars uit, wier werk zij bewonderen.

Eén keer week ze van dat stramien af in De Plantage, met schrijver Joost Zwagerman naar aanleiding van zijn roman Chaos en Rumoer. In die uitzending trok Groenteman met een ongekende felheid tegen de beduusde auteur van leer. Een foutje, geeft ze toe.

Ze legt uit dat ze Zwagerman helemaal niet had wíllen uitnodigen - daarvoor vond ze zijn boek niet goed genoeg - maar dat hij erop had aangedrongen. Het werd oorlog. “Weet je wat jij eens moet doen?” sprak Groenteman bits, “schrijf eens een boek van vlees en bloed.”

“Enig voor de kijker, maar vreselijk voor een kunstenaar”, verzucht Groenteman. “Zoiets kan wel in een programma als Zeeman met Boeken waarin met andere schrijvers over iemands werk gesproken wordt, maar niet in een persoonlijk gesprek waarvan de code toch een beetje is dat het prettig is.”

Het verbaast haar zelf misschien nog wel het meest dat ze er nog steeds zit, bij de VPRO. Vooral omdat ze er in heden en verleden geen geheim van heeft gemaakt zichzelf te beschouwen als iemand die de culturele bagage mist om een inhoudelijk, specialistisch en diepgaand gesprek over kunst te voeren. Die intentie heeft ze niet, zegt ze.

Met dergelijke opmerkingen lijkt Groenteman enigszins uit de toon te vallen bij een omroep waar programmamakers bij uitstek zijn omgeven met een aura van intellectualiteit, belezenheid en een scherp oog voor de verantwoorde, wetenschappelijke analyse. Groenteman zegt wel eens dat ze grote bewondering heeft voor Paul de Leeuw, Oprah Winfrey een 'enig mens' vindt en zelfs mee heeft zitten lachen met Dick Passchier.

Ze zegt: “Ik heb eigenlijk altijd gedacht, als ik érgens wel van hou, maar niet toe behoor, is het de VPRO.” Het is niet waarschijnlijk dat Michaël Zeeman of Adriaan van Dis dergelijke uitspraken met diezelfde onschuld zouden ventileren. Ze denkt dat misschien juist daardoor de ietwat vreemde relatie tussen haar en haar werkgever spannend blijft. “Je hebt Zeeman met boeken, Stardust over film, en Reiziger met muziek. Tegenwoordig zijn ze in dat landschap van toegespitste kunstprogramma's op hoog niveau bij de VPRO heel blij met een soort talkshow over kunst.”

Ze zou het best leuk vinden verder mee te denken met de VPRO dan louter over haar eigen programma. “Het lijkt me enig om mee te mogen programmeren. Nu vind ik de VPRO-zondagavond vaak nog loodzwaar. Ik kijk altijd naar Van Kooten en De Bie omdat ik, gek genoeg, gewoon van die jongens hou, maar de rest van de VPRO zondag-avond ervaar ik als huiswerk. Diogenes, Lopende Zaken, Uit het Land van de voldongen Feiten... het is vooral de rangschikking van de programma's waar je zo moe van wordt. Ik et kijken, maar er zit mij te weinig lucht in. Eigenlijk zou er natuurlijk gewoon vijf dagen per week een late night show op Nederland 3 moeten zitten.” Ze lacht: “Ja hoor, als ik niet zo leuk en energiek als Paul de Leeuw hoef te zijn, wil ik die andere twee avonden best invullen.”