Tastbaar verleden uit nonnenbotten

Wim Vroom: Het wonderlid van Jan de Witt en andere vaderlandse relieken. SUN, 69 blz. ƒ 19,90

Relieken worden doorgaans geassocieerd met de Katholieke Kerk. Kruishoutsplinters, zweetdoeken, uitgetrokken heilige nagels, beenderen van een doodgemartelde non die dankzij haar gruwelijk verscheiden een halo kreeg toebedeeld. Toch is de neiging tastbare herinneringen aan een geliefde te bewaren van algemeen menselijke aard. Bij mijn ouders, om dicht bij huis te blijven, moet het doosje nog staan, waarin ik mijn melktanden bewaarde. Ze herinneren aan geleden pijn. Dat is met veel heilige relieken het geval. Ik noemde al kruishoutsplinters, nonnenbot en uitgetrokken nagels, aanknopingspunten voor mijmeringen over historisch lijden.

Ook Wim Vroom associeerde relieken in eerste instantie met de Heilige Moederkerk, maar stuitte als bijzonder hoogleraar vanwege het Koninklijk Oudheidkundig Genootschap op tastbaarheden uit onkerkelijke context. Over die relieken schreef hij Het wonderlid van Jan de Witt. Het is een beknopte aanbeveling voor meer aandacht voor dit type parafernalia uit de vaderlandse geschiedenis. Het is bovendien een kleine catalogus van aard en vindplaats van lichamelijke overblijfselen van mannen van betekenis en van door hen gebruikte voorwerpen. Hij beperkt zich voornamelijk tot de zeventiende eeuw, de reikwijdte van zijn betoog omspant echter onze hele geschiedenis.

Het aardige aan relieken - religieus of werelds - is dat er vaak meerdere exemplaren van bestaan. Ik meen me te herinneren eens te hebben gehoord dat er niet minder dan acht boekenkisten van Hugo de Groot bestaan, Vroom catalogiseerde tenminste twee stuks. Van het beroemde stokske van Oldenbarneveldt bestaan niet minder dan vier fraai geconserveerde exemplaren. Opnieuw van Hugo de Groot is de fraaie, zwartfluwelen mantel, waarvan de resten op verschillende plaatsen kunnen worden bezichtigd. Dat brengt ons op wat provenance wordt genoemd, de vaak boeiende beheersgeschiedenis der relieken. De negentiende-eeuwse naneef van de grote maritieme jurist, jhr. Hugo Cornets de Groot, verknipte het overgeërfde kledingstuk en stuurde de delen (met echtheidsverklaring) naar verschillende Hollandse stadsarchieven en musea. Van de tong van Jan de Witt (het 'wonderlid') bestaat maar één exemplaar. Huiveringwekkend is wat Vroom schrijft over de levendige handel in verse relieken die tijdens de beruchte, Haagse lynchpartij in 1672 ontstond. Van de bij dezelfde gelegenheid eveneens gemerendeelde Cornelis de Witt bezitten we een teen. Aan het schavot van Oldenbarneveldt waren in 1619 doosjes bebloed zand en rooddoordrenkte zakdoeken te koop. (Ook het beulszwaard werd bewaard.)

Verspreid over Nederland moeten onnoemelijk veel vaderlandse relieken in archieven en musea berusten. Het Bilderdijk-museum bijvoorbeeld bezit voldoende haar van de dichter om een zeer volwassen pruik te vlechten. In het Multatuli-museum kan de bezoeker op de authentieke sofa naar schrijversvriendinnen haken, in het Amsterdams Historisch Museum kan men treuren over het verlies van 'ons' Vlaanderen aan de hand van enkele rafels van Jan (dan-liever-de-lucht-in) van Speijk. Het streekmuseum in Gorredijk, de Friese bakermat van het vaderlandse socialisme bezit de kam waarmee Domela Nieuwenhuis zijn aartsvaderlijke manen fatsoeneerde.

Er is de laatste jaren discussie over de reanimatie van het geschiedenisonderwijs in vaderlandse zin. Misschien moeten we nadenken over een centraal reliekenmuseum, langgerekt vormgegeven, als een tijdbalk. In zo'n educatieve galerij vol tastbaarheden loopt men door de tijd. Men staat even stil bij het schild waar Kaninefatenleider Brinio zich bij overwinningen op liet ronddragen, het etensbakje van Hertog Reinout de Dikke, de eerste haring die door Willem Beukelsz. werd gekaakt, de stempelletters van Coster, de wintermuts van Willem Barentz. Of alles echt is, is minder belangrijk dan de uitstraling ervan. Hoe dood ook de voorwerpen, ze vormen voor jong en oud aanleiding voor levendige voorstellingen over hoe het heeft moeten zijn en komen.