SP-wethouders in Oss geen 'big spenders'

'Stem tegen' is het motto van de SP. De partij vaart er wel bij. Maar met de stormachtige groei wordt de druk groter om na de verkiezingen wethouders te gaan leveren. Kan een tegenpartij besturen? In Oss wel, vindt onder meer de burgemeester.

OSS, 20 FEBR. “Oss is bevrijd gebied”, zegt Tiny Cox, secretaris van het landelijk bestuur van de Socialistische Partij, schertsend. Oss is de enige gemeente in Nederland waar de SP deelneemt in het college van burgemeester en wethouders. Bevrijd gebied? De grootste oppositiepartij in Oss, het CDA, denkt er anders over. Vanuit hun “marxistisch-leninistisch-maoïstische” ideologie zou de SP altijd de belangen van huurders laten prevaleren boven die van huiseigenaren, de wethouders zouden achterdochtig staan tegenover ondernemers en de SP zou ook op te grote voet leven. “Alle jus is van de gemeentelijke reserves afgehaald”, zegt fractievoorzitter J. Ras.

Oss is de bakermat van de Socialistische Partij. Fractievoorzitter in de Tweede Kamer en partijleider Jan Marijnissen was er zeventien jaar lid van de gemeenteraad. De SP heeft er een eigen gezondheidscentrum en zelfs een speeltuin. Bij de laatste raadsverkiezingen haalde de partij negen van de 33 zetels. Sinds twee jaar levert SP bovendien twee van de vijf wethouders.

Niet uitgesloten is dat de Osse wethouders binnenkort SP-collega's krijgen in andere gemeenten. Bij de komende raadsverkiezingen rekent de SP op vijftig zetels winst, bovenop de 126 zetels die bij de doorbraak van 1994 werden gehaald. “Een hele voorzichtige schatting”, aldus secretaris Cox. De SP doet maar in 59 gemeenten mee aan de verkiezingen. Op grond van de landelijke populariteit van Marijnissen zou de SP wellicht in meer gemeenten raadszetels kunnen halen. Maar de partij heeft ervoor gekozen alleen in die gemeenten mee te doen waar de SP een sterke lokale afdeling heeft. Cox: “We kiezen voor een zorgvuldige opbouw van de SP.”

Het Osse college bestaat uit SP, PvdA, D66 en de lokale partij Voor De Gemeenschap (VDG). Het trad twee jaar geleden aan nadat een college van CDA, VDG, VVD en PvdA tussentijds ten val was gekomen. De grootste partij van Oss, het CDA (11 zetels), kwam voor het eerst in de oppositie terecht.

Burgemeester W. Dijkstra (PvdA) van Oss deelt de kritiek van het CDA niet. “Er is geen sprake van een grote trendbreuk. De revolutie is niet uitgebroken.” Het college begon er twee jaar geleden weliswaar mee acht miljoen uit de ruime financiële reserves van Oss te halen, maar de SP-wethouders zijn volgens hem geen big spenders gebleken. “De SP steunt een solide financieel beleid.”

Zelfs de voorzitter van de Osse ondernemersvereniging Ovo, R. Coppens, zei onlangs bij een verkiezingsdebat dat het huidige college veel daadkracht ten toon spreidt. “Als je het over twee jaar bekijkt, dan gaat het gewoon goed”, concludeert ook Maarten van den Hurk, die de Osse gemeentepolitiek volgt voor het Brabants Dagblad.

Wat in de volksmond 'het SP-college' wordt genoemd, onderscheidt zich vooral door veel gesprekken met burgers. “Ik heb twintig jaar voor de SP door de wijken gesjouwd”, zegt wethouder Jules Iding. Iding is wethouder ruimtelijke ordening en loco-burgemeester, zijn SP-collega Henk van Gerven wethouder sociale zaken en gezondheidszorg. “De werkelijkheid ligt op straat en niet achter de muren van het gemeentehuis.” Een van Idings eerste daden als wethouder was de inspraakavonden van de gemeente een nieuwe impuls te geven.

Ook heeft de gemeente zoveel mogelijk ruimte genomen om zelf invulling te geven aan het sociaal beleid, maar hierbij stuitten de SP-wethouders op grenzen. Het bleek onmogelijk het basispakket van het ziekenfonds aan te vullen met een tandartsverzekering voor uitkeringsgerechtigden, omdat het de gemeente 600.000 gulden zou kosten. Een andere teleurstelling voor wethouder Iding was dat hij geen greep kon krijgen op de woningbouwcoöperaties, die volgens hem te marktgericht werken. Ook betreurt hij dat de gemeente de zeggenschap over het openbaar vervoer verloor aan provinciale staten, omdat het niet kostendekkend werkte. De SP vindt ook uit principe dat het gemeentelijk grondbedrijf geen winst mag maken, maar dat gebeurt in Oss wel.

Bij de PvdA zit nog wat 'oud zeer' over de harde stijl van oppositie voeren van de SP in het verleden, aldus burgemeester Dijkstra. Maar de samenwerking tussen de coalitiepartijen verloopt in de regel goed. Een van de punten waarop dat moeizamer gaat is gesubsidieerde arbeid, zoals banenpools en Melkertbanen. De SP staat op het standpunt dat dit eigenlijk gewone banen moeten zijn, terwijl de PvdA zich juist sterk inzet voor gesubsidieerde arbeid.

Ook bij het uiten van kritiek op de rijksoverheid ontstaat soms wrijving. De SP wil daarin veel verder gaan dan deelnemers aan paars PvdA en D66. “Daar wordt soms wat spastisch op gereageerd”, zegt Iding. In de samenwerkingsafspraken tussen de partijen bij het ontstaan van het college is het zelfs opgenomen: “Een oppositierol van de gemeente tegen nadelig rijksbeleid wordt niet als algemeen uitgangspunt van het te vormen college genomen.”

Het is de vraag of de SP het er in andere gemeenten ook zo goed van af kan brengen als in Oss. Verslaggever Van den Hurk wijst erop dat een wethouder als Iding al twintig jaar voor de SP in de raad zit. De partij heeft in Oss dus weliswaar geen bestuurlijke, maar wel ruime politieke ervaring.

Dat is elders niet altijd het geval. De snelle groei van de SP kan tot problemen leiden. Zo kwam de SP in 1994 volkomen onverwacht met drie zetels in de gemeenteraad van Lelystad. In de daarop volgende raadsperiode wisselden de raadsleden elkaar snel af en ontstonden onderlinge ruzies. Het partijbestuur heeft de afdeling nu verboden om dit jaar opnieuw mee te doen aan de verkiezingen.

In Emmen won de SP in oktober vorig jaar fors bij tussentijdse verkiezingen en ging van twee naar vier zetels. Maar al snel ontstond een conflict tussen lijsttrekker Hans van Rossem en een deel van de partij, omdat de lijsttrekker te veel zou azen op een plek in het college. Van Rossem scheidde zich vervolgens met een collega-raadslid af van de SP en ging door als Socialisten '98.

Partijsecretaris Cox verwacht dat de SP in zo'n tien gemeenten zo groot wordt - in plaatsen als Doesburg, Vlaardingen, Heerlen, Schijndel, Uden en Leidschendam - dat de partij er niet aan zal kunnen ontkomen serieus te onderhandelen over deelname aan het college. Maar als de SP een meer bestuurlijke partij wordt, gaat dat onherroepelijk ten koste van het karakter van de SP als protest- en tegenpartij, waarmee de SP electoraal juist zo goed boert.

Maar de partij heeft weinig keus. Waar de partij sterk is, verwacht de kiezer dat de partij gaat besturen. In Boxtel boekte de partij in 1994 forse winst en kwam uit op vijf zetels, maar bleef toch in de oppositie. Dat werd bij tussentijdse verkiezingen als gevolg van de gemeentelijke herindelingen in Noord-Brabant anderhalf jaar later genadeloos afgestraft door de kiezer. De SP hield toen nog maar één zetel over.

In Oss profileert de SP zich niet meer als protestpartij. Waar de andere afdelingen van de SP als verkiezingsleuze hanteren 'Stem tegen, stem SP', luidt de leuze in Oss 'Verhef je stem'. “Het zou een beetje gek zijn om 'Stem tegen' te gebruiken', zegt Iding. “Dat kan tot misverstanden leiden.” De tomaat, het protestsymbool van de SP, heeft in de verkiezingskrant van Oss een lachend gezicht gekregen.