Harde noten over The Fab Four

Ian MacDonald: Revolution in the Head. The Beatles' Records and the Sixties (Second Edition), Fourth Estate, 473 blz. ƒ 84,90

Dit boek over de liedjes van de popgroep The Beatles werd in 1994 onthaald als 'briljant' (Sunday Times), 'meesterlijk' (Independent), 'een duizelingwekkende triomf van geleerdheid' (Observer) en 'het meest verpletterende hoogtepunt van pop-kritiek en pop-wetenschap ooit' (Q-magazine). Gewoonlijk is zo'n cascade van superlatieven al snel te veel van het goede, maar in dit geval moet de lof opgevat worden als understatement. Ian MacDonalds Revolution in the Head is onmisbaar voor iedereen die iets wil weten over The Beatles, over hun muziek, over de jaren zestig, over zichzelf, en vooral over de relatie tussen al die zaken.

Zeer onlangs verscheen een geheel bijgewerkte editie. Dit was nodig doordat sinds de eerste druk nieuw en oud materiaal van The Beatles beschikbaar is gekomen: in 1994 The Beatles Live at the BBC dubbel-cd, en in 1995 en 1996 de drie Anthology dubbel-cd's (vergezeld van de bijna tien uur durende acht-delige Anthology-video.

Het moet gezegd: Ian MacDonald laat zijn lezers niet in de steek. Behalve van de superbe song-by-song analyse van de Beatles-muziek, valt in deze grondig herwerkte editie vooral te genieten van het uitputtende register, de verrassende chronologie, de complete index van alle Beatles-liedjes inclusief toonsoort waarin ze zijn geschreven, de compacte maar complete discografie, de verklarende woordenlijst (met op een rij al die typische attributen van de Beatles-sound vanaf Automatic double tracking tot Wah-wah), de met grote zorg geselecteerde bibliografie, en misschien bovenal het buitengewoon informatieve notenapparaat.

Wat MacDonald's boek bovendien zo genietbaar maakt, is dat hij nergens vervalt in de idolaterie, nostalgie of sentimentaliteit die veel Beatles-literatuur, en het merendeel van de meer dan 150.000 Beatles-sites op het Internet zo onverteerbar maken. Integendeel, hij kraakt harde noten over minder geslaagde songs, is kritisch over de rafelrandjes van onaantastbaar geachte meesterwerken zoals I Feel Fine of Day Tripper, wijst ook op zelden belichte inspiratiebronnen (de ritme-tripletten van Lennon op All My Loving komen rechtstreeks van Da Doo Ron Ron van The Crystals), en probeert idées reçues te doorbreken (MacDonald betoogt dat Harrison's Within You Without You met alleen maar sitar-tonen juist tot de kern van 'Sgt. Pepper's Lonely Hearts Club Band' mag worden gerekend).

Volgens MacDonald waren The Beatles een typisch Brits verschijnsel, diep geworteld in de traditie van pub-muziek, vaudeville, en vooral van een eclectische, conceptuele en ironische kunstopvatting waarin zelf-spot voorop stond, en niet zozeer diepzinnig kunstenaarschap of 'authenticiteit'. Daarnaast verhaalt hij nog eens overtuigend hoe de wortels van de Britse beatmuziek lagen in de uit de idealen van de naoorlogse opbouwperiode verrezen Grammar Schools en de Art Schools (waarvoor geen formeel toelatingsexamen was vereist), en in de val van de Conservatieve machtsstructuren in het begin van de jaren zestig. In feite waren The Beatles immers een schoolbandje dat na veel oefenen de juiste snaar wist te raken (net zoals The Rolling Stones, The Pretty Things, The Yard Birds, The Pink Floyd's - zoals de groep aanvankelijk heette - en The Bonzo Dog Doo-Dah Band, terwijl ook Pete Townsend van The Who, Ray Davies van the Kinks, en Eric Burdon van The Animals hun carrières begonnen op Art School.

Wat The Beatles zo bijzonder maakte, en zelfs nu nog een model voor de meest eigentijdse Nederlandse techno-bands (die bijvoorbeeld het nummer Rain uit 1965 hogelijk waarderen en niet zelden in hun repertoire opnemen), belicht MacDonald aan de hand van de vele onverwachte accoordenwisselingen, overgangen van toonsoort, hoekige back-beat ritmes (wie een musicologische herwaardering van Ringo Starr als drummer zoekt, kan hier terecht), en de uitzonderlijke vocale versmelting van de stemmen van John Lennon, Paul McCartney en George Harrison. The Beatles waren misschien wel voor alles een close-harmony group met elektrische gitaren. Zozeer zelfs dat ook MacDonald er niet uitkomt of in de Buddy Holly-cover Words of Love MacCartney nu met Lennon zingt, of Harrison met Lennon of McCartney met Harrison.

Er komt geen derde editie van dit boek, schrijft MacDonald met grote overtuiging in zijn voorwoord. Dat is nog maar de vraag, want aanstaande oktober komt het langverwachte Anthology boek uit, waaraan de drie overlevende Beatles de afgelopen jaren hebben gewerkt. Het gerucht wil dat in dit boek een CD zal zitten met wederom nieuw, en nooit eerder uitgekomen materiaal.