Een kind met Goethe in de aderen

Yoram Kaniuk: Post mortem. Roman. Vertaald uit het Hebreeuws door Kees Meiling. Meulenhoff, 303 blz. ƒ 49,90

Yoram Kaniuk is een echte Israeli. Hij werd in 1930 in Tel-Aviv geboren, vocht in 1948 in de Onafhankelijkheidsoorlog, verbleef tien jaar in de VS, keerde terug naar Israel en is daar nu een gerespecteerd schrijver. Toch was het vooral de Duitse cultuur die zijn jeugd bepaalde. Het milieu in Tel-Aviv waarin hij opgroeide, bestond uit Duitse vluchtelingen. Ze woonden in huizen van Bauhaus-architecten, luisterden naar concerten van Duitse componisten, gespeeld door Duitse musici, en natuurlijk spraken ze Duits met elkaar.

Dit milieu speelt een rol in eerdere boeken van Kaniuk. In Bekentenissen van een goede Arabier wordt de dochter van twee Duitse immigranten verliefd op een Arabier. Het boek gaat vooral over de verscheurdheid van hun zoon, die - opgevoed door zijn zeer Duitse grootvader - noch door de omgeving van zijn moeder, noch door die van zijn vader wordt geaccepteerd. Hij eindigt als mislukte dubbelspion.

Kaniuks nieuwste boek, Post mortem, wordt gepresenteerd als 'roman'. Inderdaad vertoont het boek overeenkomsten met zijn andere romans, waarvan in Nederland naast Bekentenissen van een goede Arabier ook Adam hondezoon is uitgegeven. Kaniuk gebruikt dezelfde associatieve schrijfstijl, die een enkele keer ontaardt in slordigheid, in dit geval versterkt doordat ook de vertaling niet vlekkeloos is. Hij springt van de hak op de tak, legt verbanden die niet altijd navolgbaar zijn, laat liefdevolle landschapsbeschrijvingen volgen door genadeloze persoonsbeschrijvingen. Het verschil is dat hij in Post mortem afrekent met zijn eigen ouders. Aanleiding vormt de dood van zijn moeder. Kaniuk bevindt zich op het moment van haar overlijden in Stockholm. Zijn afkeer van haar is zo groot dat hij weigert terug te keren voor de begrafenis. In plaats daarvan besteedt hij de zeven dagen van de sjiwe, de joodse rouwperiode, aan een overdenking van het leven van zijn ouders en de invloed die ze op hem gehad hebben.

Moshe en Sara Kaniuk waren voor het oog van de buitenwereld geslaagde immigranten. Sara kwam in 1905 als klein meisje met haar ouders uit Rusland, ternauwernood ontkomen aan de pogroms. Ze werd verliefd op Moshe omdat hij haar aan haar jonggestorven vader deed denken, maar kwam er al snel achter dat hij diens Slavische warmbloedigheid miste. Ze vond hem 'een koude vis', die zich heel interessant en charmant kon voordoen, maar nooit iets van zichzelf prijsgaf. De liefde die ze bij Moshe niet kon vinden, eiste ze van haar zoon. Die haar niet tevreden kon stellen. Ze was onderwijzeres en heeft veel gedaan voor de ontwikkeling van het Israelische onderwijs. Maar toen ze haar eigen zoon in de klas had, zette ze hem publiekelijk voor schut.

Moshe kwam oorspronkelijk helemaal niet uit Duitsland, maar uit Ternopol in Galicië. Zijn liefde voor de Duitse cultuur was er des te heviger om. Hij studeerde in de jaren twintig in Berlijn en Heidelberg, emigreerde naar Palestina en kwam in Tel-Aviv terecht, waar hij zijn leven lang niet meer zou weggaan. Zijn zoon probeerde hij ook in de Duitse traditie op te voeden. Toen Yoram drie jaar was, kon hij alle Duitse componisten opnoemen. Maar het begon nog eerder: volgens de overlevering is hij verwekt tussen Buchenwald en Weimar. Moshe wilde een kind 'met Goethe in de aderen'. Wie op zo'n plaats verwekt is, moet wel een haat-liefdeverhouding krijgen met Duitsland. Als klein kind al besloot Yoram geen Duits te spreken en dat heeft hij altijd volgehouden.

Kaniuk beschrijft in geuren en kleuren hoe eigenaardig zijn ouders zich tegenover hem gedroegen - zijn vader die hem het gevoel gaf dat hij een mislukkeling was, zijn moeder die altijd anderen de schuld gaf van de teleurstellingen in haar leven. Toch is Post mortem geen autobiografische roman over de jeugd van Yoram Kaniuk. Het gaat om Moshe en Sara.

Kaniuk schetst een meedogenloos beeld van hun huwelijksleven. Ze bewonen elk een eigen gedeelte van het huis. Bij Moshe verloopt alles 'volgens een compromisloze klok', bij Sara kun je je 'inbeelden dat er leven is voor de dood'. Sara wil leven, terwijl Moshe steeds meer gefascineerd wordt door de dood. Als amateur-archeoloog is hij gespecialiseerd in sarcofagen. Aan het eind van zijn leven neemt Sara wraak. Na een beroerte is Moshe verlamd geraakt. Sara staat erop hem zelf te verzorgen. Voor het eerst moet hij haar wel dankbaar zijn. Maar als hij haar probeert te bereiken met hulpeloze, gênante erecties, weert ze hem af.

In Israel wekte de verschijning van Post mortem nogal wat beroering. Hoe kon Kaniuk zo'n onbarmhartig portret van zijn ouders neerzetten? Maar het meest verbazingwekkende van het boek is dat er ondanks alle negatieve kwalificaties twee mensen van formaat uit het boek oprijzen. Mensen die iets betekend hebben. Misschien niet voor elkaar, maar wel voor hun omgeving en hun tijd. En uiteindelijk ook voor hun zoon.