Politiek van de straat en de kern; Lokale partijen

Lokale partijen waren vier jaar geleden in veel gemeenten de grote winnaars. Hun rol lijkt inmiddels alleen maar te groeien.

'ALS IK ALLEEN mijn buren, vrienden en familie bij elkaar optel, ben ik al goed voor twee zetels.'' Wethouder T. Huijben (45) van de gemeente Alphen-Chaam, vlak onder Breda, schuift glunderend achterover in zijn stoel.

Hoeveel kiezers hij in zijn gemeente kan mobiliseren, bleek bij de gemeenteraadsverkiezingen in november 1996, toen de twee gemeenten Alphen-Riel en Chaam werden samengesmeed. Huijben zat toen nog bij het CDA, en was tegen het voorstel tot herindeling zoals dat ter tafel lag. Hij kon rekenen, zo was hem verzekerd, op steun van de provinciale en landelijke tak van zijn partij. Maar het CDA ging plotseling toch akkoord met de herindeling. Voor Huijben reden om met de neus in de wind, vlak voor de verkiezingen, over te stappen naar de lokale partij Gemeente Belangen Alphen. Hij nam, schat hij, zo'n twaalfhonderd kiezers mee.

Een gevoelige klap voor de christen-democraten. Ze behaalden maar drie zetels in de nieuwe gemeenteraad, terwijl de lokale partij die de belangen van Alphen behartigt er vier in de wacht sleepte. Huijben kon meteen wethouder worden. Hij heeft nooit spijt gehad van zijn overstap. “We hoeven in onze besluitvorming geen rekening meer te houden met allerlei bestuurslagen boven ons. Als er een onderwerp speelt, praat ik met de mensen op straat en dan weet ik binnen een uur beter waar ik aan toe ben dan bij ellenlange politieke procedures.”

Het is, vindt voorzitter F. Aerts van het POG, het Platform Politiek Onafhankelijke Groeperingen, tekenend voor de kracht van lokale partijen. “Niemand staat zo dicht bij de bevolking als wij. Wij weten wat er onder de burgers leeft.” Het POG werd in 1991 opgericht. Inmiddels hebben 470 politieke groeperingen zich bij het platform aangesloten. Hoewel er nog geen landelijke registratie wordt bijgehouden, zullen volgens schattingen dit jaar ongeveer 750 lokale partijen aan de gemeenteraadsverkiezingen meedoen, een record. Bij de laatste gemeenteraadsverkiezingen van 1994 stemde twintig procent van de kiezers op een lokale lijst. Aerts voorspelt dat dit percentage zal stijgen. “Van juristen tot medewerkers van de lopende band stemmen ze op lokale partijen. Lokale partijen walsen dwars door scheidslijnen van ideologieën heen. De politiek wordt bij ons van onder af bepaald, geënt op de lokale situatie. Dat maakt ons bijzonder.”

Het vakblad Binnenlands Bestuur deed in december 1996 een poging het 'vooroordeel' te slechten dat vertegenwoordigers van lokale partijen “apolitieke, populistische eendagsvliegen” zijn: met een grote mond in de oppositiebanken, maar bang om daadwerkelijk bestuursverantwoordelijkheid te nemen. Het blad liet een onderzoek uitvoeren waaruit bleek dat raadsleden van plaatselijke partijen weliswaar iets minder hoog zijn opgeleid dan hun collega's van landelijke partijen, maar net als de collega's van de 'grote' partijen gemiddeld acht jaar zitting hebben in de gemeenteraad en niet minder dan landelijke partijen deel uitmaken van het dagelijks bestuur van een gemeente. De uitkomst van het onderzoek verbaast voorzitter Aerts van het POG niet. “De tijd dat de lijsttrekker van een lokale partij vijf rondjes gaf in het café en zich zo verzekerd wist van steun, ligt ver achter ons.”

Hoewel de lokale partijen oprukken richting grote en middelgrote steden boven de rivieren, zit het overgrote deel van de achterban van oudsher in Limburg en Noord-Brabant.

Zoals bijvoorbeeld in Alphen-Chaam, op de rand van de Belgische grens, tussen bos en grasland, waar sinds mensenheugenis melkvee graast, en waar op kruispunten van wegen bidkapelletjes de voorbijgangers tot bezinning manen. Negen van de dertien raadszetels worden er sinds de herindeling van 1997 ingenomen door lokale partijen. En dat is niets bijzonders. De gemeenteraad van Chaam, bijvoorbeeld, bestond voor de verkiezingen uitsluitend uit vertegenwoordigers van lokale partijen. De 'dorpsidentiteit' is sinds de herindeling alleen maar sterker geworden.

De nieuwe gemeente bestaat uit de kernen Alphen en Chaam (elk 3.800 inwoners) en de dorpen Galder en Strijbeek (samen 1.700). Leefde men vroeger vriendelijk naast elkaar, sinds de gemeenschappen van bovenaf werden samengevoegd, heerst er rivaliteit. Zo heten 'die van Alphen' het hoog in de bol te hebben, maar hebben 'die van Chaam', daarentegen, 'een veel te grote waffel'. Het gaat wel over, sust burgemeester P.I.A.M. van Campenhout. “Je ziet wel vaker, vlak na een herindeling, dat mensen zich terugtrekken binnen hun eigen gemeenschap.”

“Het is alleen jammer”, vindt het VVD-raadslid A. de Beer-Vermeulen, “dat het kernen-denken de gemeenschap handen vol geld kost. Omdat in de naam van de nieuwe gemeente Alphen vóór Chaam staat, moet Chaam nu het nieuwe gemeentehuis krijgen. Terwijl er in Alphen nog een goed gemeentehuis staat.” Ze is het enige lid van de gemeenteraad dat niet uit de streek afkomstig is en er weinig wortels heeft. “Het is wennen aan de dorpspolitiek”, vindt ze. Maar ze staat 49ste op de kandidatenlijst van de VVD voor de Tweede Kamer en hoopt haar zetel in de gemeenteraad te kunnen inruilen voor een plaats in het parlement.

Hilversum was een van de eerste grotere gemeenten in Nederland die vier jaar geleden werden 'overspoeld' door een lokale partij. 'Leefbaar Hilversum' behaalde uit het niets acht zetels en was in één klap de grootste partij. Aangevoerd door VARA-coryfee Jan Nagel stelde de lokale partij zich tot doel de verkeerschaos aan te pakken, evenals de financiële problematiek die de stad in haar greep hield. De gevestigde politieke partijen hadden het nakijken.

“Leefbaar Hilversum heeft zijn issues heel overwogen gekozen”, kijkt fractievoorzitter H. Borstlap-van der Bosch van de PvdA spijtig terug. “Precies die onderwerpen die electoraal goed liggen in de gemeente. Wij, daarentegen, willen een bredere kijk hebben op de samenleving en kiezen voor onderwerpen die niet in één kreet zijn uit te leggen.” Fractievoorzitter Nagel van Leefbaar Hilversum laat een kort lachje horen als hij het commentaar van zijn PvdA-collega hoort. “De PvdA beslist wat zij belangrijk vindt voor de kiezer. Wij draaien het om en laten de kiezer aangeven welke onderwerpen hij belangrijk vindt. Dat is het verschil.”

Zijn partij kwam bij de vorige gemeenteraadsverkiezingen, ondanks de overwinning, niet in het college terecht. Nu is de lokale stadspartij vast van plan een wethouder te leveren. Want ook bij de komende verkiezingen staat Leefbaar Hilversum op winst, zo blijkt uit een prognose die opinie-onderzoeker Maurice de Hond - een kennis van Nagel - begin januari kosteloos voor de partij maakte.

De Hond raakte onder de indruk van de populariteit van de lokale Hilversumse partij. “Ik was uitgenodigd om mijn onderzoek op zondagmiddag in een zaaltje toe te lichten. Het was prachtig, zonnig weer. Dus toen ik er naartoe reed, dacht ik: ik mag blij zijn als er tien mensen komen opdagen. Wat bleek: de zaal zat vol. Er waren er wel zestig.” De Hond noemt de politieke handigheid van Nagel als een van de oorzaken van het succes van Leefbaar Hilversum. “Hij kent veel mensen en weet daar behendig gebruik van te maken.”

Maar vooral speelt volgens De Hond 'emotie' van de kiezer een rol. “Je ziet dat ook bij lokale partijen in andere gemeenten. Ze kiezen een paar items die aanslaan. Mensen voelen zich geraakt en sluiten zich aan. We hebben een tijd gedacht dat lokale partijen hun langste tijd hadden lgehad. Maar vergeet het maar. Hun aanhang zal fors stijgen.”