In twist met Docters van Leeuwen; Steun in Kamer voor Sorgdrager

DEN HAAG, 19 FEBR. Minister Sorgdrager (Justitie) is vanmorgen tijdens een Kamerdebat over het ontslag van procureur-generaal Docters van Leeuwen niet echt in de problemen gebracht.

Haar uitleg dat haar vertrouwensrelatie met Docters van Leeuwen onherstelbaar was beschadigd maar dat zij hem allerminst een 'gouden handruk' heeft aangeboden, leek aan het begin van de middag door een meerderheid van de Kamer te worden aanvaard. De Kamer ziet niets in het verzoek van Docters van Leeuwen een uitgebreid “feitenonderzoek” te laten verrichten.

Van de coalitiefracties kwam de scherpste kritiek vanmorgen van de PvdA. Kamerlid Kalsbeek vroeg of de bewindsvrouw niet te snel is overgegaan tot het ontslag van de super-PG. “We dachten dat de minister nog een zwaar gesprek met hem zou voeren, eventueel over rechtspositionele maatregelen. We dachten niet dat ze hem op zo'n korte termijn de vraag zou voorleggen om vrijwillig op te stappen.”

De Tweede Kamer besprak vandaag het ontslag van Docters van Leeuwen, een ontslag waartegen de topambtenaar zelf zich verzet. Sorgdrager meent dat er tussen haar en Docters een onherstelbare vertrouwensbreuk is ontstaan. Oorzaak van de breuk is Docters' opstelling in het conflict met procureur-generaal Steenhuis, die in opspraak raakte door zijn betaalde bijbaan bij onderzoeksbureau Bakkenist.

Docters heeft volgens Sorgdrager “een arbeidsrechtelijk conflict over de positie van Steenhuis omhooggetild tot een conflict tussen de minister en het college van procureurs-generaal. Dat had hij nooit mogen doen”. Hoewel met name CDA-woordvoerder Van de Camp vanmorgen scherpe kritiek uitte op de minister - hij kwalificeerde haar optreden als “gestuntel” - kwam Sorgdrager niet echt in de problemen. VVD-woordvoerder Korthals vond dat het debat te vroeg kwam: de minister heeft na het vorige Kamerdebat over de kwestie op 28 januari toegezegd het vertrouwen in Justitie te herstellen en zij moet daar volgens de VVD de tijd voor krijgen.

Het ontslag van procureur-generaal Docters van Leeuwen is volgens Sorgdrager uitsluitend het gevolg van het uit de hand gelopen conflict op donderdagavond 22 januari. De bewindsvrouw had aan het begin van die avond “niet het gevoel dat er een conflict broeide”. “De manier waarop het die avond ging heeft mij hogelijk verbaasd.”

Docters van Leeuwen had als voorzitter nooit het gezag van het college in de strijd mogen gooien bij het arbeidsconflict tussen de minister en procureur-generaal Steenhuis, zei Sorgdrager. Dat was voor haar onverteerbaar.

Sorgdrager zei het weekeinde daarop tot de conclusie te zijn gekomen dat er geen vertrouwen meer bestond tussen haar en de voorzitter van het college.

Pagina 3: 'Geen gouden handdruk'

Kamerlid Kalsbeek (PvdA) betoogde dat de minister en de procureur-generaal uit het conflict hadden kunnen komen, “als men had gewild”. De PvdA'er vroeg zich af of de verhoudingen “misschien al volledig verziekt waren”. Dit sprak Sorgdrager tegen.

Op de vraag van Kalsbeek waarom zij het dispuut met Docters niet heeft “uitgepraat” zei Sorgdrager: “Ik had het niet raar gevonden als Docters de volgende morgen een gesprek had aangevraag om zijn excuses aan te bieden. Dat heeft hij niet gedaan. Vervolgens heeft hij zich ziek gemeld”.

De minister ontkende ten stelligste dat zij met Docters heeft onderhandeld over een gouden handdruk. De bewindsvrouw bleef er bij dat zij Docters alleen heeft willen polsen over zijn bereidheid vrijwillig op te stappen. Artikel 99 hoort daar “als tweede stap” onverbrekelijk bij, maar er is verder geen woord over gewisseld, aldus Sorgdrager. “Ik ben verplicht een regeling tot stand te brengen die redelijk is”, hield zij de Kamer voor, “maar ik heb niets aangeboden van geld of een regeling.”

Bijna de gehele Kamer vond het “wrang” (VVD) en “zuur” (D66) dat dat de 'aanstichter' van de problemen procureur-generaal Steenhuis mag blijven zitten, terwijl Docters van Leeuwen moet vertrekken. Kamerlid Dittrich (D66) verklaarde dat het bij Docters om een vertrouwenskwestie gaat en bij Steenhuis om één feit, waarvoor hij inmiddels ook is berispt.

Enkele weken geleden had minister Sorgdrager de oud-juristen J. van Julsingha en H. Franken gevraagd onderzoek te verrichten naar de belangenverstrengeling van procureur-generaal Steenhuis met het bureau Bakkenist. In hun rapport, dat gisteren naar de Tweede Kamer is gestuurd, schrijven zij dat Steenhuis “niet in overeenstemming heeft gehandeld met hetgeen van hem op grond van zijn verantwoordelijkheid en professionaliteit als procureur-generaal mocht worden verwacht”. Volgens de juristen heeft Steenhuis niet voorkomen dat het aanzien van het ambt van PG is geschaad.