'Hermanitor' Maier zwoegend en zwalkend naar tweede goud; Tomba op reuzenslalom onderuit

SHIGA KOGEN, 19 FEBR. Slechts achttien seconden kon Alberto Tomba vanmorgen op zijn ski's blijven staan. De meest succesvolle olympische skiër bleef op de reuzenslalom al achter het achtste poortje hangen, viel hard op zijn rug en kwam in het vangnet terecht. De val betekende meteen het einde van zijn olympische loopbaan op de reuzenslalom. Want Tomba, de drievoudige olympische kampioen, houdt er mee op. Alleen zaterdag wil de Italiaan nog een keer schitteren. Maar het is de vraag of de oud en dik geworden Tomba daartoe nog in staat is.

Met zijn opvolger als olympische grootheid heeft Tomba (driemaal goud, tweemaal zilver) al kennis kunnen maken.

Hermann Maier won na zijn eerste olympische titel een paar dagen geleden op de afdaling, al weer een gouden medaille. Op de van hem bekende wijze stortte de 95 kilo zware Oostenrijker zich in beide runs langs de poorten van de helling. Zowel in de eerste als de tweede run nam hij eigenlijk onverantwoorde risico's. Maar zoals alleen Maier dat kan, bleef hij zwoegend en zwalkend op de been, en skiede hij in beide runs de beste tijd.

Zwaargewicht Tomba zag de triomftochten van Maier met een glimlach aan. Zelfs wanneer de Italiaan valt en verliest, blijft zijn vrolijke inslag de boventoon voeren. Zoals altijd als een clown voegde hij zich na zijn buiteling getooid met een baseball-cap bij zijn talrijke supporters. Want zoveel supporters als Tomba heeft, heeft geen enkele skiër. Italianen met vlaggen en spandoeken, Italianen in ouderwetse Italiaanse klederdracht, Italianen met accordeons en Italianen met gitaren. Ze overstemden zelfs de opwindende en hels lawaai producerende Japanse taiko-drummers, die zich naast de Tomba Club Japan hadden opgesteld.

Zelfs wanneer Tomba is gevallen, blijven de Italianen hem toezingen. Zoals ze hem zaterdagmorgen weer zullen toezingen, wanneer hij een van de laatste grote races van zijn loopbaan skiet. Tomba durfde kort na zijn val bijna niet hardop te zeggen dat hij zich zorgen maakt. Bij de val op zijn rug, had hij zich behoorlijk pijn gedaan, zei hij. “Het is maar goed dat ik een corset droeg omdat mijn rug een beetje zwak is. Anders was ik er slechter aan toe geweest. Ik hoop dat ik zaterdag geen last meer heb. Want met rugpijn een slalom doen, is lastig”, lachte Tomba. “Vooral voor een man die al wat ouder is.”

Grappen makend probeerde hij het gezichtsverlies enigszins te camoufleren. “Ik ging net zo snel van start als Maier. Maar hij viel niet en ik wel. Dat is een kwestie van geluk. Maier had het geluk dat hij overeind bleef. Maar als je wilt winnen, moet je wel zoveel risico's nemen. Ik had iets meer moeten remmen. Maar ja, met remmen win je geen race. Ik hou wel van de stijl van Maier. Die toont durf. Hij is niet bang. Misschien ben ik de laatste jaren wat banger geworden. Dat heb je als je ouder wordt. Bovendien heb ik veel pech gehad. En in wedstrijden in Japan, zoals tijdens de wereldkampioenschappen in 1993, heb ik nog nooit gewonnen. Misschien speelde dat door mijn hoofd. De Japanse sneeuw houdt niet van Tomba.”

Zo technisch vaardig als Tomba kan skiën, skiet Maier zeker niet. Maar de Oostenrijker is zo sterk in zijn benen dat hij elke fout kan herstellen. In de eerste run vergat hij soms in zijn roekeloosheid in de bochten goed op zijn kanten te skiën. “Ik gleed een paar keer weg, maar ik bleef overeind. Het is een zwaar parcours. Dat had ik niet verwacht. Maar het hoort zo zwaar te zijn op Olympische Spelen. Ik hou er wel van, lekker moeilijk, lekker racen.”

Al na de eerste run had Maier, ook wel het Monster van Flachau genoemd, al een grote voorsprong van 0,48 seconden op nummer twee, zijn landgenoot Christian Mayer. Hij startte als laatste aan de tweede run en hoefde geen risico's te nemen om eerste te blijven. Maar Maier skiet niet op zeker, hij wil vlammen. In een adembenemende race realiseerde hij weer de snelste tijd en verdubbelde hij zijn voorsprong. Mayer viel terug in de tweede run, waardoor de Oostenrijker Eberharter naar de tweede plaats kon oprukken.

De technisch beste skiër van allemaal, Michael von Grueningen, werd derde en won de bronzen medaille. Zo mooi, beheerst en scherp als deze Zwitser de bochten neemt, is er niet een. Maar zijn talent was niet voldoende om sneller dan de krachtmens Hermann Maier langs de poorten te skiën. De spectaculaire val die Maier vorige week op de afdaling maakte, heeft hem er niet van kunnen weerhouden op de Super G en de reuzenslalom als een wildeman de helling af te razen en twee keer goud te behalen.