Eis van tbs voor 'rioolmoord'

Het lichaam van een 14-jarige Heerlense jongen werd vorig jaar november in een riool gevonden. Hij was twee maanden eerder om het leven gebracht. De beide verdachten blijken zwaar gestoorde drugsgebruikers.

MAASTRICHT, 19 FEBR. Tegen de psychisch gestoorde R.K. (28) is gisteravond voor de rechtbank van Maastricht tbs met dwangverpleging geëist. De Heerlenaar heeft eind september vorig jaar de 14-jarige drugsverslaafde Ronald Baten doodgestoken. Voor medeplichtigheid aan doodslag hoorde Heerlenaar J.L. (24) ook tbs met dwangverpleging tegen zich eisen.

Officier van justitie mr. J. Kolkert typeerde beide verdachten als “gestoorde drugsverslaafden”. Hij achtte langdurige behandeling voor de twee onvermijdelijk. Kolkert ziet nog gebeuren dat de tbs-klinieken overvol raken door een toeloop van psychiatrische patiënten uit het drugsmilieu.

Ronald Baten werd op 24 september in Heerlen door K. gewurgd, tegen het hoofd geschopt en met meerdere voorwerpen in hals, borst en rug gestoken. In zijn lichaam werden twee lemmeten van messen aangetroffen. Medeverdachte L. zou K. een verroest zakmes en een kruisschroevendraaier hebben aangereikt. Een buurman die de deur wilde openen en informeerde naar het gewelddadige gestommel in de kamer, kreeg van L. te horen dat hij moest “oprotten”.

Toen Ronald dood was, droeg L. hem over zijn schouder naar buiten, waar hij het lichaam neerlegde bij een kruisbeeld. Later die nacht is hij met K. teruggegaan naar die plek - vlakbij het huis - en heeft hij het lijk in een rioolput gegooid. Twee maanden later werd het lichaam van Ronald daar gevonden.

Op de avond van de steekpartij verkeerden de twee in een psychose, die werd versterkt door overmatig drugsgebruik. Ook Ronald en twee anderen gebruikten drugs. De eigenaar van het appartement lag te slapen en heeft niets gehoord. K. en L. praatten over hemel en god, over hel en duivel. Niemand kon tussen hun demonische gebrabbel komen.

Toen de twee naar de gang van het appartement gingen, hoorde een van de getuigen dat L. tegen K. zei: “Je moet die kleine nekken.” K. verklaarde dat hij zich op dat moment al een “oorlogsmachine” voelde en dat “Ronald net een duiveltje leek met zijn gekromde handen”. Opgehitst door L. en overgeleverd aan een geweldsdelirium bracht hij Ronald om.

De twee getuigen in de 'rioolmoordzaak', R.G. (19) en M.T. (25), hoorden gistermorgen ieder drie maanden voorwaardelijke gevangenisstraf tegen zich eisen. Het tweetal zou hebben geholpen bloedsporen van de muur en het tapijt te verwijderen en bewijsmateriaal te verwijderen. Hun advocaten achtten dat niet bewezen en pleitten voor vrijspraak.

Hoewel beide getuigen ook amfetaminepillen hadden geslikt, vond getuige-deskundige prof. dr. A. van Leeuwen hun verklaringen “redelijk betrouwbaar”.

In zijn psychiatrisch rapport stelt Van Leeuwen vast dat K. psychisch gestoord is en dat het gebruik van harddrugs zijn leven alleen maar wankeler maakt. Van Leeuwen bestempelde de andere verdachte, L., zelfs als “verwilderd en een extreem geval van schizofrenie”. Tijdens de zitting lachte L. op de meest vreemde momenten, ook toen de rechter de bloedige details uit het dossier opsomde. Zijn antwoorden waren nauwelijks te verstaan.

Psychiater Van Leeuwen vond het dramatisch dat L. juni vorig jaar na zeven jaar behandeling in een psychiatrische inrichting op straat werd gezet. Hij zou drugs gebruiken en verhandelen en ook zou hij vrouwen lastigvallen. Van Leeuwen: “Hij stond toen op een torenhoge medicatie en was daardoor vrij rustig.” De psychiater acht langdurige behandeling in een tbs-inrichting voor beide verdachten noodzakelijk. Net als de officier van justitie schaarden de advocaten van de verdachten zich achter het advies van Van Leeuwen.

In zijn slotwoord bood K. zijn excuses aan voor de dood van Ronald. Een hevig geëmotioneerd familielid sprong op en schreeuwde: “Je moet mijn gezicht onthouden, klerelijer. Als ik je buiten tegenkom, maak ik je af.”

De rechtbank wijst 4 maart vonnis.