Chip Taylor is terug na vijftien jaar gokken

Concert: Songschrijver/zanger/gitarist Chip Taylor. Gehoord: 18/2 Paradiso. Verder: 19/2 Nekkersdal, Brussel, 20/2 De Geist, Sint Pancras, 21/2 Huize Maas, Groningen, 22/2 Hotel Toor, Alphen a/d Rijn.

Het woord 'vervreemdeling' bestaat niet maar past perfect bij zanger Chip Taylor. Hij schreef in de jaren '60 en '70 een groot aantal songs maar slaagde er nooit in er zelf een tot hit te zingen. Met 'Wild Thing' gingen de Britse Troggs en later Jimi Hendrix aan de haal, 'Angel in the Morning' werd vastgelegd door onder anderen Juice Newton en Chrissie Hynde terwijl 'Son of a Rotten Gambler' succes opleverde voor Anne Murray en Emmylou Harris. Meer artiesten van naam en faam zagen iets in de stukken van Taylor; The Hollies, Linda Ronstadt en Johnny Cash, het zijn slechts enkelen uit een lange rij.

Het resultaat was dat Taylor door de jaren heen steeds meer naar anderen moest gaan luisteren om zijn eigen talent te kunnen vieren. Zijn eigen lp's werden namelijk wel vriendelijk ontvangen en Last Chance kreeg van de critici zelfs een pluim, maar het grote publiek bereikte hij niet.

Begin jaren '80 trok Taylor zich uit de muziek terug en ging zich toeleggen op een ander talent: geld zetten op alles wat snel geld genereerde, van black jack-tafels tot paardenraces, volgens ingewijden met veel succes.

Het overlijden van zijn moeder zette hem ertoe aan weer te gaan zingen en schrijven. Onlangs keerde hij terug met twee cd's: Hit Man met dertien 'remakes' van oude schrijfsuccessen en The Living Room Tapes, geheel gevuld met nieuwe stukken.

In de kleine zaal van Paradiso werd gisteren uit beide cd's geput en werd gaandeweg duidelijk waarom 'Chip' (echte naam James Wesley Voight) nooit slaagde in wat zijn broer, acteur Jon Voight, wel lukte in Midnight Cowboy, de bekroonde speelfilm van John Schlesinger: het spelen van een overtuigende rol.

Als rocker speelt Chip niet scherp genoeg, in zijn country-stukken zitten onvoldoende dikke tranen, zijn rhythm & blues mankeert het aan vet en zweet.

Voor een deel zijn de gebreken van technische aard. Het gitaarspel van Taylor is nogal rudimentair, zijn stemgeluid lijkt slechts twee varianten te kennen: tamelijk zacht en tamelijk luid. Veel erger dan deze onvolkomenheden was echter het feit dat hij in zijn lange reeks eigen composities - het concert ging zonder pauze ruim anderhalf uur door - meermalen klonk als een cover-artiest van de stukken die hijzelf heeft geschreven. Dat Chip net zo oud is als de artiesten op wie soms lijkt - Lou Reed, Bob Dylan en Leonard Cohen - is voor de luisteraar geen overweging. Die heeft bepaalde liedjes in zijn kop en vergelijkt daarmee de prestaties van Taylor, na vijftien jaar gokken terug in de kunst. Het is een onrechtvaardige maar onverbiddelijk wet; wie op een bepaald gebied het eerst een vlag plant, is daarmee gelijk ook eigenaar. Wie de legitimiteit daarvan wil betwisten moet komen met sterkere claims dan Chip Taylor gisteren in Paradiso liet horen. Een 'Rotten Gambler' die geen risico's neemt, dat is toch een verkapte couponnen-knipper?