Suriname wil met Nederland overleg

DEN HAAG, 18 FEBR. De Surinaamse regering wil nog deze maand op neutraal terrein politiek topoverleg met Nederland over de stand van de bilaterale betrekkingen.

Voorwaarde is dat beide landen wederzijds “de democratie als fundament” in hun relatie erkennen. Andere voorwaarde is dat Nederland vooraf meedeelt welke financiële middelen voor Suriname nog beschikbaar zijn uit het Raamverdrag van 1992.

Dit heeft de regering in Paramaribo begin deze week in een nota aan Den Haag laten weten. Het ministerie van Buitenlandse Zaken bestudeert de nota maar wil er nog geen commentaar op geven, aldus een woordvoerder vanmorgen.

In de nota wordt niet gesproken over het Nederlandse besluit om oud-legerleider Bouterse te vervolgens wegens drugshandel en in verband daarmee een internationaal aanhoudingsverzoek te laten uitgaan.

De nota is de de eerste schriftelijke bevestiging van een eis van president Wijdenbosch, die hij eind oktober vorig jaar uitsprak op een persconferentie. De Surinaamse president gelastte toen een voor begin december gepland bezoek van minister Pronk (Ontwikkelingssamenwerking) voor overleg over de besteding van ontwikkelingsgeld af in afwachting van zo'n topoverleg. Wijdenbosch verweet Nederland ook een “mogelijke betrokkenheid” bij een coup-poging in Paramaribo.

Premier Kok en minister Van Mierlo (Buitenlandse Zaken), die dat verwijt ontkenden, reageerden destijds met de mededeling dat de Nederlandse regering “altijd” tot een gesprek bereid is maar geen voorwaarden vooraf aanvaardt en zich niet naar Paramaribo laat ontbieden. Wijdenbosch verklaarde daarop dat het topoverleg zou moeten plaatsvinden zodra Suriname het moment daarvoor geschikt acht.

Sindsdien geldt dat Nederland nadere initiatieven van Suriname afwacht. Pronk maakte in de Tweede Kamer duidelijk dat over de besteding van een nog uitstaand bedrag van 600 miljoen gulden uit het Raamverdrag (1,3 miljard totaal) voorshands geen afspraken kunnen worden gemaakt.

Hij wees suggesties uit de CDA-fractie af om besteding van dat geld via de Wereldbank te laten verlopen.