SPD strijdt over kanselierskandidaat

De Duitse SPD is verdeeld over wie het bij de verkiezingen eind dit jaar moet opnemen tegen Helmut Kohl: Oskar Lafontaine of minister-president Gerhard Schröder van Nedersaksen.

BONN, 18 FEBR. In de sociaal-democratische partij SPD is een strijd ontbrand over de kandidatuur voor het kanselierschap. De strijd bedreigt de verwachte winst van de SPD bij deelstaatverkiezingen in Nedersaksen op 1 maart.

SPD-voorzitter Oskar Lafontaine geniet de voorkeur van de partij voor de kandidatuur voor het kanselierschap, maar Gerhard Schröder - de minister-president van Nedersaksen - ligt nog altijd op kop in de opiniepeilingen. Met Schröder lijkt de SPD over de beste kaarten te beschikken om eindelijk, na zestien jaar, weer eens een bondskanselier te leveren.

Wint hij over twee weken de verkiezingen in zijn eigen deelstaat, dan ontkomt de partijtop er nauwelijks aan Schröder de ring in te sturen tegen bondskanselier Helmut Kohl. Het verzet tegen Schröder groeit.

Lafontaine zelf had er onlangs al op gewezen dat er geen “automatisme” bestaat tussen het verkiezingsresultaat op 1 maart en de kandidaatstelling. Op 16 maart maart beslist het partijpresidium hierover, waarbij SPD-voorzitter Lafontaine - die zichzelf als kandidaat zeker zo geschikt acht - een belangrijke stem heeft.

Vorige week roerden de linkse Lafontaine-aanhangers zich. Zij voelen er weinig voor de 'partij' uit handen te geven aan de moderniseerder Schröder, die volgens hen zijn oren te veel naar het bedrijfsleven laat hangen en met zijn pragmatisme de linkse idealen aan de wilgen hangt.

“De SPD moet zich weer sterker als linkse partij profileren”, schreef een groep van zeven SPD'ers, onder wie plaatsvervangend partijvoorzitter Wolfgang Thierse en Lafontaine-vertrouweling Ottmar Schreiner, in een document dat uitlekte. “Een gepersonaliseerde verkiezingsstrijd en aanpassing aan stemmingen zijn geen stabiel fundament” voor de Bondsdagverkiezingen, menen zij. Alleen met een overtuigende “mega-boodschap” kan de SPD de verkiezingen winnen en daarom moet de partij “een sociaal en ecologisch tegenmodel voor het losgeslagen kapitalisme” ontwikkelen.

Ingrid Matthäus-Maier, de financiële specialiste en plaatsvervangend fractievoorzitter, lichtte in een interview toe wat van een SPD-kandidaat wordt verwacht: een ecologische belastinghervorming, ondersteuning van de euro en afschaffing van de kostbare Eurofighters, de Europese gevechtsvliegtuigen. Dat zijn 'toevallig' drie punten waarop Gerhard Schröder een voorbehoud heeft gemaakt of heel anders over denkt.

In het Schröder-kamp steeg na het document de nervositeit. Zeker nadat een van de opstellers had laten weten dat het Thesenpapier met de partijvoorzitter was besproken, rees de verdenking dat Lafontaine aan het stoken was.

De SPD-voorzitter zelf zag echter ook in dat de verwachte winst bij de komende verkiezingen door een interne strijd gevaar zou kunnen lopen en riep zijn linkse aanhangers tot de orde. Met een openlijke verdeeldheid tussen de rivaliserende fanclubs is geen van beide kandidaten gediend.

Maar het kwaad was al geschied en de onrust in de partij is toegenomen. “Dit is niet toevallig gebeurd”, reageerde het SPD-Bondsdaglid Hermann Rappe. Hij noemde het partijdocument veertien dagen voor de verkiezingen in Nedersaksen een “krachtige poging” Schröder onderuit te halen.

Schröder wil geen kandidaat zijn als hij bij de verkiezingen in Nedersaksen op 1 maart meer dan twee procent van de stemmen verliest (in 1994 behaalde hij 44,3 procent). Lafontaine vindt dat Schröder “extra” stemmen voor de SPD moet winnen.