'Reboelje' over aanleg moerasgebied in Friesland

In Grou zijn vijftienhonderd bezwaarschriften ingediend tegen de plannen om van het vredige eilandje De Burd een moerasgebied te maken. De tegenstanders spraken gisteren met leden van de vaste Kamercommissie voor landbouw.

GROU, 18 FEBR. Hij stuurt een foto na, waarop te zien is hoe twee dikke, rode muggenbulten zijn hals ontsieren. Een gevolg van steken van gnobben (Fries voor kleine moerasmugjes). Dat heeft F. de Wolf uit Grou, initiatiefnemer van de Stichting Behoud Fries Cultuurlandschap Mid-Fryslân, er ter verduidelijking achterop gezet. “Na een morgen te hebben gewandeld in het veenmoerasgebied van het natuurreservaat Alde Feanen, dat aan de Burd grenst.”

Waterrecreanten worden daar nu al opgevreten door muggen, beweert De Wolf. “Op meer moeras zitten wij echt niet te wachten. Zolang de mensheid er technisch toe in staat is, hebben we moerassen drooggelegd, gezien de nadelen.”

De Wolf, voormalig VVD-Statenlid, vindt het “dwaas” dat een groot wetter en reiden-gebied (water en riet, zoals de herinrichtingscommissie het moeras noemt) op een deel van De Burd staat gepland. “Zoiets haal je toch niet aan als je kunt kiezen? Een moeras hoort niet thuis in het open Friese weidelandschap.”

Een moeras ontsiert de streek niet alleen, zegt De Wolf. De berkjes en wilgen die uit het drassige stuk grond zullen opschieten, houden de wind tegen voor de honderden watersporters die in de zomermaanden het Pikmeer en de Wijde Ee bevaren. En dus zullen de toeristen wegblijven. “En daarmee komt de werkgelegenheid van de toeristische sector in gevaar.” Ook de weidevogels zullen nadelen ondervinden van een moeras, meent De Wolf. “Roofvogels zullen zich in het moerasbos nestelen en vinden hun buit, de weidevogeltjes, naast de deur.”

De reboelje (commotie) over het bestemmingsplan buitengebied is groot in de gemeente Boarnsterhim. Friesland moet, in het kader van het landelijk Natuurbeleidsplan, 14.500 hectare landbouwgrond omvormen tot nieuw natuurgebied. Vijf jaar geleden werden de eerste plannen bedacht voor de herinrichting van het 450 hectare grote, vredige eilandje De Burd aan het Pikmeer bij Grou.

Het noordelijk deel ervan (250 hectare), nu grasland, zou oorspronkelijk worden omgevormd tot kleimoeras. Na grote protesten van de bevolking stelde de herinrichtingscommissie de plannen bij: er komt nu een zomerpolder (100 hectare), een winterpolder (90 hectare), een deel water en een veenmoeras (60 hectare). Maar ook dit laatste moeras roept veel verzet op. Onder de tegenstanders bevinden zich onder meer plaatselijke vogelwachten, de VVV, verenigingen voor watersport en verenigingen van plaatselijk belang.

Ook G. Snoek van de Vogelwacht Grou waarschuwt voor de negatieve effecten van een moeras op de weidevogelstand in het noordelijk deel van De Burd. Als de weilanden veranderen in moeras blijft er niet alleen minder leefgebied voor de weidevogels over: “Een moeras trekt kolonies kokmeeuwen aan en dat zijn grote eierrovers.” Voor de ter plekke broedende kievit, grutto, scholekster en tureluur voorspelt dat weinig goeds, zegt hij. En de weidevogels hebben het toch al zwaar te verduren, onderstreept de vogelwachter. “Door drainage en verlaging van de waterstand voor de landbouw kan bijvoorbeeld de grutto met zijn lange snavel veel minder wormen vinden dan vroeger.”

Als er dan toch natuurgebied van de graslanden moet worden gemaakt, kan er beter een internationaal vermaard weidevogelgebied gecreëerd worden, aldus Snoek. “Een biotoop waar niet alleen de bedreigde grutto, maar ook de kemphaan kan gedijen.”

Directeur U. Hosper van de natuurbeschermingsorganisatie It Fryske Gea (Het Friese Landschap) en tevens lid van de herinrichtingscommissie, zegt dat niemand bang hoeft te zijn voor nadelige effecten van een groot aaneengesloten moeras. “Er komen kleine moerasgebieden. We willen daartoe sloten en vaarten verbreden, zodat er een open water ontstaat, met rietzones, waterplanten en struweel.”

Het moeras zal een belangrijke pleisterplaats worden voor amfibieën, reptielen en een voedselgebied voor ganzen, zwanen, meerkoeten, futen en dodaars, verklaart Hosper. “Langs de rietkragen zal de rietgors, de rietzanger, kleine en grote karekiet zich nestelen. Het moeras zal ook libelles, vlinders en kleine zoogdieren aantrekken.” Dat het moeras ten koste zal gaan van de weidevogels gelooft hij niet. In de zomer- en winterpolders zal de waterstand worden verhoogd, waarvan de weidevogels juist zullen profiteren. Hosper verwijt de tegenstanders een verkeerde voorstelling van zaken te geven. “Er komt geen moerasbos op De Burd en bovendien is recreatie heel wel mogelijk. Er komen wandel- en fietspaden, kanoroutes en vogelkijkhutten.”

Burgemeester Y. Dijkstra van Boarnsterhim, tevens voorzitter van de landinrichtingscommissie, krijgt het woord 'moeras' bijna niet meer uit zijn mond. “Het is zo'n beladen term geworden, vreselijk.” Omdat het oorspronkelijke kleimoeras te veel weerstand opriep, is voor een nieuwe herinrichting gekozen, memoreert hij. Dijkstra bestrijdt dat dit aangepaste plan het open karakter van het landschap aantast. “Het merendeel blijft groen grasland. Er komt alleen een vochtig rietgebied bij.”

Met de recreatieve belangen is wel degelijk rekening gehouden, onderstreept hij. “Er komen honderden nieuwe aanlegplaatsen voor bootjes bij op de Suderburd en zestig hectare extra vaargebied.” Maar heeft het plan nog een maatschappelijk draagvlak als er vijftienhonderd bezwaarschriften tegen zijn ingediend? Dijkstra: “Die hebben we meegewogen. Dit is een aanvaardbaar, harmonieus en evenwichtig compromis.”

De gemeenteraad van Boarnsterhim beslist volgende week over de herinrichting. Er lijkt een meerderheid te zijn voor de voorstellen van de commissie. De Wolf en Snoek willen echter procederen tot de Raad van State om het gewraakte moeras tegen te houden. De Wolf: “Ik heb hoop dat we het kunnen keren. Aan zoveel protesten kun je niet voorbijgaan.”