'Irak noopt tot betere coördinatie binnen EU'

DEN HAAG, 18 FEBR. Het uiteenvallen van de Europese Unie over de kwestie-Irak en een eventueel militair optreden van de VS heeft volgens minister Van Mierlo (Buitenlandse Zaken) ook te maken met het “altjd aanwezige spanningsveld” tussen het lidmaatschap van de EU enerzijds en het lidmaatschap van de Veiligheidsraad aan de andere kant.

De minister vindt dat het gebrek aan overeenstemming binnen de EU, met name tussen Frankrijk en Groot-Brittannië, in dit geval nog eens extra duidelijk maakt dat voor dit spanningsprobleem “een betere regeling” moet worden gevonden. Daarover moet in het debat over hervorming van de interne werking van de EU en de Verenigde Naties gesproken worden, vindt Van Mierlo.

De minister ontkende vanmorgen desgevraagd persberichten als zou hij zich erover “geërgerd” hebben dat EU-voorzitter Groot-Brittannië zich als Veiligheidsraadslid vierkant achter de VS en een mogelijke Amerikaanse militaire actie jegens Irak heeft uitgesproken maar over deze kwestie niet de EU-ministers van Buitenlandse Zaken bijeengeroepen heeft voor een poging de Unie op één lijn te brengen.

In een toelichting op de Nederlandse positie jegens een eventueel Amerikaans militair ingrijpen weigerde Van Mierlo gisteren te zeggen of Nederland in zo'n geval nog meer middelen dan het aangeboden fregat beschikbaar zou stellen. “Ik wil daarover niets zeggen, maar ik sluit niets in of uit”, zei hij daarover. Van Mierlo, toen nog niet op de hoogte van het akkoord dat gisteren daarover later in de Veiligheidsraad werd bereikt, pleitte er wel voor om de secretaris-generaal van de VN, Kofi Anan, “de benodigde ruimte” te geven in het mandaat voor zijn bemiddelingspoging in Irak. “Anders kun je net zo goed een brief naar Bagdad sturen”, zei hij.

Van Mierlo vindt dat Kofi Anan als “hoogste vertegenwoordiger van de internationale rechtsorde ergens tussen de resoluties van de Veiligheidsraad” gebruik moeten kunnen maken van een zekere “eigen creatieve ruimte”. De minister waarschuwde wel dat het niveau van Kofi Anan en het tijdstip van zijn poging zodanig zijn dat militaire actie welhaast onvermijdelijk wordt indien hij niet slaagt.