Annans missie vergt hogere evenwichtskunst

VN-chef Kofi Annan neemt grote risico's met zijn reis naar Bagdad om de Irak-crisis op te lossen. Maar veel keus had hij niet. Het is een missie zonder garanties op succes en voor hemzelf tevens een testcase op het hoogste niveau.

ROTTERDAM, 18 FEBR. Met een reis van de secretaris-generaal van de Verenigde Naties, Kofi Annan, naar Bagdad beleeft de huidige Irak-crisis dit weekeinde haar ontknoping: bereikt hij een diplomatieke oplossing of wordt een militaire aanval onafwendbaar? De meeste VN-lidstaten zien Annan als “laatste hoop en redmiddel”, zoals diplomaten het noemen, om een militaire aanpak van Saddam Hussein door met name de Verenigde Staten en Groot-Brittannië af te wenden.

De overige drie van de vijf permanente leden van de VN-Veiligheidsraad - Rusland, Frankrijk en China - laten zich voorzichtig optimistisch uit: zij gaan er vanuit dat ook Irak uiteindelijk een vreedzame oplossing wil, bereid is tot concessies om volledige en ongehinderde controles door het VN-wapeninspectieteam UNSCOM toe te laten en daarmee de resoluties van de V-raad uit te voeren. Deze 'P5-leden', die al een week aandringen op een reis van Annan naar Bagdad, vertrouwen daarbij ook op de kwaliteiten van de VN-chef zelf: de Ghanees heeft een niet-confronterende stijl, is verzoenend, standvastig en realistisch. Andere diplomatieke opties zijn inmiddels uitgeput: de vorige vier bemiddelaars die naar Bagdad togen - Rusland, Frankrijk, Turkije en de Arabische Liga - konden geen compromis tussen enerzijds Irak en anderzijds vooral de Amerikanen en de Britten tot stand brengen.

Annans missie wordt de hachelijkste onderneming sinds zijn aantreden als VN-chef veertien maanden geleden. Garanties op succes heeft hij niet. Zijn manoeuvreerruimte lijkt beperkt. De kans op een vernedering door of Bagdad of Washington is niet denkbeeldig. En de consequenties van zo'n verkeerde afloop zijn ingrijpend: ernstig gezichtsverlies voor de VN en hemzelf èn een grootscheepse militaire aanval door de machtigste VN-lidstaat, die hij niet heeft kunnen voorkomen. Een herhaling van de mislukte missie van de toenmalige VN-chef Perez de Cuellar naar Bagdad uit 1991 - enkele dagen voor het uitbreken van de Golfoorlog - is niet uitgesloten.

Kofi Annan is zich zeer bewust van deze risico's, maar weet dat hij in feite geen keuze heeft. Toen hij een week geleden het diplomatieke initiatief in de crisis naar zich toetrok, wist hij dat het sluitstuk een reis van hemzelf naar Bagdad kon zijn. Niet afreizen naar Bagdad en vooral de Russische en Franse oproepen daartoe negeren, kon hem het ernstige verwijt opleveren dat hij zich als hoogste diplomaat in de wereld te weinig ingespannen heeft voor een diplomatieke oplossing. Wel afreizen naar Bagdad met weinig kans op succes en gevaren voor zijn eigen prestige was evenmin aanlokkelijk - maar onvermijdelijk.

Dus heeft Annan de afgelopen dagen in drie zittingen met de P5 geprobeerd te zorgen dat zijn missie “een redelijke kans op succes” heeft, zoals hij zelf gisteren zei. Of dat gelukt is, zal in Bagdad blijken. Hij heeft uiteindelijk zelf besloten tot zijn reis, maar met de steun van de P5. Ook de VS steunen nu publiekelijk zijn missie, al verwoordde VN-ambassadeur Bill Richardson gisteravond meteen de Amerikaanse scepsis: “Maar we behouden ons het recht voor om het oneens te zijn als de conclusie van de reis niet overeenstemt met de resoluties van de Veiligheidsraad en met ons eigen nationale belang.” De toevoeging ons eigen nationale belang is een niet eens impliciete waarschuwing dat als Annans missie volgens de VS mislukt en Saddam niet inbindt een eigen Amerikaanse (lees: militaire) aanpak onvermijdelijk lijkt geworden - hoezeer Washington ook zelf liever een diplomatieke oplossing wil.

Niet bekend

Allen menen dat Saddam Hussein de VN-resoluties moet uitvoeren en onbelemmerde wapeninspecties door UNSCOM toelaten, zoals Annan gisteravond zei. Gezien ook het feit dat vooral de Amerikaanse regering geen duimbreed toegeeft, niet wil onderhandelen over versoepeling van wapeninspecties en zichzelf - èn de Amerikaanse bevolking - steeds nadrukkelijker voorbereidt op een eventuele militaire aanval, staat Annan in feite voor de vraag: hoe kan hij de aftocht voor Saddam uit dit diplomatieke steekspel dekken? Is er een cosmetische oplossing denkbaar, waarbij de VS en de rest van de P5 hun zin krijgen en tegelijkertijd Saddam binnenslands zijn gezicht redt? Zoiets vergt hogere evenwichtskunst van Annan maar is op voorhand niet onmogelijk.

Een van de steeds terugkerende formules om de crisis op te lossen is om diplomaten van de V-raadleden mee te sturen met de wapeninspecteurs tijdens controles in acht presidentiële plaatsen van Saddam, waar UNSCOM nu niet in mag. Dit zou tegemoet komen aan de Amerikaanse eis UNSCOM niet te verzwakken, en aan de Iraakse wens om de Amerikaanse en Britse overheersing van UNSCOM terug te brengen. Maar een ander obstakel is nog de Iraakse eis om de inspecties binnen zestig dagen af te ronden, een eis die van de VS hoe dan ook van tafel moet.

Irak, dat volhoudt geen gevaarlijke wapens te hebben, heeft goede wil beloofd om de reis van Annan tot een succes te maken. Voor Annan is het na een ruim dertigjarige loopbaan binnen de VN-organisatie de eerst testcase van zijn bemiddelende vaardigheden op het hoogste politieke niveau - gezeten tegenover een van de grilligste leiders in de wereld. Volgende week woensdag rapporteert hij terug aan de V-raad. Dan wordt meer duidelijk over de afloop van deze aflevering van het Iraakse feuilleton verstoppertje-spelen-met-massavernietigingswapens.