THE ECONOMIC HISTORY REVIEW

Economie omvat meer dan Adam Smiths inzicht in de efficiëntie van een onpersoonlijke markt waarin ieder individu zijn eigen voordeel najaagt zonder acht te slaan op andermans welzijn. Het mag dan zo zijn dat de middeleeuwse economie van maatschappelijke wederkerigheid uitliep op een onpersoonlijke markt gebaseerd op prijzen, maar dat neemt niet weg dat er ook nu nog veel goederen en diensten van eigenaar wisselen op basis van wederkerigheid en zonder de zegenrijke tussenkomst van markten en prijzen.

Het veronachtzamen van dit fenomeen, zo betoogt Avner Offer van het Nuffield College in Oxford, leidt tot het onderschatten en negeren van vitale onderdelen van de samenleving. Want achting voor anderen is een goed op zichzelf, zeker op terreinen waar persoonlijke interactie de uitwisseling van goederen en diensten domineert, zoals bijvoorbeeld in het onderwijs en de gezondheidszorg. De auteur wijst erop hoe belangrijk het uitwisselen van giften is in de antropologie, met het doel om achting te tonen en te verwerven. Het doen van een gift gebeurt vrijwillig, veronderstelt een wederdienst, kent geen prijs en schept vertrouwen - ook de basis voor de ontwikkeling van handelsbetrekkingen.

Een voorbeeld van onbetaalde diensten is huishoudelijk werk, dat meestal voor rekening van vrouwen komt. In Australië, Groot-Brittannië en de Verenigde Staten omvat huishoudelijk werk een kwart tot een derde van het bruto samenlevingsinkomen. Daaronder verstaat de auteur markt- en huishoudinkomen bij elkaar. Daar komt bij dat er ook bij de mannen een historische verschuiving heeft plaatsgevonden van de markt naar het huishouden. In 1856 werkten mannen 65 uur per week buitenshuis, en in 1973 42 uur. Uit vergelijkende cijfers tussen 1960 en 1980 in 17 landen blijkt dat mannen en vrouwen samen nog maar 21 procent van de beschikbare tijd besteden aan betaald werk op de markt, en 2 procent aan winkelen. Het overgrote deel van hun tijd besteden mannen en vrouwen dus buiten de markt.

Het grootbrengen van kinderen kost gigantisch veel geld, gerekend naar gederfde inkomsten van moeders. Een moeder met twee kinderen loopt in Engeland gemiddeld ruim 200.000 pond mis omdat ze haar tijd besteedt aan de opvoeding van kinderen. Dat is 46 procent van wat ze gemiddeld in haar leven zou hebben verdiend als ze geen kinderen zou hebben opgevoed. De directe kosten voor het opvoeden van kinderen van om en nabij de 50.000 pond zijn daarin nog niet meegerekend. In de VS bedragen de kosten voor het grootbrengen van kinderen 6,5 procent van het totale particuliere vermogen.

Een ander voorbeeld van onbetaalde maatschappelijk diensten is dat 70 procent van de ouderen in de wereld van vandaag voor hun verzorging geheel afhankelijk is van familie. De auteur meldt verder dat de marktwaarde van onbetaalde zorg aan anderen in 1992 in Engeland ruim 39 miljard pond bedroeg. Dat is 7,5 procent van het nationale inkomen, net zoveel als de kosten voor professionele zorg van de Nationale Gezondheidsdienst in Engeland.

De auteur concludeert onder andere dat de beleidsmakers de neiging hebben om te veel rekening te houden met wat economisch meetbaar is en te weinig acht slaan op de economie van de achting voor anderen. Ook meent hij dat de efficiëntie van Adam Smiths onpersoonlijke en onpartijdige markt sterk te wensen overlaat. Als voorbeeld noemt hij de beloning van topmanagers in de VS en Engeland. Hij stelt vast dat zelfs het Amerikaanse zakenblad Business Week gealarmeerd is geraakt, omdat deze beloning weinig relatie meer heeft met de geleverde prestaties.

Het kwartaalblad Economic History Review is een uitgave van Blackwell Publishers, 108 Cowley Road, Oxford OX4 1JF, UK.

www.blackwellpublishers.co.uk/ukre/