Met de walkman op in de klas

In Noord-Nederland is gisteren de estafettestaking van leraren op middelbare scholen begonnen tegen de hoge werkdruk. Eén oorzaak daarvan, zeggen leraren, is de houding van de hedendaagse leerling.

HOOFDDORP, 17 FEBR. Esther van Bijsterveld, beginnend lerares Nederlands, zet de band aan: een les over een sollicitatiegesprek. “Stil jongens”, zegt ze luid tegen Mavo Drie. Bek houden, sist een ijverige leerling, omdat de band al loopt. Zeventien jongens van zo'n vijftien jaar oud kijken ongeïnteresseerd in de richting van de vragen in hun boek. Ze luisteren, half. “Ik draai het een tweede keer en dan moeten jullie alle antwoorden hebben”, zegt Van Bijsterveld even later tegen het geroezemoes in. Geen reactie.

Van Bijsterveld vervangt sinds een week een vaste leraar op het Hoofddorpse Solyvius College, die overspannen is. Ze behandelt veel stof klassikaal, zodat ze de aandacht van deze klas - toevallig allemaal jongens - kan vasthouden. Dat lukt redelijk. In dit vijfde lesuur verplaatst ze drie praatjesmakers naar voren en stuurt ze één leerling eruit.

Op deze vestiging van het Solyvius College met Mavo, Havo en VWO staakten gisteren 21 van de 77 leraren de hele dag uit protest tegen de hoge werkdruk. De leraren die doorwerkten deden niet mee, omdat ze geen werkdruk ondervinden, vertellen ze in de lerarenkamer. De één wilde niet riskeren dat examenleerlingen een les zouden missen, de ander wilde niet nog verder achter raken dan hij al is.

De vestiging met het voorbereidend beroepsonderwijs (VBO) ging helemaal plat, omdat 55 van de 60 leraren staakten. Zij verdienen minder dan eerstegraads leraren, waardoor de meesten ooit voor een voltijdse baan hebben gekozen. Bovendien zitten op het VBO de moeilijkste, want minst leergierige, leerlingen.

Het gedrag van de huidige generatie middelbare scholieren - hoe aardig ze ook zijn - is een belangrijke oorzaak van de verhoogde werkdruk van leraren, zeggen leraren. De hedendaagse vijftienjarigen zijn individualistisch opgevoed, veelal in een klein gezin waar ze veel aandacht gewend zijn. Ze zijn mondig en anti-autoritair opgevoed door ouders die opgroeiden in de jaren zestig en zeventig. En ze zijn met de televisie grootgebracht, die CNN biedt (basketbal) gevolgd door Veronica (Beverly Hills 90210) en dan weer de videoclips van The Music Factory.

Neem de vierde klas Havo tijdens Nederlands, het vijfde en zesde uur. De leraar, die niet met zijn naam in de krant wil, komt te laat binnen. Hij moest de ouders die de schoolbibliotheek runnen, even helpen. Ach, u komt altijd te laat, zo verwelkomt de klas hem joviaal. Nu ze het toch over werkdruk hebben, had Daniela net geroepen, moet ze kwijt dat de Havo-leraren nooit tijd hebben voor de leerlingen. “Op de Mavo gaven de leraren om ons, we hadden we echt een band, we gingen vaak een shaggie met ze roken in de pauze.”

De klas moet vragen beantwoorden over een literair boek dat ze hebben gelezen. Thuis mag dat niet, want daar kunnen ze zo een samenvatting van het Internet plukken. Het zijn calculerende leerlingen, die met zo min mogelijk inspanning zo hoog mogelijke cijfers proberen halen, vertellen de leraren. Ynze, bij het raam, zet zodra de leraar niet kijkt zijn walkman op. “Ik heb 'm ook altijd bij me, voor het geval dat ik me verveel”, zegt Sabrina. Vandaag lukt het haar om het hele uur te tekenen. Ze heeft geen boek bij zich, omdat ze dacht dat Nederlands door de staking uitviel. Bovendien heeft ze geen zin.

Deze leerlingen, zegt de docent Nederlands later, hebben geen enkel gevoel voor gezag. “Ze vinden van Mavo tot VWO dat ze volstrekt gelijkwaardig zijn aan de leraar.” Dat heeft volgens hem grote gevolgen: wat een volwassene vertelt, is oninteressant. In elk geval moet die eerst maar bewijzen dat hij iets te melden heeft. De leraar Nederlands: “Ik kan goed spreken. Vroeger vertelde ik het hele uur over literatuur, maar nu luistert niemand.” Eén verklaring ziet hij in het feit dat belangrijke mensen op televisie verschijnen, terwijl de familie rustig doorpraat. “Dat doen ze hier dus ook.”

Daarnaast stelt hij vast dat leerlingen geen belangstelling hebben voor onderwijs, laat staan voor zijn vak, literatuur. “Dat is uit de mode en kinderen zijn modegevoelig.” Vooral de Havo kan volgens hem worden opgesplitst in twee groepen: de groep die kan leren, maar die geen zin heeft. En de groep die er met moeite komt. Hij kent in deze Havo 4 maar twee leerlingen die op de juiste plek zitten, die regelmatig een acht halen. De eerste groep zou het zelfs koud laten als ze een slecht cijfer halen.

Een onvoldoende? Sabrina haalt haar schouders op. Ook haar ouders zou het een zorg zijn. “Het is toch mijn leven, dat maak ik toch wel uit?”, zegt ze. “En uiteindelijk haal ik het toch wel.”

Haar vriendin Sylvia knikt instemmend. Wat doen jullie? vraagt de leraar in het voorbijgaan. “Wij doen wel iets”, reageert Sylvia verontwaardigd. “Misschien niet wat ú wilt, maar we doen wel iets.”