De Jong in kielzog van onaantastbare ploeggenoot naar zilver; Romme is Superman op klapschaatsen

NAGANO, 17 FEBR. De kleine Japanse tv-verslaggever stond met zijn microfoon in de schaduw van de reusachtige Gianni Romme. “Ben jij Superman?”, vroeg de man. “Nee, want ik kan niet vliegen”, luidde het antwoord van de Brabantse stayer. “Ik schaats.”

De vraag was gerechtvaardigd omdat Romme zojuist in de tot Holland House getransformeerde M-Wave in Nagano op ongenaakbare wijze goud had gewonnen op de tien kilometer. Voor de tweede maal tijdens de Olympische Spelen kreeg de koning van de lange afstanden de gouden medaille omgehangen, dit keer door kroonprins Willem-Alexander. Vorige week zondag was Romme ook al de snelste op de vijf kilometer, net als vandaag in een nieuw wereldrecord.

Nadat Romme 13.15,33 op het elektronische scorebord had laten afdrukken, begaven Rintje Ritsma en Bart Veldkamp zich naar de start voor de laatste rit op de tien kilometer. Beide routiniers wisten dat ze aan een verloren race begonnen, omdat de lange afstanden het exclusieve domein van Romme zijn. Bij wijze van alternatief deden Ritsma en Veldkamp een aanval op de tweede plaats van kernploeglid Bob de Jong. Met een felle eindspurt versloeg Ritsma de Nederlandse Belg, ruim twee seconden achter De Jong. Ritsma won het brons, Veldkamp stond met lege handen. Pas na twaalf van de 25 ronden in de race Ritsma-Veldkamp voelde Romme zich onaantastbaar. “Toen zag ik dat ze niet sneller gingen en dacht ik, ik heb ze.”

Bob de Jong had zich van tevoren al neergelegd bij zijn rol in de schaduw van Romme. Ze reden in dezelfde rit, maar de 21-jarige De Jong liet zich niet gek maken door zijn ploeggenoot. “Met nog tien ronden te gaan lag hij honderd meter voor me en toen ik in de laatste bocht opkeek gooide hij zijn handen omhoog. Toen was het nog steeds honderd meter.” Bondscoach Henk Gemser: “Bob heeft precies gedaan wat we hadden afgesproken; rijden voor de tweede plaats. Gianni is niet te verslaan.”

Johann Olav Koss was er als commentator voor de Australische televisie getuige van hoe Romme vanochtend zijn wereldrecord op de tien kilometer aan flarden reed. “Hij is erg sterk en hij heeft een goeie techniek”, zei de Noor, “en dat is een ongebruikelijke combinatie. Het gehele Nederlandse team is zo gemotiveerd en talentvol. Drie Nederlanders op het podium bij de Olympische Spelen is ook ongebruikelijk.” De snellere tijd van Romme is volgens Koss niet alleen een gevolg van het gebruik van de klapschaats. “Er wordt nu harder getraind. En Gianni is gewoon beter dan ik vier jaar geleden was.” Romme: “Vier jaar geleden vroegen de Nederlanders aan de Noren hoe ze het deden, nu vragen ze het aan ons.”

Romme gold vandaag als de grote favoriet. Op de tien kilometer regeert hij al twee jaar met strakke hand. Bij de WK afstanden van 1996 en 1997, respectievelijk in Hamar en Warschau, werd hij wereldkampioen op die afstand. Hij leverde dit seizoen de ene indrukwekkende prestatie na de andere. Begin december liet hij voor het eerst zijn spierballen rollen. Toen ontnam hij Koss in Heerenveen diens wereldrecord op de vijf kilometer. Vorige week stelde hij dat nog eens acht seconden scherper.

Romme, die vorige week in Nagano niet alleen zijn eerste olympische titel maar ook zijn 25ste verjaardag vierde, reed dit seizoen pas zijn tweede tien kilometer. Hij etaleerde vanochtend dezelfde overmacht als een maand geleden, toen de Brabander in Innsbruck de snelste tijd ooit op buitenijs reed: 13.46,44. Vanaf maart vorig jaar (WK afstanden in Warschau) had hij geen tien kilometer meer gereden. Tot Innsbruck hij wist niet meer hoe het aanvoelde om een tien kilometer te rijden en dat had hem onzeker gemaakt.

Vandaag ging het moeizamer, moest Romme bekennen. “Halverwege voelde ik al dat het geen gemakkelijke race zou worden. Ik begon me al een beetje moe te voelen en dat was een vreemde gewaarwording. De laatste drie ronden heb ik er echt voor moeten vechten.” Bondscoach Gemser maakte zich heel even zorgen. “Ik heb niet aan Gianni getwijfeld, maar ik was wel bang dat hij in het begin te veel energie zou wegsmijten. Even heb ik daar angst voor gehad. Rond de zeven, acht kilometer zat hij niet fris meer. Hij moest met een hogere frequentie gaan rijden. Ik heb hem voortdurend uitgedaagd om te dansen, als een dirigent van de zwaartekracht.”

Rintje Ritsma was blij dat hij zijn derde Olympische Spelen met een derde medaille kon afsluiten. Hij kwam voor goud naar Nagano, maar moet genoegen met zilver (5 km) en tweemaal brons (1.500 m en 10 km). “Natuurlijk heb ik gemengde gevoelens, maar dit maakt veel goed. Na de 1.500 meter dacht ik wel shit en baalde ik wel. Dan zit je er vreselijk mee. Ik kijk terug op een mooie Olympische Spelen. Dit was het hoogst haalbare.”

In zijn eindspurt met Veldkamp om het brons spookte er maar één gedachte door Ritsma's hoofd: “Ik dacht, verdorie, het zal toch niet gebeuren dat ik vierde word? Ik gooide alles er uit en dat werd gelukkig beloond.” De 27-jarige Ritsma blijft schaatsen, maar weet niet of hij doorgaat tot en met de Olympische Spelen van 2002. “Ik ga door zolang ik er plezier in hou en kan meedraaien in de top-vier, vijf.”

Bart Veldkamp (30) werd twee dagen geleden ziek en slikte pijnstillers om de koorts te onderdrukken. “Ik was niet honderd procent fit”, zei de winnaar van olympisch goud op de tien kilometer bij de Winterspelen van 1992 in Albertville. “Dit was pure onmacht, daar doe je niks aan.”