Zalm overschatte bijdrage aan EU

BRUSSEL, 16 FEBR. Onderzoekers hebben toegegeven dat zij bij een studie ten behoeve van de Europese Commissie een fout gemaakt hebben bij de betekenis van het zogenaamde 'Rotterdam effect' voor de berekening van de Nederlandse netto bijdrage aan de Europese Unie. Tegelijkertijd blijkt uit hun nieuwe studie dat het cijfer dat het Nederlandse ministerie van Financiën tot nu toe hanteerde ook niet klopt.

Nederland betaalt aan de EU jaarlijks voor ongeveer 3,5 miljard gulden rechten voor goederen die in Rotterdam zijn ingevoerd. Dat geld heeft Nederland geïncasseerd van importeurs. Het Nederlandse ministerie van Financiën ging ervan uit dat 82 procent van dat geld uit Nederland kwam en dat 18 procent afkomstig was van importeurs in andere landen waarheen goederen werden doorgevoerd. Die 82 procent werd daarom beschouwd als een Nederlandse last bij de berekening van de totale Nederlandse bijdrage aan de EU.

Vorig jaar kwamen onderzoekers die in opdracht van de Europese Commissie een studie uitvoerden tot de conclusie dat slechts 52 procent van de bij Rotterdam ingevoerde goederen voor Nederland waren bestemd. De Nederlandse last zou dus belangrijk minder zijn.

Na protesten van het Nederlandse ministerie van Financiën hebben de onderzoekers hun werk in samenwerking met het Centraal Bureau van de Statistiek opnieuw gedaan. Zij zijn nu tot de vaststelling gekomen dat 73 procent van de in Rotterdam ingevoerde goederen voor Nederland zijn. Dat betekent dat zij menen dat Nederland minder aan de EU bijdraagt dan minister Zalm (Financiën) tot nu toe heeft gezegd.