D66 en de anderen

SINDS HET CONGRES van het afgelopen weekeinde in Noordwijkerhout kan er geen twijfel meer bestaan over de boodschap van D66 aan de kiezer die op 6 mei zijn stem moet uitbrengen voor de Tweede-Kamerverkiezingen. Wie een voortzetting van paars wil zal op D66 moeten stemmen, want zonder de Democraten zal dat tweede kabinet van deze kleur er niet komen. Zoals lijsttrekker Borst het gisteren in haar toespraak tot het congres zei: “Zonder D66 was dit kabinet er nooit geweest, was dit kabinet nooit wat geworden en zal er geen volgend paars kabinet zijn.”

De gekozen strategie is vanuit het gezichtspunt van de Democraten alleszins begrijpelijk. Uit alle peilingen komt naar voren dat een meerderheid van het electoraat tevreden is over de huidige coalitie en deze dan ook geprolongeerd wil zien. Maar uit dezelfde peilingen blijkt dat D66 - in 1994 de architect van paars - als enige van de drie coalitiepartners op verlies staat. D66 staat zo bezien inderdaad niet veel anders te doen dan de eigen onmisbaarheid voor paars te onderstrepen. Maar het is wel een ingewikkeld verhaal.

D66 gaat uit van de premisse dat PvdA en VVD niet samen de coalitie kunnen voortzetten. De Democraten beschouwen zichzelf als het noodzakelijke bindmiddel voor de samenwerking tussen de twee voormalige antipoden. Dat was vier jaar geleden ook het geval. D66 was nodig om een coalitie aan een meerderheid te helpen en kon zodoende PvdA en VVD tot samenwerking dwingen. Maar niet vergeten kan worden dat los van dit machtspolitieke gegeven bij VVD en PvdA - gevoed door anti-CDA-sentiment - de geesten rijp waren voor samenwerking.

EN DAT MAAKT de logische strategie van D66 tevens tot een riskante. De afgelopen vier jaar hebben aangetoond dat de tegenstellingen tussen PvdA en VVD overbrugbaar waren. Dat is veel vaker gebeurd zonder dan met behulp van D66. Weliswaar kwamen de compromissen vaak in de buurt van het D66-standpunt, maar dat had meer te maken met de middenpositie van D66 dan met een rol van de partij als bruggenbouwer. D66 kan zichzelf opwerpen als onmisbare factor in de coalitie. Maar als de twee andere partners die analyse niet delen wordt dat toch een voor de kiezer moeilijk te vertellen verhaal.

D66 kijkt verder, is de leuze waarmee de partij de verkiezingen in gaat. De inhoudelijke betekenis hiervan is vaag. Volgens lijsttrekker Borst zal een tweede paars kabinet “nieuwe accenten” moeten plaatsen. Daarbij moet dan gedacht worden aan zaken als de band tussen economie en milieu, de kwaliteit van zorg en onderwijs en op de “inhoud van het leven in brede zin”. Op geen van de punten is D66 hierbij echt uniek ten opzichte van andere partijen. Het komt toch vooral neer op de stijl van politiek bedrijven.

D66 BLIJFT HET redelijk alternatief. Uit elk onderzoek blijkt dat de partij fungeert als politieke vluchtheuvel. Het verblijf op een vluchtheuvel is niet lang. Partijvoorzitter Kok erkende dit weekeinde volmondig dat D66 het bij uitstek moet hebben van de zwevende kiezer. Op die uitdijende markt gaat D66 zich de komende tijd dan ook richten. De prijs daarvoor is een zwevend bestaan.

Ein Nervensäge gegen Alle (Ralf Gregan, 1969, West-Duitsl./Italië). Routine-komedie over echtelijke crisis van Duits paar in Rome. Met Liselotte Pulver. Duitsl.2, 24.00-1.20u.