Bromelia's en demonstranten voor Chinese premier

Het bezoek van de Chinese premier Li Peng aan Nederland werd in 1996 opgeschort uit angst voor demonstranten. Die waren er nu ook, maar de Chinese regeringsleider wist ze met behulp van Nederlandse zakenvrienden te ontwijken.

ROTTERDAM, 16 FEBR. “Laat Wang Dan vrij”, riepen enkele Chinese demonstranten toen de Chinese premier Li Peng gisterochtend, op de tweede dag van zijn bezoek, op de kade van de Parkhaven nabij de Euromast arriveerde voor een vaartocht door de Rotterdamse haven. De minieme betoging was aanleiding voor wijziging van het programma: de nagebouwde radarboot 'Mississippi Queen' legde aan bij Shell-Pernis waar het Chinese gezelschap van boord ging om vervolgens naar Den Haag terug te keren. Een tweede confrontatie met de betogers aan de Parkkade - en de naam van China's bekendste politieke gevangene - werd zo vermeden.

“Demonstraties doen afbreuk aan de harmonie van de betrekkingen tussen beide landen”, legde een functionaris van het Chinese ministerie van Buitenlandse Zaken uit aan boord van de 'Mississippi Queen', de nagebouwde radarboot waarmee Li Peng en zijn gevolg van tientallen functionarissen en even zovele Chinese verslaggevers door de Rotterdamse haven voeren. Twee jaar geleden werd een bezoek van Li Peng opgeschort, omdat de Nederlandse regering niet kon garanderen dat er geen demonstranten zouden zijn die wilden herinneren aan de schending van mensenrechten in China of aan het bloedige neerslaan van het studentenprotest in 1989 in Peking. Ditmaal was het bezoek zo geprogrammeerd dat Li Peng zo min mogelijk met demonstranten zou worden geconfronteerd.

Toen de Chinese premier gisteren in de Rotterdamse haven aankwam, bleken enkele Chinese betogers, vijftien meter verderop achter een bescheiden politieafzetting, toch voldoende voor een diplomatieke confrontatie. Ze ontrolden een paar spandoeken met teksten over schending van de mensenrechten in China. En ze schreeuwden de naam van Wang Dan, een van de drie leiders van het studentenprotest in 1989 dat eindigde met een bloedbad op en rond het Plein van de Hemelse Vrede in Peking. Wang Dan, al eerder tot vier jaar cel veroordeeld, kreeg twee jaar geleden wegens zijn politieke acties tegen het regime een langdurige gevangenisstraf opgelegd.

Hoewel Li Peng, die in 1989 premier was, nauwelijks iets van de betogers kan hebben gemerkt, toonden enkele functionarissen in zijn gevolg en de ambassadeur van de Chinese Volksrepubliek in Nederland, mevrouw Shu Manli, zich geschokt. Op hun verzoek werd besloten dat de 'Mississippi Queen' niet zou terugkeren naar het punt van vertrek, maar elders zou stoppen om Li Peng en zijn gezelschap van boord te laten gaan. Shell, dat vandaag een overeenkomst met Li Peng over een miljardeninvestering in China ondertekent, bracht uitkomst: op het enorme bedrijfsterrein van Shell-Pernis aan de Eerste Petroleumhaven kon Li Peng in alle rust overstappen in de auto die hem terug zou brengen naar Den Haag. Betogers hadden hier uiteraard geen toegang. De harmonie van het vertrek uit Rotterdam was zo toch bijna even mooi als het stralende weer. Dat de Chinese gasten het schip via een sterk hellende en gladde loopplank moesten verlaten, deed daaraan geen afbreuk.

Gastvrouw en -heer, minister Jorritsma (Verkeer en Waterstaat) en de Rotterdams burgemeester Peper, hadden Li Peng in korte toespraken aan boord verwelkomd met de verzekering dat Nederland en de Rotterdamse haven zeer geïnteresseerd zijn in Chinese projecten, zoals de ontsluiting van het achterland van Rotterdams 'zusterstad' Sjanghai via de Yang Tse-rivier. Ook Willem Scholten, directeur van het Rotterdamse Gemeentelijk Havenbedrijf, had daarvan in zijn toespraak melding gemaakt onder het motto dat 'China kan leren van de fouten die wij gemaakt hebben'. Dat sloeg uiteraard niet op het tolereren van een betoging binnen roepafstand. Het geklungel met ondeugdelijke microfoons op het radarschip mag er wel toe worden gerekend, want dat maakte het Rotterdamse welkom er niet beter op.

De tweede dag van Li Pengs bezoek was eerder op de ochtend nog wel zo goed begonnen. Bij het hightech-tuinbouwbedrijf van Henny Bos in Pijnacker (12.000 vierkante meter glas, 300.000 planten, vijf arbeidsplaatsen) bewonderde de Chinese premier de verregaand geautomatiseerde teelt van bromelia's. Tachtig procent van de bromelia's die bij kwekers in Pijnacker worden gekweekt, gaat rond het Chinese Nieuwjaar naar de Volksrepubliek.

Demonstranten waren tussen het tuinbouwglas van Pijnacker afwezig. Maar de harmonie die de Chinezen in hun relaties met andere staten nastreven, was een dag eerder al beschadigd. Bij het gebouw van De Nederlandsche Bank in Amsterdam waar minister Gerrit Zalm (Financiën) de Chinese premier een lunch aanbood, hadden zich ook al demonstranten gemanifesteerd, dit keer vooral om te protesteren tegen de Chinese 'bezetting' van Tibet. Het misnoegen dat daardoor bij de Chinese bezoekers werd veroorzaakt, was voor Shell dezelfde dag al aanleiding om een deel van het programma te wijzigen. De ondertekening van het chemische-industrieproject Nanhai - een joint venture van negen miljard gulden - vindt vanmiddag niet plaats op het Haagse hoofdkantoor van Shell, maar op het Binnenhof.