BRAHMS

Brahms: The Symphonies. Berliner Philharmoniker o.l.v. Nikolaus Harnoncourt (Teldec, 0630-13136-2)

Van alle grote dirigenten in de oude muziek is Nikolaus Harnoncourt de oorspronkelijkste. Over zijn interpretatie van bepaalde werken, en de laatste jaren misschien wel vooral over zijn omstreden tempo-keuze, kan men van mening verschillen. Maar geen dirigent heeft zozeer bijgedragen aan de algehele restauratie van de praktijk in de uitvoerende muziek als Harnoncourt. Zijn vermaarde Johannes Passion van Bach uit de jaren zestig, schokte menige onschuldige luisteraar. De Bach cantate-serie, samen met Gustav Leonhardt, zette de Bach-interpretatie op zijn kop.

Van daaruit was het op het eerste gezicht een lange weg naar uitvoeringen van de symfonieën van Brahms met de Berliner Philharmoniker, die onlangs - samen met de Haydn Variaties en de Festival en Tragische Ouverture - op drie cd's zijn verschenen. Voor Harnoncourt was die weg helemaal niet vreemd, evenmin als zijn uitstapje van een paar jaar geleden naar Johann Strauss, die hij daarmee ineens een nieuw aanzien gaf.

De mentaliteit waarmee Harnoncourt Brahms benadert verschilt niet wezenlijk van de manier waarop hij ooit aan Bach begon: gewapend met een grondige historische kennis, en veelal na onderzoek van het manuscript van de componist. Bijna altijd wordt muziek daardoor in een nieuw licht gezet. In een interview in de toelichting bij de Brahms-opname spreekt Harnoncourt over een “noodzakelijke wisseling van modes” in de uitvoeringspraktijk. Iedere interpretatie draagt volgens de dirigent de tegenstelling in zich die onherroepelijk leidt tot de vraag 'waarom eigenlijk zo en niet anders'.

Het is een vraag die de luisteraar van deze uitvoeringen van de symfonieën van Brahms zich echter niet onmiddellijk zal stellen. Daarvoor is de lyriek te vanzelfsprekend, de verhouding tussen strijkers en blazers te uitgebalanceerd en de aandacht voor Brahms' schilderachtige details te groot. Maar ook als men Harnoncourts interpretatie (zoals inmiddels zijn revolutionaire Johannes Passion) over dertig jaar achterhaald vindt, dan nog zal niemand kunnen ontkennen dat het ging om een verfrissende en onverwachte aanpak.