Alleen Olsen durft Ajax nog geen kampioen te noemen

EINDHOVEN, 16 FEBR. Morten Olsen leverde kritiek op het niveau van de wedstrijd én op de prestatie van zijn eigen manschappen. De oefenmeester van Ajax die de ultieme schoonheid in het voetbal nastreeft wilde na het gelijkspel (1-1) in de titatenstrijd met PSV zelfs niet over de landstitel dromen.

Al waren de Eindhovenaren inderdaad voor de tweede keer dit seizoen de betere ploeg in de nationale topper, dit resultaat betekende tóch een overwinning voor Ajax. Twaalf wedstrijden voor het einde van de competitie staat Ajax nog steeds een straatlengte van twaalf punten voor op PSV. Paradoxaal genoeg gooide Dick Advocaat wel het hoofd in de schoot. De nuchtere Hagenaar gelooft niet in wonderen.

Ajax kan dit seizoen op resultaat spelen en zal niet te veel misstappen meer maken, zo wordt geredeneerd bij PSV. Olsen echter: “Wij hebben nog een paar lastige uitwedstrijden. Het is veel te vroeg om ons nu al kampioen te wanen.” Hoewel de kampioensschaal voor het grijpen ligt, keerde de Deen met een onbevredigend gevoel terug naar Amsterdam. Het gunstige resultaat vergoedde voor de voetbalpuritein te weinig.

Nadat Ronald de Boer de bal vanaf veertig meter in een leeg doel had geschoten, kon Ajax in zijn optiek de ruimte die het kreeg onvoldoende uitbuiten. In de tweede helft waren de Amsterdammers volgens Olsen niet agressief genoeg geweest. Te veel spelers acteerden onder hun niveau. Te vaak werd er door Ajacieden balverlies geleden.

Het was een realistische kijk van Olsen die Ajax in zijn commentaren zelden beter laat spelen dan de feiten dat toelaten. Voorgangers als Cruijff en Van Gaal hadden meer moeite met een objectieve visie. Na het fraaie doelpunt van De Boer in de 24ste minuut, dat ontstond doordat Waterreus ver buiten het zestienmeter gebied Arveladze probeerde te onderscheppen, werd Ajax steeds meer teruggedrukt op eigen helft. Het elftal van Olsen kreeg nauwelijks nog kansen en voetbalde beslist niet als een kampioen.

De Amsterdamse aanval was machteloos tegen de hechte defensie van PSV. Arveladze kwam kracht tekort in de duels met Jaap Stam. Babangida kwam Numan zelden of nooit voorbij. De linksback van PSV hoeft niet te vrezen dat zijn positie in het Nederlands elftal in gevaar komt. Slechts Michael Laudrup stichtte door zijn knappe passeertechniek af en toe gevaar. In de slotfase, toen PSV wanhopig een alles-of-niets-gevecht leverde, forceerde hij twee keer een rode kaart.

Wim Jonk was de eerste die hem licht aantikte. Arbiter Uilenberg floot en besefte tegelijkertijd dat hij niets anders kon doen dan een rode kaart trekken. Laudrup was immers een doorgebroken speler die recht op het doel afging. Even later ging de soms wat té meedogenloze Faber rigoureuzer te werk. Hij kreeg slechts geel, maar omdat het z'n tweede kaart was kon ook hij inrukken.

De incidenten sleepten Ajax naar het einde van de wedstrijd. Voordien werd de ware strijd vooral op het middenveld geleverd. Witschge had in directe confrontaties zijn handenvol aan Stinga en bewees nog eens het gelijk van Hiddink. Cocu, die hem min of meer uit Oranje heeft verdrongen, leverde wel goed werk tegen Ronald de Boer, die achteraf klaagde over gebrek aan lucht. Dmitri Khokhlov zorgde voor de nodige druk op het doel van Ajax, maar hij is nog te veel een vreemde eend in de bijt bij PSV. De Rus verstaat zich bijvoorbeeld nog niet goed met Luc Nilis, die uit vorm is.

Centraal op het middenveld ging Wim Jonk in het geweld ten onder. Dat hij uiteindelijk het veld verliet met een rode kaart was symptomatisch. De geringe stootkracht van de Volendammer, die eveneens in veel Europa-Cupwedstrijden niet overtuigde, moet bondscoach Guus Hiddink met het oog op het wereldkampioenschap in Frankrijk aan het denken zetten. Jonk werd gisteravond voortdurend opgejaagd door Gorré. Hij schakelde de vormgever van PSV volledig uit. Nadeel was echter dat de 'supersub' van Ajax zelf ook niet meer toekwam aan aanvallende impulsen. Maar de Amsterdammers hoefden natuurlijk niet zo nodig in het PSV-stadion. Een status quo was voldoende.

Niettemin had Olsen weinig verdedigers opgesteld. Middenvelder Rudy kreeg de voorkeur boven rechtsback Melchiot om Zenden op te vangen. Olsen: “Zenden start zijn rushes altijd vanuit het middenveld. Rudy is een geroutineerde speler. Hij leek me in deze wedstrijd geschikter op die plek. En Zenden is toch nauwelijks gevaarlijk geweest?” De international scoorde weliswaar de gelijkmaker, maar toen arriveerde Oliseh te laat.

De treffer voorkwam slechts dat PSV nog verder achterop raakte in de competitie. Dick Advocaat, die deze week schriftelijk via een perscommuniqué bekend maakt dat hij volgend seizoen in dienst treedt bij Glasgow Rangers, leek achteraf te berusten in het gegeven dat Ajax in feite de kampioensschaal had opgehaald in Eindhoven. “Ik kan mijn spelers weinig verwijten. Qua werklust hebben zij alles gegeven.”

De wissel van Advocaat wekte verbazing. Toen Jonk van het veld was gezonden haalde hij Nilis naar de kant voor Valckx. “Daarvoor moet je verstand hebben van voetbal. Op een gegeven moment stonden er alleen nog aanvallers op het veld”, verdedigde Advocaat zich. Nilis toonde zich zichtbaar verbolgen over de wissel. Eerder was PSV al verzwakt geraakt toen André Ooijer het veld moest ruimen. De tussentijdse aankoop, die nu al een aanwinst kan worden genoemd, had zich een uur leeg gelopen als rechtsback, hetgeen bovendien zijn gekwetste enkel niet ten goede was gekomen.

Olsen wekte op zijn beurt bevreemding met de wissel van Blind, die voornamelijk had lopen buffelen op het middenveld. “Ik koos voor de ploeg. Het was beter dat Frank de Boer in het centrum ging spelen”, verkondigde Olsen. En daarmee luidde hij wellicht ongewild het afscheid in van de veteraan Blind, die zelf nog een slag om de arm houdt. Maar als hij stopt, dan wel met een landstitel. “Want deze voorsprong mogen we natuurlijk nooit meer weg geven”, zo vertolkte hij de gevoelens in Amsterdam.