HALF UURTJE PER DAG OVER JEZELF SCHRIJVEN VERMINDERT DE STRESS

Wie zich ergens druk om maakt - een recent ontslag, een naderend sollicitatiegesprek of toelatingsexamen - doet er goed aan zijn zorgen van zich af te schrijven. Een aantal dagen achtereen gedurende zo'n 15 à 30 minuten per dag over je diepste gevoelens en gedachten schrijven, blijkt onder meer te leiden tot betere studiecijfers, het sneller vinden van een nieuwe baan, lager ziekteverzuim, minder huisartsbezoek, een verhoogde productie van antistoffen in het bloed, en

in het algemeen een betere stemming, in vergelijking met mensen die over

oppervlakkige onderwerpen schrijven.

Waarom schrijven zo goed werkt, is niet precies bekend. Het kan zijn dat het mensen helpt om stresserende gebeurtenissen onder ogen te zien. Mensen die ergens over piekeren doen vaak hun best om het probleem

uit hun hoofd te zetten, wat er ironisch genoeg toe leidt dat ze er de hele tijd aan moeten denken. Dat is natuurlijk extra vervelend. Als ze over hun probleem schrijven, mogen ze het van zichzelf juist grondig overdenken. Het zou kunnen dat daardoor de frequentie of de deprimerende

werking van die hinderlijk binnendringende gedachten afneemt.

Stephen Lepore van Carnegie Mellon University in Pittsburgh onderzocht of mensen minder over een stresserende gebeurtenis piekeren, als ze erover schrijven (Journal of Personality and Social Psychology, november

1997). Hij liet 37 studenten, tien dagen voor een belangrijk toelatingsexamen, 25 minuten lang hun diepste gevoelens en gedachten over het examen opschrijven. Een controlegroep van 37 andere studenten noteerde in plaats daarvan nauwkeurig en objectief wat ze de vorige dag hadden gedaan. Alle studenten werden een maand en drie dagen voor het examen en tien dagen na het examen telefonisch geïnterviewd. Hun werd onder andere gevraagd hoe gedeprimeerd ze zich voelden en in hoeverre ze steeds terugkerende gedachten over het examen hadden.

De groepen bleken niet te verschillen in de mate waarin de studenten over het examen piekerden. Maar de studenten die over het examen hadden geschreven, voelden zich drie dagen voor het examen toch minder gedeprimeerd dan de studenten in de controlegroep. Degenen die over het examen hadden geschreven ondervonden dus minder last van hun gedachten over het examen. Alleen voor studenten uit de controlegroep gold dat hoe

meer ze een maand voor het examen piekerden, hoe beroerder ze zich drie dagen voor het tentamen voelden. Bij studenten die over het examen hadden geschreven, bestond dit verband niet.

Over een probleem schrijven vermindert dus niet het aantal keer dat het ongevraagd je gedachten binnendringt, maar haalt wel de angel uit zich opdringende gedachten. Door je bloot te stellen aan gedachten over het probleem worden de bijbehorende emoties minder intens, zoals de angst van een spinnenfobicus vermindert bij het vasthouden van een spin.