Ethische dilemma's

Naarmate het leven ingewikkelder wordt, terwijl de geestelijke bakens van vroeger aan gezag en macht verliezen, groeit de kans dat de mensen terecht komen in ethische dilemma's waarmee ze zelf geen raad weten. Komt in Nederland iemand op zo'n manier in de knel, dan zijn er dilemmatrainers die het rechte pad wijzen. Ik zou zo iemand weleens willen horen over de toestanden die zich in en om het Amerikaanse Witte Huis afspelen.

Degene in wiens brein ik me probeer te verdiepen is Kenneth Starr, de independent counsel. Hij moet uitzoeken wat er zich tussen Monica Lewinsky en Bill Clinton heeft afgespeeld en of de president daarover de

waarheid heeft gesproken. Hij heeft een ethisch adviseur, Samuel Dash, die dezelfde functie had in het onderzoek naar het doen en laten van Richard Nixon, dat met het bekende gevolg is geëindigd. Maar het gaat niet over namen van personen; het gaat om de ethiek.

Monica Lewinsky is op het toneel verschenen door de bemoeienissen van Linda Tripp. Deze stevig gebouwde, niet meer zo jonge vrouw heeft al jaren een baantje in het Witte Huis. Ze heeft over wat ze daar gezien en

gehoord heeft, een boek geschreven, maar de uitgever vond het niet goed genoeg. Toen werd ze de hartsvriendin van de stagiaire Monica Lewinsky. De doorgewinterde en de van weinig tot niets nog wetende hielden lange telefoongesprekken, zoals hartsvriendinnen dat doen. Intussen liet Linda

een bandje draaien. Wat daar op staat, weet nog bijna niemand. Dit bandje heeft ze gedienstig naar Starr gebracht. Het gezicht dat de hartsvriendin bij deze gelegenheid heeft getrokken en wat zij en Starr tegen elkaar hebben gezegd, maakt me nieuwsgieriger dan de gesprekken tussen Bill en Monica.

In ieder geval: wat Starr op de bandjes van hartsvriendin Linda hoorde, maakte hem nog nieuwsgieriger. Hij heeft nu ook de moeder van Monica voor verhoor opgeroepen, want de dochter besprak alles ook met haar. Deze zittingen hebben twee dagen geduurd. Wat haar is gevraagd en wat ze

heeft geantwoord, is geheim. Aan het einde van de laatste zitting was ze

doodop en ziek. “Geen moeder zou door federale instanties gedwongen mogen worden om tegen haar kind te getuigen”, verklaarde haar advocaat.

En haar man die in New York is: “Ik weet wel dat daar een ongelofelijk gemeen spelletje wordt gespeeld. Ik heb er geen idee van wat ze haar hebben gevraagd, en geen haar op mijn hoofd die erover denkt, dat met haar door de telefoon te bespreken.”

Een jaar of wat geleden slaagde een Londense boulevardkrant erin, telefoongesprekken tussen prins Charles en zijn Camilla af te luisteren.

Over de poëtische prestaties van de verliefde man hoefde je je niet

te verbazen; althans ik had hem voordien al niet als dichter beschouwd. Door de publicatie is hij toen even de risé van de wereld geworden. Er is een wezenlijk verschil: de aftappers waren in ieder geval geen vrienden van hem, maar gewone aasgieren die op deze manier nu

eenmaal hun geld verdienen. Ethisch in orde is het niet, maar vergelijkenderwijs zou je het als een verzachtende omstandigheid beschouwen.

En hoe je het ook bekijkt, het lijkt me een 'lichter geval' dan dat van iemand die doet alsof ze hartsvriendin is en intussen een bandje laat draaien met de bedoeling, dat straks te geven aan iemand door wie deze Monica in grote moeilijkheden zal komen. Zo op Monica's spoor gezet, roept Starr haar moeder op. Het jezuïtisme in Starrs gevolg brengt het nu tot de volgende redenering: “Ja! Natuurlijk! Want het gaat immers niet tegen dat meisje. We willen alleen weten wat de president wel of niet heeft gedaan.” Je moet wel een acrobaat van een ethicus zijn om erin te slagen, zo weer heelhuids op de begane grond te komen.

Meer voor de hand liggend is te zeggen: Monica heeft haar moeder en haar

hartsvriendin vertrouwd. Als Monica had geweten dat Linda na het rinkelen van de telefoonbel meteen haar recordertje had aangezet, had ze

geen mond opengedaan. Als beiden ertoe worden gebracht, het vertrouwen van Monica, hoe dan ook, te schenden, rijdt ook degene die daarvan de oorzaak is, die het erop heeft aangestuurd, ethisch een scheve schaats, want hij gebruikt een onethisch verkregen resultaat. Hij is een heler van geschonden vertrouwen.

Intussen weet niemand nog wat zich tussen de hoofdrolspelers veertig minuten in het Oval Office heeft afgespeeld. Misschien is het wel waar wat die twee zeggen: niets dat niet door de beugel van Starrs strengste opvattingen kan. Het lijkt me voor beide partijen lastig, het bewijs van

hun verklaringen of vermoedens te leveren. Maar gesteld dat Bill en Monica onomstotelijk gelijk krijgen: heeft dan Starr niet een groot ethisch probleem, als afdwinger en heler van onwaarheden? Of moet je, dorstend naar de waarheid over deze veertig minuten, dat gevaar maar op de koop toenemen.

Je hebt dictaturen gehad waar volgens de daar heersende moraal familieleden de staat een dienst bewezen door elkaar aan te geven. De staatsmoraal was hoger dan de persoonlijke moraal. Als leek in de moeilijke materie veronderstel ik dat bij ons alleen in tijd van oorlog zo'n rangorde kán, maar nog niet hoeft te gelden. Intussen naderen we tot andere verhoudingen waarin iedereen zijn of haar geprivatiseerde geheime dienst kan oprichten, met 'geavanceerde apparatuur', om met de resultaten daarvan de staat een dienst te bewijzen, als de markt willig is. Als de staat het voor zichzelf gemakkelijker zou willen maken, dat wil zeggen situaties willen vermijden waarin het voor zo'n dilemma komt te staan, zou hij de opname-apparatuur moeten verbieden, ongeveer zoals het nu met de reclame

voor tabak gebeurt. Dat voorkomt de verleiding dat de burgers tot geheime agenten worden en dat de staat daarvan gebruikmaakt.

Eén ethisch dilemma minder.