Azië blijft ondanks grote problemen een groeimarkt; Detroit wil meer investeren in Azië

Detroit ruikt een kans om zijn aanwezigheid in Azië te versterken. De wisselkoersen zijn dermate gunstig dat investeringen in fabrieken in Indonesië en Zuid-Korea veel minder kosten dan een half jaar geleden.

NEW YORK, 14 FEBR. “Wij hebben in de afgelopen twee jaar onze investeringen in Azië uitgebreid”, verzekert John Pekarek van General Motors. “China, Thailand en Zuid-Korea horen daarbij maar we zien door de crisis in Azië nieuwe mogelijkheden.” GM heeft daarom

onlangs zijn productiefaciliteiten in Indonesië uitgebreid en het praat met het Zuid-Koreaanse Daewoo over een meerderheidsbelang in de onderneming. GM deed daar in 1992 afstand van. Het bedrijf praat ook met

het Koreaanse Kia.

Ook Ford zegt te kijken naar mogelijkheden maar heeft nog geen stappen ondernomen. Ford heeft een belang van 7,5 procent in Kia en van 30 procent in het Japanse Mazda. Dat bedrijf heeft ook nog eens 7,5 procent

in Kia. Chrysler, de Amerikaanse autoproducent met de minste internationale activiteiten, is geen uitbreiding van plan. Chrysler is eerder bezorgd over het krimpen van de Aziatische automarkt in de komende tijd.

Volgens Pekarek van GM is Azië ondanks de huidige problemen nog steeds een belangrijke groeimarkt en daarom wordt er geïnvesteerd. GM heeft ook een langlopend programma om meer productie over te hevelen vanuit de Verenigde Staten naar de markten die het bedient. Azië is

op lange termijn nog altijd de belangrijkste groeimarkt en GM kondigde twee jaar geleden aan dat het daar een marktaandeel wil hebben van tien procent. In 2005 is er volgens het bedrijf in Azië een markt van 20

miljoen auto's, wat ruim vier miljoen meer is dan de omvang van de Amerikaanse markt op dit moment.

Grote automerken zijn al jaren bezig om voet aan de grond te krijgen in China, de meest aantrekkelijke markt. GM heeft enkele joint-ventures met

Chinese bedrijven in onder meer Sjanghai en Ghuangzhou. De ontwikkelingen gaan echter minder hard dan enkele jaren geleden werd gehoopt. Niet alleen is de economische groei iets afgenomen, het blijkt ook dat de Chinese overheid zich heeft gerealiseerd dat als elk Chinees gezin een auto aanschaft het land één grote file wordt onder een grote wolk uitlaatgassen. Daarom heeft de aandacht zich deels verlegd naar efficiënter openbaar vervoer.

GM is echter nog steeds van plan in de komende twee jaar in China ongeveer twee miljard dollar te investeren. Analisten en China-kenners denken echter dat GM zijn verwachtingen te hoog gesteld heeft. China is blij met de investeringen en de invoer van Amerikaanse technologie maar zal niet aarzelen over een paar jaar zelf nieuwe fabrieken te gaan bouwen die met GM gaan concurreren.

Door belangen te nemen in Aziatische autoproducenten kunnen de Amerikanen meer controle uitoefenen op de productiecapaciteit. De vage vrees leeft nog steeds dat de Amerikaanse markt zal worden overspoeld met goedkope kleine auto's uit Azië die in dat segment de Amerikaanse producenten er geheel uitdrukken.

Wat betreft de prijzen in de VS is er druk op de Grote Drie in Detroit door de hoge dollar ten opzichte van de Aziatische valuta's. Pekarek wil

niet erkennen dat de prijzen misschien zullen dalen maar zegt dat GM “concurrerend wil blijven en zich zal aanpassen aan de markt.”

“Wij verwachten gemiddeld 400 dollar korting per auto dit jaar”, zegt analist Scott Merlis van Merlis Automotive International. “De kortingen

zullen hoger zijn aan de autokant dan aan de kant van de light trucks.''

Daaronder vallen ruimtewagens, sport/utility auto's en pick-ups. Merlis denkt dat bijvoorbeeld Hyundai en Kia veel goedkopere auto's kunnen aanbieden en ondanks dat nog steeds met winst draaien.

Hoewel nu ook goedkopere onderdelen uit Azië kunnen komen, verwacht

Merlis weinig beweging aan dat front. In die sector wordt al zeer goedkoop en efficiënt geproduceerd en de prijsverschillen zijn voor

het eindprodukt niet significant. Merlis dankt dat bandenmakers, zoals Good Year, wel enorm voordeel hebben door goedkoper rubber.

Het belangrijkste aspect van de Azië-crisis is volgens Merlis uiteindelijk niet de investeringsgroei daarginds en evenmin een mogelijke prijzenslag, maar voortgaande economische groei in een klimaat

van lage inflatie. “De Federal Reserve hoeft de rente niet te verhogen en intussen gaat de banen- en inkomensgroei gewoon door”, zegt hij. “De automarkt kan daardoor blijven groeien en de huidige periode van economische groei wordt verlengd. Dat is uiteindelijk voordelig voor alle deelnemers in de markt en zal per saldo de nadelige gevolgen van de

crisis overtreffen.''