Valpartijen redden koningsnummer Winterspelen

De val van favoriet Hermann Maier was de grote attractie van de afdaling, het spektakelstuk van de Winterspelen. Dat de Fransman Jean-Luc Crétier overeind bleef en de gouden medaille won, was maar bijzaak.

HAPPO'ONE, 13 FEBR. De afdaling van de skiërs geldt als het belangrijkste onderdeel van de Winterspelen. Daarom wordt ze het koningsnummer genoemd en wordt de wedstrijd op verzoek van de televisiemaatschappijen bij voorkeur in het weekeinde gehouden. Dan hebben de kijkers thuis genoeg tijd om te genieten van skiërs die met snelheden van over de honderd kilometer per uur van de helling naar beneden glijden. Het aantrekkelijke nummer, dat te vergelijken is met een Formule I-race voor auto's, is pas echt geslaagd wanneer een of meer afdalers uit de bocht vliegen, over de kop slaan en buiten de piste worden gesmeten.

Vanochtend kregen de sensatiezoekers een fantastische show voorgeschoteld. De grote favoriet voor de gouden medaille, Hermann Maier, startte als vierde met de race en verloor al na twintig seconden zijn evenwicht. Net nadat hij met goed gevolg de gevreesde Alpen-jump had genomen, slaagde hij er niet in een scherpe bocht te nemen. Omdat zijn bovenste ski bij het draaien contact met de sneeuw verloor, gleed hij rechtdoor, wankelde, verloor een ski en kwam hij na een vlucht van ongeveer veertig meter en een heuse salto in een vangnet terecht. Hij had zoveel vaart dat hij zelfs daar doorheen schoot en in het volgende net terechtkwam. Maar ook dat net kon hem niet stuiten. Met een enorme klap kwam de Oostenrijker op zijn schouder in de sneeuw buiten de piste terecht.

De afdaling die de kampioensrace van Maier had moeten worden, moest enige tijd worden stilgelegd om het parcours weer in orde te brengen. Maier kwam er met een lichte schouderblessure van af. Maar van de vijf anderen die na hem uit dezelfde bocht vlogen, moest de Italiaan Cattaneo met een beenbreuk per helikopter naar het ziekenhuis worden vervoerd. Even voor de start van de race, had parcoursbouwer en voormalig olympische kampioen Bernhard Russi nog besloten de Alpen-jump te verlichten door er sneeuw weg te laten scheppen en een poortje te verzetten. Door de enorme zijwind zouden de skiërs de controle over hun sprong verliezen.

De Fransman Jean-Luc Crétier was net voor Maier als derde gestart. De 30-jarige skiër uit Albertville nam de bocht perfect, bleef uitstekend op zijn ski's staan en gleed met een snelheid van bijna 120 kilometer per uur over de finish. Zijn tijd zou niet meer worden verbeterd. Daardoor won Crétier, die de afgelopen twee jaar herstelde van een enkelbreuk, zijn eerste grote wedstrijd in zijn loopbaan. In de eerste afdaling van deze winter eindigde hij in Beaver Creek trouwens al wel als tweede. Het was dertig jaar geleden dat een Fransman, Jean-Claude Killy, goud won op de afdaling.

De Noor Lasse Kjus, die in Lillehammer 1994 de gouden medaille won in de combinatie (korte afdaling en slalom), werd tweede. De Oostenrijker Hannes Trinkl kon met zijn derde plaats het leed voor zijn land nauwelijks verzachten. Hij meende dat het parcours door de wisselende weersomstandigheden en vooral door de regen van gisteren, heel ijzig was geworden. “Veel skiërs waren niet voorbereid op deze omstandigheden. Je moest langzamer skiën dan in de training”, zei Trinkl. Parcoursbouwer Russi vond dat sommige skiërs te veel riscico's hadden genomen. “Van Maier is bekend dat hij zeer scherp de bochten neemt. Maar misschien is hij overmoedig geweest. Hij was dit seizoen zo sterk, dat hij geen gevaar meer wilde zien.”

Maier was deze winter oppermachtig in de skiwedstrijden. Hij won al tien van de dertig wedstrijden om de wereldbeker. De Oostenrijker maakte vooral tijdens de afdalingen indruk door zijn wilde techniek. Op de piste van Happo'one, die niet als spectaculair te boek stond, was hij daarom de grote favoriet. Hij heeft de laatste dagen onder grote druk geleefd, meende zijn Oostenrijkse trainer. “Zes dagen hebben we moeten wachten voordat eindelijk de afdaling gehouden kon worden.” Drie keer werd de afdaling uitgesteld wegens zware sneeuwbuien en dikke mist.

Ook vanochtend moest de wedstrijd worden uitgesteld. Er stond op de top een enorme storm die van de zijkant kwam waardoor skiën onmogelijk was. De race die voor kwart over tien (Japanse tijd) op het programma stond, begon pas om elf uur. Maar pas nadat de heuvel van de Alpen-jump was afgevlakt door een peloton soldaten gewapend met een schep.

De piste voor de afdaling was een jaar lang onderwerp van zware discussies. De internationale skifederatie vond dat het startpunt door de Japanse organisatoren te laag was gepland. De start moest hoger dan 1.600 meter liggen, liefst op minimaal 1.800 meter om de afdaling voldoende lengte te geven en zwaar genoeg te maken. Maar de Japanners wezen er op dat op grotere hoogte de natuur en het leven van een daar nestelende vogelsoort zou worden verstoord. Pas na een lange discussie waren ze bereid de start van de piste naar 1.785 meter te verplaatsen.

De skifederatie heeft er alle belang bij spectaculaire afdalingen te organiseren. Dat er al regelmatig ernstige ongelukken (een paar doden) op de pistes zijn gebeurd, weerhoudt de skifederatie er niet van te zoeken naar avontuurlijke afdalingen. De Amerikaanse televisiemaatschappij CBS betaalt miljoenen aan het Internationaal Olympisch Comité om zijn kijkers en adverteerders tegemoet te komen. Een vereiste is dat de wedstrijd in het weekeinde wordt gehouden, een tweede vereiste is dat de wedstrijd spectaculair is. Zeker na de triomf van Tommie Moe in Lillehammer is de afdaling erg populair in de Verenigde Staten geworden. Dat de piste van Happo'ono er zo gemakkelijk uitzag, vonden de skibestuurders én de televisiemensen niet leuk. Maar de val van de grote favoriet Hermann Maier moet de mensen die spektakel willen, plezier hebben gedaan. Want een onbekende Franse winnaar is niet goed voor de promotie van de skisport.