Plaatsvervangend procureur-generaal Myjer: 'Megaprocessen nekken justitie'

Gerechtshoven kunnen het werk niet meer aan. De reorganisatie van het openbaar ministerie helpt al iets, maar volgens de Amsterdamse plaatsvervangend procureur-generaal Egbert Myjer nog lang niet genoeg. 'Nog 3.200 zaken in de kast'.

AMSTERDAM, 13 FEBR. Achter zijn bureau in het Amsterdamse gerechtshof hangt de foto. “Die in dat trainingspak ben ik”, zegt Egbert Myjer, plaatsvervangend procureur-generaal (PG ) van het ressort Amsterdam. Hij was verkleed als patserig boefje. Ze stonden te rappen: Die pa pa papa Doc, die klinkt verdomde chilly, en mellow on the rock - Myjer doet het even voor. Dat ging over super-PG A. Docters van Leeuwen. Vermomd als mafia-baas staat hij glimlachend naast Myjer op de foto. De humor van een personeelsfeestje.

Eind vorig jaar viel nog wat te vieren. De reorganisatie van het openbaar ministerie bijvoorbeeld, onder leiding van super-PG Docters. “De grote voortrekker”, noemt Myjer hem. “We hebben zoveel bereikt, ik denk dat er weinig mensen in staat zouden zijn geweest dit apparaat zó voor te gaan als Docters.” (Dat hadden ze ook over hem gerapt: Als die even gaat trancen, moeten ze allemaal.) Deze week kon de super-PG naar aanleiding van de affaire rond procureur-generaal Steenhuis kiezen tussen een 'eervol' vertrek en ontslag. Dat was vlak nadat het Jaarplan 1998 van het OM was gepubliceerd, waarin Docters de prioriteiten en struikelblokken van het komende jaar opsomt. Myjer: “Daaruit blijkt wel dat nog veel moet gebeuren. En daar heb je je beste mensen voor nodig.”

Opvallend aan het jaarplan was, dat nu ook het OM de “buitensporige aanslag” signaleert die zogenoemde megazaken plegen op het eigen functioneren. Vorige maand wees de commissie-Leemhuis, die in opdracht van het ministerie van Justitie onderzoek deed naar de rechtelijke macht, al op de grote werkdruk bij de rechtbanken als gevolg van megazaken. “De gemiddelde moord handel je nog wel in een ochtend af”, zegt Myjer. Maar zaken zoals die tegen de drugsbaronnen 'de Hakkelaar' en Etienne U. duren weken tot maanden. Myjer: “Op het gerechtshof ervaren wij het probleem in het kwadraat. Niet iedere zaak van de rechtbank komt in hoger beroep bij ons. Maar iedere megazaak wèl. En die megazaken dreigen ons de nek om te draaien.”

Elf advocaten-generaal behandelen op het Amsterdamse gerechtshof gemiddeld 3.600 zaken per jaar. Voor de behandeling in hoger beroep van de zaak-de Hakkelaar, werd AG mevr. Korvinus uiteindelijk zeven maanden vrijgesteld. Een collega functioneerde in totaal ongeveer twee maanden als haar sparring partner. “Dat heeft al met al ongeveer driehonderd zaken gescheeld, die door de overige AG's moesten worden opgevangen”, zegt Myjer. “We houden het niet meer, zeggen ze nu, we kunnen zaken niet meer volgens onze kwaliteitsnorm behandelen. En het vreselijke is: komend jaar verwachten we hier nóg zes à zeven van zulke grote zaken”. Het gemiddeld aantal arresten per zittingsdag aan het Amsterdamse hof nam de afgelopen twee jaar al met een vijfde af.

Iedere zaak die vijf dagen of langer duurt, ontregelt het functioneren van gerechtshof. Myjer spreekt daarom al van supermegazaken. Het meest tijdrovend zullen het komend jaar vier drugsprocessen zijn, waaronder het hoger beroep van Etienne U. en de zogenoemde SRV-zaak. Het jaar daarna zal voor het hof in het teken staan van de beursfraude, verwacht Myjer.

Tot dit jaar werd het OM 'afgerekend' op het aantal gemaakte arresten per jaar. Dankzij de reorganisatie is dit nu veranderd. Het geld komt niet meer achteraf als de arresten zijn geteld, maar tevoren. Middels een 'budget-verdeelsysteem' wordt daarbij rekening gehouden met regionale verschillen. Waar de druk op het OM het hoogst is komt vanaf dit jaar extra geld terecht. De gerechtshoven in Amsterdam en Den Haag hebben inmiddels geld gekregen voor een extra strafkamer en tenminste één advocaat-generaal meer. Daarnaast krijgt Amsterdam nog een speciale aanklager voor de te verwachten hausse aan beursfraudezaken - financiële fraude is een van de aandachtspunten van het OM voor komend jaar. “Maar dat is waarschijnlijk niet genoeg”, zegt Myjer. “En bovendien, waar haal je die mensen vandaan? Op de rechtbanken en parketten zeggen ze nu al: Laat ons de goeden alsjeblieft houden - wij hebben ze even hard nodig”.

Hoe groeit een zaak uit tot een megazaak? Myjer ziet allereerst het aantal bekentenissen afnemen, waardoor meer tijd nodig is om bewijs te vergaren. “Verdachten komen vaker uit andere culturen, waar het bekennen nogal eens als minder mannelijk wordt beschouwd.” Bovendien worden de financiële belangen steeds groter, met name in drugszaken. “Een gram cocaïne koop je goedkoop voor vijftig gulden. Dus een zaak over een kilo gaat al gauw om vijftigduizend gulden.” Bekennen wordt dus steeds duurder.

Nog groter noemt Myjer de invloed van “de herontdekking van het onmiddellijkheidsbeginsel”. Myjer: “Vroeger voerden we hier vooral papieren processen, het strafproces was een soort verificatievergadering. Er werd bekeken of de bewijslast in het proces-verbaal klopte, en dat was het. Maar sinds eind jaren tachtig moeten getuigen, onder invloed van de rechtspraak van het Europese Hof voor de Mensenrechten, meer zelf op de zitting komen vertellen. Omdat de verdachte de mogelijkheid moet hebben hen zelf te ondervragen. Een zaak kan stuk gaan als getuigen niet ter zitting zijn gehoord.” Dus wordt de ene na de andere getuige opgetrommeld, wat processen bijzonder tijdrovend maakt.

Ten slotte duren megazaken sinds de IRT-affaire steeds langer, omdat de verdediging veel extra tijd besteedt aan de vraag of de opsporingsmethoden toelaatbaar waren. Myjer: “Het afgelopen jaar zijn hier drie advocaten-generaal met de VUT gegaan. Alledrie hadden ze grote moeite met de constante beschuldiging van oneerlijkheid door de verdediging tijdens megazaken. Dat niet zorgvuldig zou zijn opgespoord, dat zagen ze als een persoonlijke aanval op hun integriteit.”

Megazaken beginnen aan het Amsterdamse hof nu al met zogenoemde rolzittingen, waar de rechter een soort spoorboekje opstelt voor het komende proces. “Nu moet het aantal zaken dat wordt aangehouden nog drastisch naar beneden”, zegt Myjer. “Toen het hoger beroep tegen de Hakkelaar zo twee maanden werd vertraagd, liep onze agenda opnieuw in het honderd, omdat de behandelend advocaat-generaal alweer voor gewone zittingen stond ingeroosterd.”

Vooralsnog liggen op het Amsterdamse gerechtshof steeds meer zaken in de kast. In januari 1997 waren het er nog 2.700, nu zijn het er al 3.200. Myjer: “Als het te lang duurt voordat zaken worden afgehandeld zijn we verplicht wat van de strafmaat af te halen, omdat een redelijke termijn een vereiste is. En dat trekt weer appèl aan.”

Myjer verwijst weer naar het Hof in Straatburg, dat stelde dat landen die een rechtsstaat willen zijn, ook moeten zorgen dat de rechtsgang op tijd zijn loop kan hebben. “Ik noem dat graag de toverformule voor begrotingsonderhandelingen.”