Goldie blijft met tweede cd zijn drum 'n' bass-collega's voor; 'Laat nooit een vijand weglopen'

Ook op zijn tweede cd gaat de Britse drum 'n' bass-muzikant Goldie verder dan zijn collega's. “De plaat is een weerslag van mijn zoektocht naar mijn identiteit”, zegt hij over Saturnz Return. “Ik ben een fucking filosoof geworden.”

Goldie: Saturnz Return. Ffrr Records 828990.2.

AMSTERDAM, 13 FEBR. Al bij het verschijnen van zijn indrukwekkende debuut Timeless (1995) was duidelijk dat Goldie anders was dan de meeste jungle- of drum 'n' bass-artiesten. Het genre, de belangrijkste Engelse innovatie in de dance-muziek van de afgelopen jaren, speelde zich voornamelijk af op maxi-singles. Goldie maakte als eerste een samenhangend drum 'n' bass-album, dat begon met het ruim twintig minuten durende titelstuk, waarvan een verkorte versie een hit werd in Engeland. Het alom voorspelde wereldwijde succes bleef uit, al werd Goldie door zijn opvallende verschijning - zijn gouden tanden - en zijn gedrag, zoals een romance met Björk, wel een beroemdheid.

Op zijn onlangs verschenen tweede cd, Saturnz Return, gaat Goldie weer een stuk verder dan zijn collega's. De dubbel-cd begint met een ambitieus stuk van een uur, 'Mother', dat begint met symfonische strijkers en zang. Pas na twintig minuten begint een elektronisch ritme, dat langzaam verder wordt uitgebouwd tot een donker, intens drum 'n' bass-nummer, opgejaagd door harde, inventieve beats en vol angstaanjagende geluiden. Het eindigt met vredige, serene strijkers.

“Ik had vorige week een vriend aan de telefoon”, vertelt Goldie, “die zei: ik voel me echt fucked up man, ik luister naar je plaat, ik zit nu op 35 minuten. Ik dacht: ah, 35 minuten, dan wordt het nu ongeveer echt diep, hij wordt zijn eigen afgrond ingesleurd en er weer uitgetrokken, hij wordt in het rond gedraaid... O mijn god, hier komt het besef... Dan zet ik hem weer neer, laat hem licht zien door de wolken, hij ziet de zon, en hij voelt vergeving. Dat is wat 'Mother' met je kan doen, dat is wat ik met mensen wil doen.”

Het effect zal voor eenieder anders zijn, maar intens is 'Mother' zeker - en verrassend goed geslaagd, al is het geen stuk dat je vaak zult opzetten. De tweede cd bevat tien kortere nummers, die muzikaal en emotioneel zeer uiteenlopend zijn, van het pikdonkere, woedende 'Temper Temper' (met Oasis-gitarist Noel Gallagher als gastmuzikant) tot het zachte soulnummer 'Believe'.

De muziek is een weerslag van Goldie's poging zich te verzoenen met de ingrijpende gebeurtenissen die hem gevormd hebben: de scheiding van zijn ouders vlak na zijn geboorte, waarna zijn moeder hem verliet en hij vanaf zijn derde werd ondergebracht in kindertehuizen en pleeggezinnen. “De plaat is een weerslag van mijn zoektocht naar mijn identiteit”, zegt hij. “Ik was 32 en vond dat ik eindelijk maar eens mijn angsten en twijfels te lijf moest gaan, om verder te kunnen komen. De gevoelens binnenin mij waren erg verward, die moest ik zien te uiten op zo'n manier dat ik rust zou krijgen en de strijdbijl kon begraven. Er iets positiefs van maken. Ik ben een fucking filosoof geworden.”

“Voor ik het maakte, zag ik het album voor mij als een visioen: een serie ervaringen, als scènes in een film - mijn eigen film. Ik kon nu formuleren wat ik indertijd niet kon verwoorden. Want toen voelde ik alleen emoties. Het was niet zo dat iemand bij mij kwam en zei: 'Oké, ik ben je moeder, je bent drie jaar en ik zet je in een tehuis omdat ik wegga.' Wat er gebeurde was: iemand liep het beeld uit. Ik bleef achter, eenzaam en in de war: wat gebeurt er, en waarom? Waar ik toen niet toe in staat was, kan ik nu wel: mijn toekomst in eigen handen nemen. Hopelijk verander ik ook de toekomst van anderen met de muziek.”

“Niet de plaat zelf zal je leven veranderen, maar de ideeën die de muziek oproept. Er zit genoeg in om duizend ideeën te inspireren. Ik wou dat ík als kind duizend open deuren had gehad, in plaats van die ene dichte. Wat ik wil doen is mezelf en anderen die vrijheid van denken bieden.”

“Ik geloof in wat de mafia altijd zegt: laat je vijand nooit weglopen, maak hem dood op het moment dat je het kunt, anders komt hij altijd terug. Mijn vijanden zijn mijn eigen angsten. Ik besloot dat ik ze niet weer de kamer uit liet lopen zodat ze mij nog jarenlang konden achtervolgen, zoals ze altijd hebben gedaan. Het belangrijkste voor mij was om anderen ook te laten beseffen dat je die angsten los kunt laten - het leven is te kort om dat niet te doen. Als mijn plaat erbij kan helpen om ze eruit te krijgen, is dat geweldig.”

“Ik wil laten zien dat alles mogelijk is. Want als ík het kan maken, kan werkelijk iedereen het. Ik was echt het worst scenario. Het kind waarmee het nooit wat kon worden. Het kleine, timide, verlegen, misbruikte, fucked up kind met lang haar en een bril, geen idee van wie hij was, geen kans op fatsoenlijk onderwijs, niets. Het enige dat ik had waren lange, slanke vingers waar ik dingen mee kon maken. Of dingen mee kapot kon maken. Ik leerde langzamerhand de energie waarmee ik dingen vernielde, positief te benutten. Door te schilderen, door juwelen te maken en uiteindelijk muziek. Een ring maken van vormloos materiaal is voor mij niet wezenlijk anders dan muziek maken van vormloze geluiden.”

“Het album zat als een grote massa in mijn hoofd, ronddraaiend als een draaikolk. Ik kon het eruit krijgen door te neuriën, te zingen, te schrijven, te krassen, wat ik maar voorhanden had. Het was het moeilijkste dat ik ooit gedaan heb. Het liet mij leeg achter. Het is als een doorn in je zij waar je aan gewend raakt, neem die doorn weg en je gaat hem een beetje missen... Maar uiteindelijk prijs ik me gelukkig dat ik zo'n negatief leven heb kunnen omvormen tot iets positiefs. Ik hou van het leven.”