Een oudere broer

Gunilla Boëthius: De skeletmachine. Uit het Zweeds vertaald door Lisette Keustermans. Vanaf 10 jaar. Uitgeverij Fontein/Houtekiet. ƒ 27,50.

Wat was het leven mooi voordat broer Johan definitief de 'tsoing-bam-bifleeftijd' bereikte. Vroeger vertelde hij zijn zussen verhalen en nam hen mee op avontuur. Nu vloert hij onzichtbare tegenstanders. 'Hatsj, smak, bwonk' klinkt het steeds, en: 'Waaah, whump, hier, dit is voor jou, en dit, en dit.'

Karin is acht en Johan van tien is haar held. Voor hem gaat ze door het vuur, grenzeloos is haar loyaliteit. Gaarne kust zij zijn voeten en noemt hem 'hooggeëerde broer'. Ze liegt voor hem en voert op zijn verzoek de meest onmogelijke opdrachten uit. Johan maakt het leven spannend. De skeletmachine van de Zweedse Gunilla Boëthius is een boek voor kinderen en volwassenen, voor iedereen die een oudere broer heeft of weleens zou willen weten hoe het is om er een te hebben.

In De skeletmachine is Karin aan het woord. Sober vertelt zij haar belevenissen met Johan. Duidelijk wordt niet alleen haar verering voor hem, maar ook hoe de andere gezinsleden, vader, moeder en jonger zusje Irina, Johan zien. Zijn leugens drijven zijn vader tot waanzin, terwijl Irina er vaak bang van wordt.

Langzaam verliest Karin het geloof in de almacht van haar oudere broer. Hij wordt steeds eenzelviger en steeds wreder. Uiteindelijk wil ze niets meer met hem te maken hebben, laat staan met zijn skeletmachine. Toch is zij voor die tijd bijna verslaafd aan deze vinding van haar broer.

De skeletmachine is opgeborgen in Johans bed. Zelf verdwijnt hij onder de dekens, drukt op een knop en dan springt bijvoorbeeld 'Liang' tevoorschijn. Liang is de gevaarlijkste gangster van de wereld. Ze is geregeld van plan de wereld op te blazen, opdat de door haar gehate mensheid 'in vleesklompjes uiteenspat'. Liang kan zich zelfs in mama veranderen, zonder dat iemand, behalve Johan, het merkt.

Telkens als de machine uit is en Johan weer terugkeert, beziet hij hoofdschuddend zijn bibberende zusjes. Dan zorgt hij voor hulp. Hij roept bijvoorbeeld Superman op met de skeletmachine. Karin moet dan wel meewerken, door bijvoorbeeld de sleutelbos van hun vader te halen, uit de ouderlijke slaapkamer waar streng gesnurkt wordt. In de sleutelbos zit namelijk 'kryptoniet', en zonder kryptoniet kan de wereld niet gered worden. Johan kan alles. Hij kan naar Nimmerland afreizen als hij Peter Pan in de bioscoop heeft gezien. Hij kan een vergiftiging door de enge buurvrouw voorkomen. Hij kan tijdelijk zijn bestaan ruilen met dat van zijn geheime tweelingbroer Carlifornie. Maar waarom loopt hij met een stok door het bos en wat doet dat klerenhangertje achter de wc-pot?

Boëthius is erin geslaagd de veelomvattende fantasiewereld van een jongetje weer te geven, zonder flauw of ongeloofwaardig te worden. De lezer voelt hoe bang Johan is voor de buitenwereld, terwijl Karin dat aanvankelijk helemaal niet ziet. In haar ogen heerst hij werkelijk over de wereld. Maar de lezer doorziet hoe wanhopig graag Johan de werkelijkheid wil bezweren. In zijn ijver doet hij denken aan Elmer, de hoofdpersoon van Reve's Werther Nieland.