Akkoord met Schiphol; Raadsbesluit: zakenvliegveld in Rotterdam

ROTTERDAM, 13 FEBR. Met grote meerderheid heeft de Rotterdamse gemeenteraad zich gisteravond uitgesproken voor handhaving van Rotterdam Airport als zakenvliegveld.

De bijna voltallige D66-fractie stemde tegen het ontwerpakkoord tussen de gemeente en de NV Luchthaven Schiphol, de exploitant van het Rotterdamse vliegveld, dat daarin voorziet. De Democraten distantieerden zich daarmee van hun lijsttrekker bij de raadsverkiezingen, wethouder Den Oudendammer, die het voorstel van B en W steunde.

Behalve de meerderheid van de D66-fractie stemden afgevaardigden van enkele kleine partijen tegen het akkoord, alsmede GroenLinks (inclusief wethouder Meier) dat al jaren voorstander is van sluiting van het vliegveld Zestienhoven, zoals Rotterdam Airport vroeger werd genoemd. Of de Democraten met hun tegenstem een 'motie van wantrouwen' tegen hun eigen lijstaanvoerder aannamen, zoals Els Kuiper (PvdA) veronderstelde, bleef in het ongewisse. Den Oudendammer had bij de indiening van het voorstel van B en W het voorbehoud gemaakt dat Rotterdam Airport moet worden gesloten als er een tweede nationale luchthaven komt.

Eind vorig jaar bereikte wethouder Kombrink (PvdA) overeenstemming met de NV Luchthaven Schiphol over de toekomst van Rotterdam Airport waarover in Rotterdam al veertig jaar wordt gedicussieerd. De kern van het akkoord dat nog definitief moet worden vastgelegd, is dat Rotterdam Airport met een klein positief saldo kan worden geëxploiteerd als zakenvliegveld mits het aantal vliegbewegingen tot maximaal 27.500 mag oplopen. De geluidsoverlast blijft volgens nieuwe berekeningen beperkt, onder meer doordat verouderde toestellen zullen worden geweerd en het aantal nachtvluchten jaarlijks tot maximaal 400 wordt beperkt. Het gaat hierbij om uitzonderingen zoals in geval van calamiteiten en militaire vluchten. In een motie van de PvdA drong de raad aan op verdere vermindering van dit aantal.

Het ontwerpakkoord met Schiphol dat op details nog gewijzigd kan worden, voorziet ook in verplaatsing van de zogenoemde kleine luchtvaart (reclame) en de sportvliegerij van Rotterdam naar respectievelijk Lelystad en Midden-Zeeland. Maar het overleg daarover heeft nog geen resultaat opgeleverd. In een andere PvdA-motie die werd aangenomen, is daarom vastgelegd dat Schiphol medeverantwoordelijk is voor het verplaatsen van de kleine luchtvaart. Als de overeenkomst met Schiphol definitief is, volgt aan aanwijzing van de minister van Verkeer en Waterstaat waarop Rotterdam geen invloed meer kan uitoefenen. Hetzelfde geldt voor Schiedam en Vlaardingen die zich uit vrees voor geluidshinder tegen het ontwerpakkoord hebben uitgesproken.

Een D66-motie waarin wordt gezegd dat in de definitieve overeenkomst sancties op het niet nakomen van verplichtingen en ontbindingsvoorwaarden moeten worden vastgelegd, kreeg eveneens ruime steun. Hetzelfde gold voor een motie van de Democraten waarin wordt gesteld dat in een ruim gebied rond de luchthaven waar geluidshinder optreedt, geen nieuwbouw mag komen.

Vier D66-amendementen, onder andere voor verkorting van de 2.100 meter lange start- en landingsbaan tot 1.500 meter en beperking van de looptijd van het contract met Schiphol tot vijftien jaar, werden verworpen. Met uitzondering van lijsttrekker Den Oudendammer en het vertrekkende raadslid Müller stemde de D66-fractie daarop met GroenLinks tegen het ontwerpakkoord. De drie overige coalitiepartijen PvdA, VVD en CDA stemden voor.