Wekenlang Oranje-gevoel

Voor de stad Utrecht is toerisme niet van zo'n vitaal belang als bijvoorbeeld voor Den Haag, maar toch wordt de stad er grondig voor verbouwd. En van de Wereldkampioenschappen hockey die dit jaar in Utrecht worden gehouden maken ze een groots feest.

Als Utrechtse hoogleraren een internationaal congres organiseerden,

deden ze dat tot voor kort meestal in Amsterdam, een stad met veel congresfaciliteiten en uitgaansmogelijkheden. Dat is nu voorbij. In het belang van Utrecht houden ze hun congressen tegenwoordig in de Jaarbeurs

of in het Educatorium, het nieuwe congrescentrum van de universiteit. “We hebben alle professoren en hoofddocenten van de universiteit uitgenodigd en verteld wat Utrecht te bieden heeft. De meesten wisten niet eens dat het mogelijk is om in Utrecht een congres te houden”, zegt Jan den Boon, commercieel manager congres- en vergaderservices van de Jaarbeurs.

Utrecht stelt met vijf à zes internationale congressen per jaar weinig voor in Nederland. “We staan niet eens in de toptien van de internationale congressteden. In tegenstelling tot de andere drie grote steden heeft Utrecht zichzelf nooit gepromoot. Dat hoefde ook eigenlijk niet, want door de centrale ligging zat de stad altijd vol met nationale

congressen”, aldus Den Boon. Utrecht wil uitgroeien tot de vierde internationale congresstad van het land. De Jaarbeurs werft daarom nu ook op de buitenlandse markt. Den Boon: “We profileren Utrecht als een compacte stad waar het congrescentrum middenin ligt. We zetten ons niet af tegen Amsterdam, maar zeggen: Utrecht heeft Amsterdam als extra attractie. Bij ons kun je rustig verblijven, uitgaan kun je 's avonds in

Amsterdam.'' Ter versterking van de zakelijke functies komen op het terrein van de Jaarbeurs een casino, een hotel, een megatheater en een grote bioscoop. Gepland zijn ook een uitbreiding van het station, een facelift voor Hoog Catharijne en modernisering en uitbreiding van het Muziekcentrum Vredenburg. Als dat allemaal gerealiseerd is, in 2010, hoeft de zakelijke toerist niet meer naar Amsterdam voor zijn vertier, verwacht de gemeente.

Bevordering van het cultuurtoerisme heeft prioriteit, want net als Amsterdam, Rotterdam en Den Haag gaat ook Utrecht ervan uit dat cultuurzoekers rustige, meestal oudere mensen zijn die flink wat besteden in de horeca en de detailhandel. “We willen geen massatoerisme”, zegt Jo de Viet, hoofd afdeling Economische Zaken van de dienst Stadsontwikkeling. “De schaal van de binnenstad leent zich daar niet voor.”

Utrecht is in het buitenland nauwelijks bekend als toeristische bestemming. Om de stad aantrekkelijker te maken voor cultuurtoeristen wordt de zuidelijke oude binnenstad, het zogeheten Museumkwartier, tussen nu en het jaar 2000 compleet heringericht en gerenoveerd. Dit ambitieuze project is wegens zijn innovatieve karakter en samenhangende aanpak door de Europese Commissie aangewezen als Urban Pilot Project. De

stad heeft ruim zes miljoen gulden subsidie gekregen uit de Europese pot. Om het Museumkwartier tot het cultuurhistorische centrum van de stad te maken wordt het gebied autoluw gemaakt en krijgen grachten en werven nieuwe, aangepaste economische functies. Het Domplein krijgt een ondergronds bezoekerscentrum bij de restanten van de middeleeuwse bebouwing, en het wordt ingericht als centrale 'poort' tot het Museumkwartier.

De Lange Nieuwstraat, nu nog een wat rommelige straat waar bussen doorheendenderen, wordt de centrale as van het Museumkwartier. Vorig jaar is aan deze straat al het nieuwe Universiteitsmuseum geopend. Museum het Catharijneconvent zal verbouwd worden en zijn ingang wordt verplaatst van de Nieuwe Gracht naar de Lange Nieuwstraat. Het Centraal Museum, aan het eind van de straat, wordt op dit moment ingrijpend verbouwd.

Ook de Sterrenwacht en het 16de-eeuwse bolwerk van Karel de Vijfde, vlak

achter het Centraal Museum, worden gerenoveerd en ontsloten voor het toerisme. Het is maar een greep uit de in totaal 65 projecten die de komende jaren gerealiseerd gaan worden in het Museumkwartier. “We hebben geen target wat bezoekersaantallen betreft”, zegt De Viet. “Het

is bij ons niet zoals in Den Haag waar het economisch niet goed gaat. Bij ons staat de kwaliteit voorop.''

Dit jaar worden in Utrecht de Wereldkampioenschappen Hockey gehouden. De

stad hoopt door het sportieve evenement en het bijbehorende culturele programma in het buitenland bekendheid te krijgen. “Het WK hockey heeft

een geweldige uitstraling waar de stad van profiteren kan”, zegt Dick van Boven, directeur van ziektekostenverzekeraar ONVZ in Houten. “In alle hockeylanden wordt nu al gepraat over Utrecht (onuitspreekbaar voor

buitenlanders) en stadion Galgenwaard (ook niet uit te spreken).''

Van Boven kwam vier jaar geleden “onder een borrel met een vriendje” op het idee om het hockey-evenement te gebruiken voor de promotie van Utrecht. “In Lillehammer werden net de Olympische Winterspelen gehouden. Elke dag kwamen 150.000 mensen naar dat plaatsje, een dorp net

zo groot als Houten, terwijl er maar 30.000 kaarten waren voor de Spelen. Toch was dat geen probleem doordat er allerlei culturele evenementen waren. Vóór de Olympische Winterspelen had niemand ooit van Lillehammer gehoord, nu is de plaats wereldberoemd. Natuurlijk trekt hockey wereldwijd veel minder televisiekijkers, daar moeten we eerlijk in zijn, maar we verwachten toch wel een Lillehammer-effect.''

KNHB-bestuurslid Van Boven (“Hockeyen doe ik niet meer, we golven nu met z'n allen”) richtte met een paar vrienden de Stick Around Utrecht Stichting (SAUS) op. Samen bedachten ze hoe Utrecht in veertien dagen zou kunnen laten zien wat het aan cultuur en kennis in huis heeft. Daarbij ging het hun niet alleen om de internationale uitstraling. Van Boven: “Utrecht wordt steeds belangrijker als centrum van financiële en zakelijke dienstverlening. Nu de stad gaat uitbreiden

met Leidsche Rijn moeten er meer bedrijven komen. Bij investeringen en de keuze van een vestigingsplaats speelt het leefklimaat van de stad een

grote rol. Je krijgt geen personeel als je midden in de Betuwe zit.''

Voor het WK Hockey komen 24 dames- en herenelftallen uit 17 landen naar Utrecht. In dertien dagen worden 84 wedstrijden gespeeld in twee stadions. De verwachting is dat er 15.000 mensen per dag naar de stad zullen komen. Een deel bezoekt de wedstrijden, maar de overgrote meerderheid komt voor het WK Grachtenfestival, het culturele evenement. Het festival speelt zich op en rond het water van de Utrechtse grachten af. Het wordt geopend met een groot muziek- en theaterspektakel. Iedere dag vindt na afloop van de hockeywedstrijden een waterparade plaats. Een

stoet van boten trekt door de Oudegracht met op elke boot een (muziek)optreden. Theaters passen hun programmering aan en alle musea zijn 's avonds open. Paul Baltus, directeur van Explorama, het bureau dat in opdracht van SAUS het WK Grachtenfestival organiseert, werkt met een begroting van 2,5 miljoen gulden. Voor de opening en de waterparade is de financiering rond. Het geld dat nog nodig is voor het slotfeest moet komen uit de verkoop van zogeheten hospitality-pakketten, waarmee bedrijven hun relaties kunnen tracteren op een combinatie van sport, eten op de werfterrassen en cultuur. Baltus heeft er geen idee van wat het festival zal opleveren aan bestedingen. “Maar dat is ook niet waar het om gaat. Dat is het kortetermijneffect. Wij mikken op het langetermijneffect, en dat is dat mensen nog eens terugkomen omdat ze denken: wat een leuke stad is dat.”

Voor Dick van Boven kan het feest al niet meer stuk. “We gaan de hele stad op stelten zetten. Hele winkelstraten moeten meedoen. Het wordt veertien dagen lang Oranje-gevoel. Als het Nederlands Bureau voor Toerisme erin slaagt dit evenement te communiceren, dan trekt het, denk ik, heel veel toeristen uit het buitenland. Want het valt in de twee weken tussen Hemelvaart en Pinksteren, een fantastische periode met zeven vrije dagen. Nu heeft Utrecht nog geen duidelijk imago. Als alles goed gaat hebben we straks het imago van een leuke, dynamische stad.”