Sdral verrast op 1.500 m; 'Donald Duck' eindelijk uit schaduw Koss

NAGANO, 12 FEBR. “We hebben verloren van Noorwegen. Zo zie ik dat.” Wopke de Vegt, coach van privé-rijder Rintje Ritsma, zegt het met een gezicht dat op onweer staat. De woede is nog niet bekoeld. Op het ijs schopte De Vegt woest met zijn schaats in het ijs toen Ritsma

er in de afsluitende rit op de 1.500 meter niet in was geslaagd om de Noor Adne Sdral van de eerste plaats te verdringen.

Zijn inspanningen waren goed voor brons, Ids Postma won zilver. Jan

Bos reed zich leeg naar een vierde plaats, Martin Hersman eindigde als zesde. Bos verving de geblesseerde Erben Wennemars, die dinsdag werd meegesleurd in de val van Grunde Nj, eveneens een Noor.

In Nagano herhaalde de olympische geschiedenis zich vandaag. In 1994 werd favoriet Ritsma na een briljant seizoen verslagen door de uit het niets opgedoken Johann Olav Koss, nu moest hij kernploeglid Postma en weer een Noor voor laten gaan. De 26-jarige Sdral, die zich altijd eeuwige tweede heeft gevoeld, haalde een dikke streep door de vele voorspellingen dat vandaag drie Nederlanders op het erepodium zouden staan. Dat deed het bloed van De Vegt koken. “Ik zou liever Ids op de eerste plaats hebben gezien dan een Noor”, zei De Vegt. “Sportief gezien is Sdral een klasserijder, niks mis mee, maar er had hier een Nederlander bovenaan moeten staan.”

Postma voelde dat hij bij het ingaan van de laatste bocht de gouden medaille in handen had. Maar door een misslag verspeelde hij zijn minieme voorsprong op Sdral. De Noor ging in 1.47,87 minuut over de streep, waarmee hij een volle seconde sneller was dan het wereldrecord dat Rintje Ritsma in december in Heerenveen bij de NK afstanden op de 1.500 meter had gereden. In de Canadees Kevin Overland miste Ritsma een tegenstander om zich aan op te trekken. De Vegt: “Adne

en Ids speelden perfect kat en muis. Dat spelletje had Rintje ook willen

spelen.''

Bondscoach Henk Gemser: “Ondanks zijn misslag reed Ids toch nog onder het oude wereldrecord. Sdral was de beste, de terechte winnaar, daar is geen discussie over. Wij hadden het beter moeten doen. We balen natuurlijk, want we kunnen niet tegen ons verlies.” Het zilver van Postma deed Gemser terugdenken aan de zilveren medaille die Leo Visser op de Winterspelen van 1988 in Calgary won. “Tommy Gustafson pikte daar

op de vijf kilometer net het goud van Leo af'', zei Gemser.

De 24-jarige Postma beleeft in Nagano zijn eerste Olympische Spelen. Nadat de 500 meter eerder in het toernooi twee keer voor hem in een catastrofe waren geëindigd, onder meer na een val, had de Fries met

bondscoach Gemser deze week nog ontelbare keren op het rijden van bochten getraind. Een jaar geleden werd Postma in hetzelfde stadion nog wereldkampioen. Dat hoogtepunt in zijn carrière behaalde hij op gewone schaatsen. Met de klapschaatsen heeft hij nog regelmatig problemen. Vandaag kostte hem dat de gouden medaille. Postma: “Die bochten, dat is een kwestie van 100.000 keer doen. Maar ik verval steeds

weer in mijn oude gewoonte. Op die ouwe schaatsen heb je het jaar in jaar uit gedaan.'' De hoop op een gouden medaille is bij Postma overigens nog niet vervlogen. Zondag krijgt hij op de 1.000 meter een nieuwe kans.

Zo'n kans is er niet meer voor Rintje Ritsma. Zondag won hij achter olympisch kampioen Gianni Romme zilver op de 5.000 meter, nu was er brons. Volgende week start Ritsma nog op de 10.000 meter, maar over die race maakt hij zich geen enkele illusie. “Dit was mijn laatste reële kans op goud. Brons op de tien kilometer zou voor mij al goed

zijn. Je ziet nu dat we als Nederlanders te gemakkelijk over goud denken. Het hele seizoen overheersen we en dan dit. Ik heb hier een persoonlijk record gereden, onder mijn eigen wereldrecord, maar het was niet genoeg”, zei Ritsma verbitterd. “Maar dat is sport. Je kunt winnen en verliezen. En ik heb verloren.”

Adne Sdral heeft zich altijd een geboren verliezer gevoeld. Vrijwel altijd pakte hij net naast de grote prijzen. Op de Winterspelen in Albertville (1992) won hij zilver op de 1.500 meter, in Hamar (1994) werd hij op de 1.000 meter na een valse wissel gediskwalificeerd. “Ik heb me altijd een soort Donald Duck gevoeld.” Bij de eerste WK afstanden in 1996 won hij zilveren medailles op de 1.000 en de 1.500 meter. Het goud dat hij vorig jaar in Warschau won op de 1.000 meter, was vergeleken bij zijn olympische succes van vandaag niet meer dan een aardigheidje.

“Voor dit seizoen heb ik me maar op een paar wedstrijden geconcentreerd. Ik maakte we vorige week wel even zorgen toen ik een dag

ziek was, maar dat is allemaal goed afgelopen. Hier heb ik mijn hele leven van gedroomd. Ik wist dat ik hard moest rijden, dat dit mijn laatste kans op een gouden medaille was'', zei de man die na de Spelen van 1994 het allroundschaatsen vaarwel zei en besloot zich op de 1.000 en de 1.500 meter te specialiseren.

Lachend, met bloemen in de hand, stond de Noorse coach Svein-Havard Sletten na afloop Nederlandse verslaggevers te woord. Zondag, na de 5.000 meter, had hij bij de Internationale Schaatsunie (ISU) samen met de Japanners een klacht ingediend tegen de plakstrips die de Nederlanders op hun pakken droegen. Op de eerste schaatsdag van de Spelen verrasten de Nederlanders de concurrentie met plakstrips die met name op de langere afstanden de schaatsers aerodynamischer over het ijs zouden laten gaan. Sletten vond ze in strijd met de reglementen, de ISU wees zijn protest af. De Noren plakten ze ook op. Sletten ziet de ironie: “Het mag en het blijkt te werken.”