Mitrailleurvuur voor Mühls tegenstanders; Beroering over toneelstuk

WENEN, 12 FEBR. Het Burgtheater in Wenen beleefde gisteravond de première van Muchl, het eerste toneelstuk dat van Otto Mu,

berucht kunstenaar van het 'actionismus', werd opgevoerd sinds zijn ontslag uit de gevangenis.

Het betrof een eenmalige voorstelling, waar aanhangers en critici recht tegenover elkaar kwamen te staan, na een week van ophef in de Oostenrijkse media. Otto Mühl is een van de meest omstreden figuren

van het Oostenrijkse actionisme, een richting in de performance- en schilderkunst die zich onderscheidt door het werken met bloed en urine. Mühl wilde twintig jaar geleden een nieuwe levensvorm - vrij van alle burgerlijke normen - in een commune realiseren. Toen het experiment

door het ingrijpen van justitie in 1990 werd beëindigd, bleek dat hij een groep van 700 mensen door psychoterreur bij elkaar had gehouden.

Mühl kreeg voor verkrachting en misbruik van minderjarigen - zijn slachtoffers waren dertien jaar oud - zeven jaar gevangenisstraf.

Sinds zijn ontslag uit de gevangenis eind december domineert Mühl het Weense culturele leven. Hij presenteert zich als slachtoffer van de burgerlijke justitie en wordt daarin gesteund door oude vrienden als Claus Peymann, de directeur van het Burgtheater, en Peter Noever, de directeur van het Museum für angewandte Kunst (MAK).

Gisteren stond Mühl dus op het podium van het Burgtheater. Voor de pauze las hij voor uit de aantekeningen die hij als gedetineerde had gemaakt. Alle mogelijke variaties op het woord 'neuken' passeerden de revue en veroorzaakten nerveus gegiechel bij het publiek. Opmerkelijk was het cultureel-intellectuele verhaal dat Mühl erbij ophing. Zo 'ontmaskerde' hij Marcel Duchamp als hypocriet, omdat diens kunst niemand had gekwetst en omdat hij bovendien subsidies had opgestreken. Misschien heeft Mühl last van geheugenverlies - geconfronteerd met de aanklachten van vroegere communeleden over zijn wreedheden had hij al

verklaard zich die niet te herinneren - maar zelf heeft hij in totaal meer dan zeven miljoen gulden subsidie ontvangen door bemiddeling van vooraanstaande sociaal-democratische politici. Duchamp deugde niet, de filosoof Michel Onfray daarentegen wel. Hij schreef het voorwoord voor Mühls Briefe aus dem Gefängnis, die Mühl ook in de hal van het Burgtheater probeerde te slijten.

Na de pauze werd het door Mühl geschreven stuk uitgevoerd. De acteurs van het Burgtheater hadden hun medewerking geweigerd. Zij waren wel gekomen, maar om pamfletten uit te delen met teksten als: 'Vergeet vanavond gewoon wat Mühl met zijn slachtoffers deed, anders zult u minder plezier hebben'.

Mühls vrienden stonden op het toneel: de toneelschrijver Peter Turrini en de schilder Christian Ludwig Attersee. Regie voerde Einar Schleef die ook de rol van psychiater voor zijn rekening nam. De enige vrouwenrol werd door Mühls echtgenote Claudia vertolkt. Zij hoefde,

in tegenstelling tot de mannen, niets anders te doen dan in alle toonaarden 'Kijk es aan!' te gillen. De inhoud van het stuk kwam overeen

met wat Mühl al in interviews had uitgelegd: mannen die hem veroordelen zijn crypto-pedofielen die zelf niets liever zouden willen dan zich vergrijpen aan dertienjarige meisjes maar het niet durven. Vrouwen die hem aanvallen zijn ranzige trutten die te kort komen. En al zijn critici zijn fascisten die om Hitler treuren en Haider aan de macht

willen brengen. Het stuk eindigt met mitrailleurvuur en de dood van Mühls tegenstanders. Claus Peymann was razend enthousiast. Hij zat dijenkletsend in zijn directeursloge en genoot van zijn 'overwinning' op

de Weense burgerij.