lijf'

Auto Donkergroene Saab 9000 Route Van Aerdenhout via prachtige binnenwegen naar hotel Huis ter Duin in Noordwijk, waar hij met adviseurs aan het jaarverslag over 1997 gaat

werken. Iedere week rijdt NRC Handelsblad met een ondernemer mee op de achterbank. Hoe vaak zit hij in de auto? En waarom? Deze week: Kees Storm, voorzitter van de raad van bestuur van AEGON.

“Ik zit niet idioot veel in de auto, nog geen 60.000 kilometer per

jaar. Ik vlieg meer. Mijn Amerikaanse collega in de raad van bestuur zei

een keer dat hij in 1996 126 dagen dagen in het vliegtuig had gezeten en

toen heb ik het ook uitgerekend: 118. Had hij gewonnen. Ik ben minstens één dag per week in het buitenland en soms is dat verschrikkelijk, zoals vorige week, toen ik naar Mexico moest en daarna door naar Davos voor de financial governors meeting. Ik zou eerst met Air France naar Parijs vliegen, maar het vliegtuig was te laat. Ik vroeg

of ik dan met de KLM mee kon, maar daar kwam niks van in en ik hoefde me

geen zorgen te maken, zeiden ze, ik zou mijn aansluiting echt niet missen. Vijf minuten voor de landing kwam de verpletterende mededeling dat mijn aansluiting toch vertrokken was en dat ik een dag moest wachten. Ik naar de transferbalie en ik zeg: 'laten we een list verzinnen, misschien gaat er nog een vliegtuig vanuit Barcelona of Madrid of Londen of zo.' Nee hoor, kon niet. En dan mag je niet onredelijk kwaad worden, hè. Maar eigenlijk zou je dat wel willen. Een keer heerlijk vreselijk gaan roepen en schreeuwen en dat soort dingen.''

Hij maakt wurgende bewegingen met zijn handen. U denkt dan niet, ik ben voorzitter van AEGON, het lukt me wel om Providian over te nemen, waarom krijg ik dit niet voor elkaar?“Ik denk nooit: ik ben de voorzitter, dus moeten mensen voor mij... Ik denk alleen maar: waarom doen ze hun werk niet goed?' En dit is het lot van iedere internationaal werkende ondernemer?“Nou ja, dat is het punt. Weinig mensen realiseren zich dat er een limiet zit aan de vermogens van dit lijf. Je kunt het niet onbeperkt over de aardbol heen trekken. Daarom hebben we het aantal landen waar we actief zijn ook teruggebracht tot acht.” Alleen maar omdat het fysiek te vermoeiend is? “Ja. In Davos werd gesproken over de kenmerken waaraan een CEO moet voldoen en nou zijn daar verschillende scholen in, maar ik ben van de school van hands on. Er zijn bedrijven, Axa om maar eens een onschuldig voorbeeld te noemen, die in vijftig of zestig landen actief zijn. Het zou niet bij mij passen. Ik vind dat je veel persoonlijk contact moet hebben met je mensen en dat kan alleen als je elkaar regelmatig ziet en naar elkaar toe komt. Ik wil dat iedereen van elkaar weet waar ze mee bezig zijn. Geen unpleasant surprises. Vier keer per jaar zitten we bij elkaar met de raad van bestuur en de vijf opperhoofden van de grootste landen en ik

ken niet alleen hen heel goed, maar ook hun echtgenotes en hun kinderen.

Als de zus van mijn CEO in Hongarije overlijdt, zijn we samen verdrietig. En als we, zoals gisteren, door de koers van tweehonderd gulden heengaan, vieren we met het hele bedrijf feest.''

Iedereen kreeg een flesje champagne en iedereen had reden om blij te zijn. Bij Aegon hebben alle medewerkers opties op aandelen.

Eis is veel onderling contact, maar ze vergaderen weinig bij AEGON, zegt

Storm. Met de raad van bestuur maar een keer in de drie weken, een paar uur. Meer is tijdverspilling, vindt hij. Tussendoor moet er wel veel worden gebeld en geschreven. En dat doet hij onderweg. Niet helemaal zonder koketterie: “Ik schrijf met de hand. Ik ben geen laptop-mens. Ik

kan niet eens typen.'' Hij vertelt over het elektronische systeem in Davos waarmee iedereen elkaar op schermpjes kon zien. Dat kon hij dan nog net, maar hij stond wel te worstelen, waar zit de l, waar zit nou toch de b?

“Ik heb het geprobeerd hoor, om thuis een computer te nemen. De eerste keer had ik een Apple 2 plus, dat weet ik nog. Maar het werd niks. De vriendjes van mijn zoontje deden er spelletjes op en dan had hij de pest

in. Ik heb het ding verkocht, voor vijfhonderd gulden. De tweede keer, dat was in 1990, had ik een IBM, zo'n nieuwe, een P2 of een S2, weet ik veel. Werd ook niks. Weet je, je moet tijd aan ze besteden om ze te voeden, anders komt er niets uit. En waar haal ik die tijd vandaan? Mensen zeggen: je moet je belastingbiljet erop invullen, zo handig. Maar

ik heb maar één aftrekpost, een lijfrente, en moet ik dat dan eerst in de computer invoeren?''

Hij pakt een dikke gele pen met een zwart clipje uit zijn jasje. “Een Lamy, ik vind hem heel mooi”, zegt hij. “Kost 27,50.”