IN AZIË

In de rijstvelden rondom Hanoi, op billboards langs de snelweg naar

Bangkok, tussen de bouwputten van Kuala Lumpur en in de blinkend schone metro van Singapore: overal in Zuidoost-Azië adverteert Philips zijn merknaam.

Maar koopt de Aziaat door al die reclame ook de artikelen die het bedrijf in het Verre Oosten aanbiedt?

Een Nederlandse diplomaat die al jaren in Azië werkt en woont, heeft zijn twijfels over de strategie van Philips om zijn naamsbekendheid te vergroten.

“Ik heb deze mobiele telefoon nu een paar maanden. Het is een fantastisch apparaat. Het werkt op je stem. Ik spreek een naam in en het

apparaat belt het nummer. Als ik dat laat zien aan een Aziaat vindt die dat steevast prachtig.

“Dat zijn nou typisch technisch vernuftige speeltjes die het hier goed doen. Maar ze vragen me steeds weer waar die telefoon te koop is. De meesten weten niet eens dat Philips die dingen maakt! Dan is er toch iets mis met je marketing, meen ik.”

In dit deel van de wereld, waar Philips moet opboksen tegen grote Aziatische concurrenten, blijkt de huidige advertentiestrategie amper voldoende om het marktaandeel uit te breiden.

“Philips maakt prachtige spullen, echt hoge kwaliteit”, zegt een eigenaar van een elektronicawinkel in Singapore.

“Maar dat weten nog steeds te weinig Aziaten. De merknaam verliest het van Sony en andere Japanse fabrikanten. Een Aziaat kijkt eerst naar de prijs, dan naar het merk en dan pas naar de kwaliteit. Daarmee houdt Philips in zijn marketing nog onvoldoende rekening.”