DNB vermindert overreserves banken

AMSTERDAM, 12 FEBR. Hoewel de toename van de weekstaatpost kasreserverekeningen op het eerste gezicht wellicht anders doet vermoeden, heeft de Nederlandsche Bank deze week de overreserves op de kasreserve fors verminderd.

De banken zijn verplicht een bepaalde kasreserve aan te houden bij DNB. Het gaat hierbij voor het collectief van de banken meestal om een bedrag van ruim vijf miljard gulden per kasreserveperiode van omstreeks een maand. Aan het einde van deze periode moeten de gezamenlijke banken gemiddeld minimaal dit bedrag hebben aangehouden. Is dat niet het geval (of dreigen banken op een bepaalde dag rood te staan op de kasreserverekening), dan zijn de betrokken banken verplicht op de dure marginale voorschotfaciliteit te trekken. Om het niet zover te laten komen, willen banken van meet af aan enige reserve opbouwen ten opzichte

van hun kasreserveverplichting. Dat heeft er in het verleden wel toe geleid dat de daggeldrente werd opgeboden. Om dergelijke onwenselijke situaties te voorkomen, is DNB ertoe overgegaan de banken bij de aanvang

van de kasreserveperiode een ruime speciale belening te verstrekken. Daarmee kunnen banken al vroegtijdig werken aan hun kasreserveverplichting en wel zodanig dat ze meer reserveren dan tijdsgelang noodzakelijk is. Kortom er is in de eerste weken van de kasreserveperiode vaak sprake van overreserves.

In de weken daarna laat DNB het 'ventiel dan weer geleidelijk leeglopen', om te voorkomen dat een te ruime liquiditeitspositie aan het

einde van de kasreserveperiode de geldmarktrente naar beneden drukt. Zo hebben banken gedurende de afgelopen week hun kasreserve bij DNB flink zien slinken. Bedroeg de kasreserve vrijdag 30 januari nog ruim 5,3 miljard gulden, een week later was dat ruim 4,9 miljard gulden. Dat het tussentijds nog lager is geweest blijkt uit de weekstaat. Hierin steeg de post kasreserverekeningen met ruim 200 miljoen gulden. De ruimere speciale belening van DNB (plus 200 miljoen gulden) zorgde hiervoor.

Verder was de volatiliteit van de dollar weer zichtbaar in de weekstaat.

De daling van de dollar zorgde ervoor de waarde van de valutareserves van DNB (waarvan het merendeel in dollars) met 154 miljoen gulden afnam.

De afname van de vorderingen in vreemde valuta bedroeg echter meer dan 154 miljoen gulden. Dit is her gevolg van trekkingen van IMF-landen op het IMF ter grootte van 73 miljoen gulden. Net als een week geleden, hadden deze landen blijkbaar vreemde valuta nodig, waardoor de totale vordering in vreemde valuta afnam met 257 miljoen gulden.

Bron: ING Economisch Bureau