Kritiek op Huibregtsen; Kamerdebat over functie prins bij IOC

DEN HAAG, 11 FEBR. De Tweede Kamer wil van het kabinet weten hoe het denkt over de rol van kroonprins Willem-Alexander in het Internationaal Olympisch Comité (IOC). De fractie van SP heeft hierover vragen gesteld.

Diverse fracties in de Kamer vragen zich af hoe de prins zal omgaan met politiek gevoelige zaken binnen het IOC en hoe premier Kok en staatssecretaris Terpstra (Sport) de ministeriële verantwoordelijkheid daarvoor denken in te vullen.

Naar aanleiding van alle commotie, gisteren, over de uitspraken van NOC*NSF-voorzitter Huibregtsen die zware kritiek leverde op de benoeming van de kroonprins in het IOC, zegt PvdA-Kamerlid Rehwinkel “in alle rust” met het kabinet van gedachten te willen wisselen over de rol van Willem-Alexander in het IOC. “Er is al gezegd dat dat een terughoudende rol zal zijn. Maar de vraag is in hoeverre dat kan. Er zitten zekere risico's aan de benoeming, want er spelen natuurlijk allerlei kwesties van internationale politiek. Het is goed om over de rol van de kroonprins bij voorbaat duidelijkheid te hebben.” Die duidelijkheid zou het kabinet na de winterspelen in Nagano in de vorm van een brief of in een vorm van een debat met de Kamer kunnen geven, aldus Rehwinkel.

SP-fractievoorzitter Marijnissen heeft gisteren schriftelijke vragen aan premier Kok gesteld over de invulling van de ministeriële verantwoordelijkheid. Hij vraagt zich af of Kok na alle ophef van dinsdag nog steeds vindt dat de kroonprins goed als IOC-lid kan functioneren. De VVD-er Rijpstra ging niet zover. Hij bracht vooral de toekomst van Huibregtsen ter sprake. “Het beeld over hem is negatief”, aldus Rijpstra. “Meerdere bronnen melden zijn kritiek. Ik hoop dat hij die volledig kan ontzenuwen. Hij zal een goed verhaal moeten hebben.” De fracties van D66 en het CDA willen voorlopig niet reageren.

PvdA-sportspecialiste Sterk, ziet wat betreft de ministeriële verantwoordelijkheid “geen enkel probleem”. “Natuurlijk moet de kroonprins ruggespraak houden met het kabinet over gevoelige kwesties, maar dat spreekt toch vanzelf?” Sterk juicht de benoeming van de prins in het IOC toe. Zij zegt het “buitengewoon flauw van Huibregtsen” te vinden dat hij zich beroept op een afspraak uit 1994 dat de kroonprins zich als beschermheer van NOC*NSF niet voor het IOC zou kandideren.

Het openbaar ministerie ziet af van strafvorderlijke maatregelen tegen Huibregtsen, zo meldt een woordvoerder van het OM. Volgens de Volkskrant gisteren, zou de NOC*NSF-voorzitter de kroonprins een 'judas' hebben genoemd. Als dat waar is, heeft Huibregtsen zich schuldig gemaakt aan belediging van de troonopvolger, hetgeen in Nederland strafbaar is. Artikel 112 van het wetboek van strafrecht stelt “opzettelijke belediging van de vermoedelijke opvolger van de Koning” strafbaar met gevangenisstraf van ten hoogste vier jaar of een boete van 25.000 gulden.

Uit cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek blijkt dat in de periode 1980-1994 61 keer een klacht is indiend wegens majesteitsschennis, dit naar aanleiding van als stuitend ervaren opmerkingen in de media over het koningshuis. Zes keer kwam het tot een veroordeling en in 55 gevallen seponeerde het OM de klacht.

Volgens de OM-woordvoerder is tussen 1994 en 1996 één maal een klacht binnengekomen over een belediging van een lid van het koninklijk huis.