Irak en Saddam (1)

Het hoofdartikel 'Omstreden Curatele' (3 februari) - eindigde met een opmerking waardoor het artikel praktisch geheel werd ondergraven. Jammer, want er werden wel degelijk rake typeringen van personen en zaken geventileerd. Maar wat te denken van de zin “In 1991 heeft de internationale gemeenschap [...] kans [... ]aan verschijnsel Saddam een eind te maken, voorbij laten gaan?” (mijn cursivering en inkortingen).

Wie enig oog heeft voor de ontwikkelingen in het Midden-Oosten, kan zien dat het alleen de Verenigde Staten van Amerika zijn die daar de lakens (willen) uitdelen. Zij leggen de internationale gemeenschap hun wil op, zodat het onzin is te beweren dat die gemeenschap een kans op de verwijdering van Saddam heeft laten lopen. De achterliggende gronden voor de opmerkelijke houding van de VS - William Cohen: 'Amerikaans militair optreden niét gericht op afzetten van Saddam' - liggen iets minder duidelijk. Dat is niet toevallig. Naast indirecte economische VS-belangen bij handhaving van het embargo tegen Irak, is daar het Israelische belang. In genoemd hoofdartikel wordt Israel eenmaal genoemd, notabene in een adem met Saoedi-Arabië.

Ook eind '90 en begin '91 werd Israel angstvallig buiten beeld gehouden. Toch kwam na Desert Storm 'Madrid' op gang; een vredesproces dat sindsdien volledig desolaat is.

Amerika wil veel te graag de waakhond van de wereld zijn, speciaal als Israelische belangen meespelen. Was het maar waar dat de internationale gemeenschap - de VN - de vinger achter die bedenkelijke coalitie kon krijgen. Met erkenning en met toepassen van de Palestijnse rechten zouden Arabische bezwaren tegen de verwijdering van Saddam als sneeuw voor de zon verdwijnen.