Huibregtsen: dit zijn leugens

NAGANO, 10 FEBR. Wouter Huibregtsen, de voorzitter van NOC*NSF, heeft vanmorgen in Nagano verklaard dat hij “diep geschokt” is door de teneur en de inhoud van een artikel in de Volkskrant. Huibregtsen haalt daarin in ongemeen felle bewoordingen uit naar kroonprins Willem-Alexander, die vorige week als IOC-lid werd benoemd. Hij zegt dat hij geen interview heeft gehad met een journalist van de krant.

Volgens de voorzitter van NOC*NSF, die ook zichzelf met vijf andere Nederlanders kandidaat stelde voor het IOC-lidmaatschap, heeft hij zich niet in een negatieve terminologie uitgelaten over de prins. “Ik heb woorden als judas of lafaard niet in de mond genomen. Ik distantieer me volstrekt van de teneur en de inhoud van het artikel. Ik heb geen interview gehad met de journalist, wel heb ik met hem gesproken. De suggestie wordt gewekt dat ik off the record dingen tegen hem heb gezegd. Maar dat is beslist niet zo”, zei Huibregtsen.

Of de vraag of de journalist liegt, antwoordde Huibregtsen: “Helaas moet ik dat concluderen. Ik heb de journalist bijna vijftien minuten geleden opgebeld dat ik totaal verrast was door het artikel. En dat ik absoluut niet begrijp waar hij dit vandaan haalt. Ik heb dit nooit gezegd, ook niet tegen een vriend.” Hij zei dat hij vanavond een gesprek heeft met de prins om dit probleem uit te praten. “We moeten zoeken naar een constructieve oplossing.”

Huibregtsen, die al een eerder stadium overwoog als voorzitter op te stappen, wil nog niet praten over een terugtreden. “Het gaat niet alleen om de steun van de prins, maar om als voorzitter te kunnen functioneren heb ik brede steun nodig van de sportbonden. Als ik dat niet krijg, heeft het geen zin om aan te blijven. Ik ben een dienaar van de sport. Zonder de steun kan ik niet verder.” Over een rectificatie wil hij zich nog beraden met andere bestuursleden van NOC*NSF.

Hij zei dat hij zich in de afgelopen dagen wel in “informele kring” heeft uitgelaten over de benoeming van de prins in het IOC. “Het gaat mij om drie punten. Als eerste ben ik verrast door de benoeming. Omdat hij in een eerder stadium in 1994, toen hij werd voorgedragen als beschermheer van NOC*NSF, heeft verklaard geen ambities zou hebben om IOC-lid te worden. Ten tweede ben ik teleurgesteld dat ik geen voorinformatie heb gehad over de benoeming van de prins. Pas bij aankomst en pas nadat hij was benoemd heb ik ervan vernomen. Ik mag toch verwachten dat ik als voorzitter van NOC*NSF moet worden gekend in de benoeming van een beschermheer van NOC*NSF in het IOC. Ten derde ben ik het oneens met de beslissing van de overheid dat de prins als IOC-lid geen inhoudelijke rol in NOC*NSF mag hebben.”

Vanavond wil Huibregtsen met de prins overleggen over zijn functie als IOC-lid. “Ik wil voorkomen dat hij alleen een symbolische rol heeft. Hij moet een substantiële en inhoudelijke bijdrage leveren aan de sport.” Dat Huibregtsen misschien in zijn teleurstelling negatieve uitlatingen over de prins en de andere vijf IOC-kandidaten heeft gedaan, ontkent hij. “Ik ben wel eens meer teleurgesteld geweest. Dat de prins is benoemd, is niet mijn verantwoordelijkheid. Dat is die van Samaranch. Ik ben nu diep geschokt. Ik betreur het ten zeerste dat onze prins is blootgesteld aan deze berichtgeving. Dat zal ik hem vanavond ook zeggen.”