Beperking in kredietverlening remt economisch herstel via export; 'Goede leerling' Thailand is voorlopig nog niet uit de crisis

Thailand was het eerste Aziatische land waar de crisis vorig jaar toesloeg. Een delegatie van het IMF overlegt deze week over het uitkeren van een volgende tranche van het noodpakket van ruim 17 miljard dollar. Een tussenbalans.

BANGKOK, 10 FEBR. Bangkok is eindelijk weer eens in de ban van goed nieuws. Zeven maanden nadat de devaluatie van de Thaise baht de crisis in Azië inluidde, wint de munt weer voorzichtig aan waarde. Twee weken geleden kostte een Amerikaanse dollar nog 55 baht, nu schommelt de koers rond 48 baht. Ook op de effectenbeurs is de stemming goed. De koersindex in Bangkok is sinds het begin van dit jaar al bijna vijftig procent gestegen.

Dat zijn gunstige ontwikkelingen voor een land dat binnenkort een belangrijk rapportcijfer krijgt uitgedeeld van het Internationaal Monetair Fonds (IMF). Medewerkers van het fonds zijn in Bangkok om te bekijken wat de Thaise autoriteiten hebben gedaan sinds in augustus vorig jaar onder leiding van het IMF een reddingsplan tot stand kwam ter waarde van 17,2 miljard dollar. In maart zal het IMF de derde tranche van dit bedrag ter beschikking stellen, maar voor het zo ver is voert het fonds een review uit.

Voorafgaand aan het IMF-bezoek aan Thailand was Wereldbankpresident James Wolfensohn twee dagen in Bangkok. De Wereldbank betaalde 1,5 miljard mee aan het pakket voor Thailand. Wolfensohn voerde overleg over een beoogde lening van de Wereldbank ter waarde van circa 300 miljoen dollar. Die zou moeten dienen als sociaal vangnet voor het groeiend aantal werklozen, dat inmiddels met ruim 800.000 is gestegen.

De Wereldbank is met name bezorgd over de sociale problemen op het Thaise platteland. Als gevolg van de crisis keren steeds meer werkloze Thais terug van de stad naar hun familie op het platteland, waar zij een moeilijk bestaan tegemoetgaan. “Het zijn niet zozeer de mensen in de financiële wereld in Thailand, maar veeleer de miljoenen Thais die net boven de armoedegrens leven, die deze crisis voelen”, meent Wolfensohn.

Tijdens zijn bezoek prees de Wereldbankpresident het economische team van de nieuwe regering van premier Chuan Leekpai, die eind vorig jaar aan de macht kwam. “Ik heb er vertrouwen in dat deze regering dit land weer op het goede spoor zet”, zei Wolfensohn. Dat was directe lof voor de Thaise minister van Financiën, Tarrin Nimmanhaeminda, en zijn ploeg. Tarrin keerde kort voor het bezoek van Wolfensohn terug uit Washington. Zijn reis naar de VS was, zo onderstreepte de minister deze week nog eens, geen bedelmissie geweest maar had vooral tot doel het internationale vertrouwen in Thailand terug te winnen.

De woorden van Wolfensohn en de uitspraken van Amerikaanse diplomaten onderstrepen dat de missie van Tarrin is geslaagd. De Amerikanen beschouwen Thailand als een goede leerling van het IMF, en het Amerikaanse vertrouwen voedt het internationale gevoel dat het land op de goede weg terug is.

De Thaise financiële wereld, die aan de basis stond van de economische misère door kredieten te verstrekken die al spoedig 'slechte leningen' bleken te zijn, is vorig najaar stevig gesaneerd. Van de 95 financieringsfirma's (een soort kleine banken) hebben er 56 voorgoed hun deuren moeten sluiten. Hierdoor raakten 30.000 mensen hun baan kwijt. Het tekort op de lopende rekening van de betalingsbalans, dat in juli vorig jaar nog 7,9 procent bedroeg van het bruto binnenlands product, is sterk teruggebracht. De eis van het IMF was 3,5 procent, waarschijnlijk komt Thailand over 1997 uit op 2,1 procent.

Prachtige cijfers, zeggen analisten en bankiers, maar nog geen reden voor al te veel optimisme. “Ik geloof niet dat we de bodem in de Thaise markt hebben gezien”, zegt Jan Cherim, directeur van ING Barings in Bangkok. “Dit is een valse bodem. Er is nog onvoldoende fundamentele economische onderbouwing van dit herstel in de markt.”

Een blik op de Thaise financiële wereld toont aan dat de Thaise regering inderdaad nog een aantal structurele problemen moet oplossen voordat sprake is van gezond economisch herstel. Zo is het nog volstrekt onduidelijk wat de autoriteiten zullen doen met de 56 nu gesloten financieringsmaatschappijen. Volgens analisten is ernstig onderschat hoe belangrijk de rol was die deze maatschappijen speelden bij de kredietverstrekking voor het Thaise bedrijfsleven. Toen de grote Thaise banken geen kredieten beschikbaar wilden stellen, stapten veel middelgrote Thaise bedrijven en projectontwikkelaars over naar deze financieringsmaatschappijen.

“Zij vormden de olie van de Thaise economie met hun kredietverstrekking”, meent een Europese bankier. “Natuurlijk zaten er rotte appels onder die maatschappijen, maar de beslissing ze vrijwel allemaal in één klap te sluiten is een paniekreactie geweest. Daardoor is ook een aantal goede financieringsmaatschappijen getroffen en indirect dus ook het Thaise bedrijfsleven.”

Ook in de Thaise bankwereld worstelt de regering nog met grote problemen. Zo is de liquiditeitspositie van vrijwel alle Thaise banken uitermate slecht. Als gevolg daarvan is het kredietbeleid in Thailand zeer restrictief op dit moment. Vrijwel geen enkel Thais bedrijf krijgt nog grote kredieten verstrekt, waardoor de kansen om de nationale economie een duw in de goede richting te geven door de relatief goedkope Thaise baht uit te buiten via massale export amper kunnen worden benut.

Op papier verschaft deze situatie alle kans voor de buitenlandse banken die in Thailand actief zijn. Maar ook zij houden zich opvallend gedeisd. In veel gevallen mogen zij zelfs geen enkel krediet meer verstrekken van hun aandeelhouders en toezichthouders in het thuisland. Japanse, Amerikaanse, Franse en vooral ook Duitse banken zitten met miljarden aan moeilijk inbare leningen in Thailand. Dat heeft ervoor gezorgd dat de monetaire autoriteiten in deze en veel andere Westerse landen hun banken voorlopig geen enkel risico willen laten nemen in Thailand.

In dit licht bezien is het niet zo verrassend dat het tekort op de lopende rekening van de betalingsbalans van het land zo sterk is teruggelopen. De daling is veeleer te danken aan lagere importen dan aan hogere exporten. Thailand heeft op dit moment een groot gebrek aan activa en financiële middelen. De banksector kan nauwelijks kredieten verstrekken die voor veel bedrijven noodzakelijk zijn om spullen te importeren. Om die reden ligt bijvoorbeeld een groot deel van de Thaise bouw volledig stil.

Sommige economen en bankiers in Bangkok wijten het gebrek aan kredietfaciliteiten in Thailand aan de strenge eisen van het IMF. Ook hier valt de kritiek te beluisteren die het fonds eerder kreeg voor zijn optreden in de Aziatische crisis: de uitgangspunten van het IMF zouden te weinig toegespitst zijn op de specifieke situatie in een land. “Voor het IMF is het vandaag Kazachstan, morgen Thailand en overmorgen Indonesië. Maar de verschillen tussen Thailand en Indonesië zijn veel groter dan menig buitenstaander denkt. Daarom moet je voor elk land een aangepast medicijn ontwikkelen en niet iedereen hetzelfde voorschrijven”, zegt een Europese bankier in Bangkok.

Maar naast kritische kanttekeningen bij de aanpak van het IMF leeft in financieel Bangkok ook de gedachte dat de Thaise overheid zelf haar beleid op een aantal punten nog ernstig moet aanpassen. Minister Tarrin gaf na het bezoek van Wolfensohn al toe dat sanering van de financieel-economische sector de hoogste prioriteit heeft. De Thaise financiële sector zal verder opengesteld worden, onder meer door de mogelijkheid voor buitenlandse banken en bedrijven om de komende tien jaar hun belang in een Thaise bank uit te breiden tot 100 procent.